日蘭辭典+

51 resultaten voor 「花」
日蘭辭典 (titelwoord)
hana
zn. (1) [植物の] bloem v.; bloesem v. (2) [骨牌] speelkaarten v.mv. (3) [儀] fooi v.; gratificatie v. (4) [精華] bloem v.; de trots v.; de keur v. ¶ が咲く bloeien; bloesems dragen. ¶ を摘む bloemen plukken. ¶ を手折る bloem afplukken; een vrouw bezitten (女を). ¶ 引く kaart spelen. ¶ 軍隊中の keur der troepen. ¶ 國民の de bloem van de natie. ¶ を咲かす furore maken; opgang maken. ¶ 言はぬが het is beter er niet over te spreken. ¶ ある言葉 bloemrijke taal.
日蘭辭典 (trefwoord)
fusa房、總
zn. (1) [の] tros. (2) [髮の總] lok v. (3) [の] franje v.; kwast m.
azayaka na鮮な

(鮮やかな) bn. helder; duidelijk; klaar; schitterend; versch; frisch. ¶ 鮮な記憶 versche herinnering. ¶ 鮮な手蹟 schitterend schrift. ¶ 鮮な frissche (kleurige) bloemen. ¶ 鮮な勝利 schitterende overwinnering.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <花>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
花やかhanayaka prachtig; feestelijk; schitterend; [m.b.t. stijl; taal] bloemrijk; zwierig
花より団子hanayoridango ± praatjes vullen geen gaatjes
花ガルタhanagaruta bloemenkaarten [Japans kaartspel gespeeld met 48 kaarten waarop symbolische voorstellingen van bloemen en gewassen afgebeeld staan]
花一匁hanaichimonme hana-ichimonme [= Japans kinderspel met twee ploegen waaruit twee leden steen-papier-schaar spelen; zodanig dat de verliezer naar de tegenpartij overgaat]
花器kaki bloemenvaas; vaas; bloemenschaal; bloemenmand
花園kaen bloementuin; bloesemgaard
花園hanazono (1) bloementuin; bloesemgaard; (2) Hanazono
花壇kadan bloembed; bloemperk; tuinbed; hofbed; [gew.] park
花婿hanamuko bruidegom; bruigom; ondertrouwde
花嫁hanayome bruid; [bij joden; volkst.] kalle
花嫁道具一式hanayomedouguisshiki trousseau; uitzet van een bruid
花子kashi (1) bedelaar; (2) pop
花子hanago Hanago [= titel van een kyōgen-stuk]
花屋 ; 華屋hanaya (1) bloemist; bloemenhandelaar; bloemkweker; florist; bloemenman; (2) bloemenwinkel; bloemisterij; bloemenhandel; bloemkwekerij
花崗岩kakougan [geol.] graniet; granietsteen
花巻hanamaki Hanamaki
花弁kaben [plantk.] bloemblad; bloemblaadje; kroonblad; petaal; [Lat.] petala
花弁 ; 花びら ; 花瓣 ; 花片 ; 葩 ; 花平hanabira [plantk.] bloemblad; bloemblaadje; kroonblad; petaal; [Lat.] petala
花形kakei (1) [plantk.] bloemkroonvorm; (2) [bloemschikkunst] schikvorm
花形hanagata (1) bloemvorm; bloemmotief; bloemendessin; bloemenpatroon; [i.h.b.] kersenbloesemvorm; (2) ster; coryfee
花月kagetsu (1) bloemen en maan; (2) natuurschoon
花月hanazuki bloemenmaand; floréal; bloeimaand
花札hanafuda bloemenkaarten [Japans kaartspel gespeeld met 48 kaarten waarop symbolische voorstellingen van bloemen en gewassen afgebeeld staan]
花束hanataba bos bloemen; ruiker; boeket; bloementuil; bloemtuil; tuil; [胸につける] corsage
花柄kahei [plantk.] bloemsteel; pedunculus
花柄hanagara bloemdessin; bloemendessin; bloemetjesdessin; gebloemd dessin; bloempatroon; bloemenpatroon; bloemetjespatroon; bloemmotief; floraal motief
花柳流hanayagiryuu Hanayagi-school [bep. stijl binnen de traditionele Japanse dans]
花柳街karyuugai (1) uitgaansbuurt; uitgaanscentrum; plezierwijk; (2) [i.h.b.] rosse buurt; bordelenwijk; prostitutiewijk
花柳karyuu (1) rode bloemen en groene wilgen; [meton.] prachtig mooie dingen; (2) prostituee; geisha
花柳hanayagi (1) Hanayagi-butoh; (2) Hanayagi
花柳hanayanagi [m.b.t. kimono-drapering] hanayanagi-kleurschakering
花椰菜 ; 花野菜 ; ハナヤサイhanayasai [plantk.] bloemkool
花火 ; 煙火hanabi vuurwerk
花独活hanaudo [plantk.] Japanse berenklauw; Heracleum lanatum subsp. moellendorffii; Heracleum nipponicum
花王kaou [plantk.] boompioen; heesterpioen; Paeonia suffruticosa
花瓶kabin bloemenvaas; vaas; pul
花生けhanaike (1) het bloemschikken; bloemenschikken; beoefening van ikebana; (2) bloemenvaas; vaas
花盛りhanazakari op z'n best; mooist; in volle bloei; op het hoogtepunt van; rijk in bloei; in de kracht van z'n leven; jeugd; in de bloei van haar leven; in de bloei van zijn jaren; in haar lente; in de lente van haar leven; bloeiperiode van de jeugd; [fig.] het waas van de jeugd
花籠hanakago bloemenmand
花粉kafun [plantk.] pollen; stuifmeel
花茗荷 ; ハナミョウガhanamyouga (1) gemberbloesem; (2) [plantk.] Alpinia japonica
花見hanami (1) bezichtiging van kersenbloesems; (2) bloesemtochtje; picknick onder de kersenbloesems
花車kyashya (1) rank; slank en fijngebouwd; gracieus; (2) fragiel; gammel; (3) prachtig; schitterend; beeldig
花輪 ; 花環hanawa bloemkrans; bloemenkrans; guirlande; [m.b.t. Hawaï] lei
花道hanamichi (1) [m.b.t. kabuki] verhoogd gangpad dat tussen blokken zitplaatsen heen het toneel met de binnencoulissen verbindt; (2) [sumojargon] corridor naar de ring; (3) [fig.] hoogtepunt; finest hour
花鳥画kachouga schilderstuk; schilderij van vogels en bloemen; genre in de Aziatische schilderkunst dat vogels en bloemen tot onderwerp heeft
ka (a) bloem; bloesem; (b) prachtig; (c) rosse buurt
花 ; 華hana (1) bloem; bloesem; [fig.] blom; [uitdr.] Flora's kinderen; (2) kersenbloesem; (3) fleur; het beste (in zijn soort); keur; puik; crème de la crème; het neusje van de zalm; je van het; [fig.] koningin [bv. van het bal enz.]; (4) [fig.] ziel; wezen; essentie; kwintessens; (5) [fig.] (vergankelijke) schoonheid; schijn; (6) fooi (voor geisha); douceur; (7) ikebana; bloemsierkunst; (8) speelkaart (met bloemmotief); figuurkaart; [meton.] plaatje
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.26 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 48 treffers (zoekopdracht: '花', strategie: exact). 
2005-2022