日蘭辭典+

13 resultaten voor ‘onrijp’
日蘭辭典 (trefwoord)
aoi青い
bn. blauw; groen; bleek (蒼白); (未熟) onrijp; groen.
seikō生硬
zn. ruwe toestand m.; onrijpheid v. ¶ 生硬なる ruw; onrijp.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <onrijp>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
乳臭いchichikusai (1) melkachtig; de geur van melk hebbend; (2) groen; onrijp; onervaren; onvolwassen; kinderlijk; kinderachtig; infantiel; pas uit de dop; pas komen kijken; halfrijp; halfwas; nog niet droog achter de oren; nog nat achter de oren
半生hannama (1) lang houdbare zoetigheden; (2) halfrauw; halfgaar; niet goed doorbakken; (3) lang houdbaar; (4) [fig.] ondoordacht; onrijp; oppervlakkig
幼いosanai (1) zeer jong; jeugdig; kinderlijk; juveniel; (2) kinderachtig; onnozel; immatuur; onrijp; naïef; onschuldig; groen achter de oren; onervaren
幼稚youchi (1) kindsheid; vroege leeftijd; kinderjaren; kinderschoenen; (2) kinderlijkheid; infantiliteit; kinderachtigheid; (1) immatuur; onrijp; onvolwassen; groen; onvolgroeid; halfrijp; (2) infantiel; kinderachtig; pueriel; kinderlijk
幼稚なyouchina (1) immatuur; onrijp; onvolwassen; groen; onvolgroeid; halfrijp; (2) infantiel; kinderachtig; pueriel; kinderlijk
未熟なmijukuna (1) onrijp; groen; (2) onvolwassen; onvolgroeid; onvoldragen; immatuur; (3) [fig.] groen; onervaren; ongeoefend
nama (1) lef; brutaliteit; vrijpostigheid; onbeschaamdheid; insolentie; schaamteloosheid; impertinentie [verkorting van namaiki 生意気]; (2) tapbier; tappils; bier van het vat; bier uit de tap [verkorting van namabīru 生ビール]; (3) contanten; klinkende munt; contant geld; baar geld; gereed geld; gerede penningen [verkorting van gennama 現生]; (4) rauw; ongekookt; (au) naturel; ongebakken; onbereid; niet gaar; [m.n. van brandhout] groen; [m.n. van uitzending; optreden] live; [m.n. van manuscript] origineel; [m.n. van grondstof] onbewerkt; ruw; ongeraffineerd; [van mening] spontaan; [van informatie] eerstehands; (5) groen; onrijp; onervaren; onbedreven; ongeoefend; primitief; (6) half-; would-be ~ [prefix voor yōgen; ren'yōkei-vormen en meishi]
若いwakai (1) jong; jeugdig; juveniel; (2) pril; immatuur; onvolgroeid; onrijp; ongerijpt; onvolwassen; groen; (3) jong uitziend; fris; (4) [m.b.t. getallen] klein; gering; laag
青いaoi (1) blauw; (2) groen; (3) bleek; witjes; (4) onrijp; groen; (5) onervaren; onbedreven; beginnend
青臭いaokusai (1) grasgeurig; als gras geurend; (2) groen achter z'n oren; onervaren; onrijp; onvolgroeid
ao (1) blauw [= de kleur █]; (2) groen [= de kleur █]; (3) [dierk.] zwarte vachtkleur van een paard; [meton.] zwart paard; moorpaard; moor; (4) [boekdr.] aohon [= naar de oorspr. lichtgroene omslag genoemde boekenreeks binnen het kusazōshi 草双紙-genre; geschreven voor een jong leespubliek; gepubl. te Edo tussen 1745-1774]; (5) aosen [= oud bronzen muntstuk van 4 mon 文]; (6) ao [= pop die de hoofdrol speelt in het noroma-poppenspel]; (7) [dierk.] soort van paling met blauwige rug; (8) [kaartsp.] ao [= naam van een van de kleuren en figuren in het Tenshō-karuta 天正カルタ kaartspel]; (9) [kaartsp.] ao [= naam van elk van de drie vijfpuntenkaarten in het hanafuda-kaartspel; voorgesteld door een blauwe papierstrook over een patroon van resp. boompioenen; chrysanten en esdoornbladeren]; [meton.] stel van drie ao-kaarten; (10) [verkeers.] groen licht; (11) [verkeers.] voorlaatste tram; voorlaatste trein; (12) groen; onervaren; ongeoefend; onrijp
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.59 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 11 treffers (zoekopdracht: 'onrijp', strategie: exact). 
2005-2021