Japans-Nederlands woordenboek van Peter Adriaan van de Stadt

日蘭辭典 Nichi-Ran jiten, 1934

grumpy himself Japans-Nederlands woordenboek, Nichi-Ran jiten, 1934
Home Help JPEG versie Laatste toevoegingen Maak woordenlijsten
2 resultaten voor ‘東京’.
TREFWOORDEN
hōmen方面
zn. (1) [方向、側] richting v.; zijde v.; kant m. (2) [見地] oogpunt o. ¶ 各方面より van alle kanten. ¶ 問題のすべての方面を硏究する een kwestie van alle zijden bezien. 東京方面in de richting van Tokyo. ¶ 教育の方面より見れば uit een opvoedkundig oogpunt. ¶ 此の方面は不案内でず ik ben in deze buurt niet bekend.
de
vz. (1) [時間場合] in; over; op. (2) [場所場合] in; op; te. (3) [手段の場合] door; door middel van; per; met. (4) [年齡の場合] op. (5) [材料の場合] van. (6) [乘物の場合] per; met. (7) [價格の場合] voor; tegen. (8) [原因場合] door; in verband met; naar aanleiding van; wegens. (9) [用語の場合] in. ¶ 一箇月で出來ます het is over een maand klaar. ¶ 銀座で逢ふ in de Ginza elkaar ontmoeten. ¶ 東京in Tokyo. ¶ バタビヤで op Batavia. ¶ の前で voor. ¶ の外で buiten. ¶ ひきで door protectie. ¶ 手紙per brief. ¶ 時間で借りる per uur huren. ¶ 斤で賣る per pond verkoopen. ¶ 廿歳で op zijn twintigste jaar. ¶ 木で作る van hout maken. ¶ 汽車per spoor; met den trein. ¶ 一圓で賣る voor een yen verkoopen. tegen een yen verkoopen. ¶ 氣で缺席する wegens ziekte afwezig zijn. ¶ 肺病で死ぬ aan tering sterven. ¶ 蘭語in het Hollandsch.