日蘭辭典+

50 resultaten voor 「道」
日蘭辭典 (titelwoord)
michi道、路
zn. (1) [道路] weg m. (2) [方法] middel o.; uitweg m.; methode v. (3) [道程] afstand m. (4) [道德] zedelijk beginsel o.; de rechte weg. ¶ 道で onderweg. ¶ に途がない geen andere keuze hebben; er niets anders op weten. ¶ 道に從ふ het rechte pad volgen; de deugd betrachten. ¶ 道を教へる den weg wijzen. ¶ 途を拓く een weg banen. ¶ 其の道の者 een man van het vak; een deskundige; een specialiteit. ¶ 道ならぬ onzedelijk. ¶ 道案内 gids. ¶ 路傍に langs den weg.
日蘭辭典 (trefwoord)
yuku行く
(iku) i.w. (1) [赴く] gaan; zich begeven naar. (2) [逝く] sterven. (3) [步く] wandelen; loopen. ¶ 外國行く naar het buitenland gaan. ¶ 行け ga weg! ¶ と一緖行く vergezellen; meegaan met. ¶ 本通を行く de hoofdstraat volgen. ¶ 同じ行く denzelfden weg gaan.
kitanai汚い
bn. (1) [不潔] vuil; vies; smerig. (2) [吝嗇] min; gierig. (3) [卑猥な] vuil; schuin; onfatsoenlijk. (4) [卑怯] laf. ¶ 汚い smerige straat. ¶ 汚い vuile praatjes. ¶ 汚くする bevuilen; vuil maken.
sorezore夫々
(それぞれ、夫れ夫れ、各々、其れ其れ、其々) bw. respectievelijk; elk voor zich; afzonderlijk. ¶ 夫々の verschillend; onderscheiden. ¶ 彼等は夫々のを行った elk ging zijns weegs; zij gingen ieder een eigen kant uit.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <道>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
道中記douchuuki (1) reisdagboek; reisverslag; (2) reisgids
道中douchuu (1) op reis; onderweg; op weg; op pad; en route; (2) courtisane-processie
道中michinaka (1) op straat; op de weg; (2) op reis; onderweg; op weg; op pad; en route
道具dougu (1) werktuig; gereedschap; instrument; [form.] utensiliën; gerei; gerief; [m.b.t. sportlui] uitrusting; tuig; (2) gelaatstrekken; trekken; (3) rekwisiet; attribuut; decorstuk; accessoires; parafernalia; toebehoren; (4) [fig.] werktuig; hulpmiddel; instrument; vehikel; medium
道具教科dougukyouka [onderw.] tool subject
道具箱dougubako gereedschapskist; gereedschapsdoos; gereedschapsbak; timmerdoos; timmerkist
道具置き場douguokiba gereedschapsschuurtje; gereedschapsberging
道化 ; 道外douke (1) clownerie; grappenmakerij; potsenmakerij; piasserij; harlekinade; farce; malligheid; boert; (2) clown; farceur; grappenmaker; nar; schertser; (3) [kabuki] clown-rol
道化師 ; 道外師doukeshi (1) clown; grappenmaker; grapjas; komiek; potsenmaker; hansworst; paljas; zot; (2) I Pagliacci [De clowns; opera (1892) van Leoncavallo; 1857; 58-1919]
道場doujou (1) [武術の] dojo; [i.h.a.] oefenzaal; oefenruimte; exercitieruimte; (2) [boeddh.] bodhimaṇḍa [= plek waar Boeddha de verlichting bereikte]; (3) [boeddh.] bodhimaṇḍa [= op de verlichting gerichte houding en praktijken]; (4) [boeddh.] bodhimaṇḍa [= tempel]; (5) [shinshū-boeddh.] bodhimaṇḍa [= congregatieplaats; bezinningsplaats; bedeplaats; gebedsplaats; meditatieruimte; catechiseerplaats]; (6) [boeddh.] bodhimaṇḍa [= kapelletje voor een boeddhabeeld]
道庁douchou autoriteiten; bestuur; overheid; bureau van de eilandprefectuur Hokkaidō; prefectuurhuis van Hokkaidō; prefecturaal administratief centrum van Hokkaidō; gouvernement van Hokkaidō
道徳doutoku zeden; manieren; normen; moraal; zedelijkheid; moraliteit
道徳劇doutokugeki [letterk.] moraliteit; zinnespel; spel van zinne
道徳哲学doutokutetsugaku [fil.] moraalfilosofie; ethiek
道徳律doutokuritsu zedenwet; morele wet; zedelijk; moreel recht
道徳性doutokusei moraliteit; zedelijkheid; deugdzaamheid
道徳意識doutokuishiki zedelijk bewustzijn
道徳感覚doutokukankaku moreel besef; moraal
道徳的doutokuteki ethisch; moreel; zedelijk
道徳的証明doutokutekishyoumei [fil.] moreel bewijs
道徳社会学doutokushyakaigaku moraalsociologie
道徳科学doutokukagaku zedenkunde; science des mœurs
道教doukyou taoïsme; [w.g.] tauïsme
道標douhyou wegwijzer; handwijzer
道標michishirube (1) wegwijzer; handwijzer; (2) [fig.] wegwijzer; leidraad; gids
道民doumin inwoner(s); bevolking van Hokkaidō
道理douri (1) rede; logica; gezond verstand; (2) recht; redelijkheid; billijkheid; (3) rechtvaardigheid; gerechtigheid; gerechtvaardigdheid; (4) waarheid
道理でdouride begrijpelijkerwijs; logischerwijs; logischerwijze; terecht; natuurlijk; uiteraard; inderdaad; geen wonder dat …; vandaar dat …; het is helemaal niet gek dat …; nogal wiedes dat …
道知事douchiji gouverneur van de eilandprefectuur Hokkaidō; gouverneur; prefect van Hokkaidō
道祖神dousojin (1) grensgod; terminusgod; ± herme; (2) beschermgod van reizigers en kinderen; (3) god die de ingang van de onderwereld bewaakt; psychopompos
道端michibata kant van de weg; berm
道筋michisuji (1) weg; pad; (2) route; baan; traject; (3) rede; logica
道義学dougigaku [fil.] moraalfilosofie; moraaltheorie; ethiek; zedenleer
道草michikusa (1) bermgras; (2) getalm; gelummel; lanterfanterij; getreuzel onderweg; (3) Michikusa [= roman (1915) van Natsume Sōseki]
道路douro weg; straat; straatweg; baan
道路工事dourokouji wegenaanleg; wegenbouw; wegwerkzaamheden
道路建設dourokensetsu wegenaanleg; wegenbouw
道路標示dourohyouji wegmarkering; op de rijbaan aangebracht verkeersteken
道路標識dourohyoushiki verkeersbord; verkeersteken
道路清掃車douroseisoushya straatveegmachine; veegmachine; rolveegmachine; straatveger
道路税dourozei wegenbelasting; weggeld
道路輸送douroyusou wegtransport; wegvervoer; vervoer over de weg
道路運送dourounsou wegtransport; wegvervoer; vervoer over de weg
道順michijun route; weg; reisroute
dou (1) [Jap.gesch.] dō; gewest; gouw; circuit; kreits [= één van de zeven districten waarin Japan tijdens het Ritsuryō-regime verdeeld was]; (2) de eilandprefectuur Hokkaidō
道 ; 路 ; 途 ; 径michi (1) weg; baan; route; straat; (2) reis; reisroute; koers; tocht; (3) zeden; juist gedrag; ware pad; pad der deugd; plicht; gerechtigheid; (4) leer; juiste weg [van het boeddhistische geloof enz.]; (5) methode; middel; stap; uitweg; manier; kunst; (6) onderwerp; materie; terrein; branche; vakgebied; (7) loop; gang; proces
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.27 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 46 treffers (zoekopdracht: '道', strategie: exact). 
2005-2022