日蘭辭典+

23 resultaten voor ‘aanvoerder’
日蘭辭典 (trefwoord)
atama
zn. (1) [頭] hoofd o.; kop m. (2) [頭腦] hersens m. (3) [頭初] begin o. (4) [首領] hoofd o.; aanvoerder m. ¶ 頭の天邊から足の爪迄 van top teen. ¶ 頭をはねる commissie nemen op loon, dat men uitbetaalt. ¶ 頭を痛める zich het hoofd breken; zich ongerust maken. ¶ 頭を刈って貰ふ zijn haar laten knippen. ¶ 頭を上げる het hoofd buigen. ¶ 頭がある verstandig. ¶ 頭なき onverstandig; dom; zinneloos.
bushō武將
(武将) zn. veldheer m.
taishō大將
(大将) zn. generaal m.; admiraal (海軍) m; (首領) hoofd o.; aanvoerder m.; leider m.; baas m.; (俗) ouwe m.
shushō主將
(主将) zn. bevelhebber m.; leider m.; aanvoerder m.
shuchō首長
zn. hoofd o.; chef m.; leider m.; aanvoerder m.
SUPPLEMENT (trefwoord)
shidōsha指導者
zn. (een, de) leider; (een, de) aanvoerder; (een, de) gids; (een, de) mentor; (een, de) coach; ¶ 彼女よりも優れた指導者だ。 Kanojo wa kare yori mo sugureta shidōsha da. Zij is een betere leider dan hij is. (TTC) ¶ 彼らは盲目的に指導者に従った。Karera wa mōmokuteki ni shidōsha ni shitagatta. Ze volgden blindelings hun leider. (TTC)
SUPPLEMENT (trefwoord)
uitspraak

(znw, de)
(1) (uitspraak van een woord) hatsuon 発音. ¶ Als ik een fout maak in de uitspraak, verbeter mij dan alsjeblieft. Dou ka hatsuon de ayamari ga attara naoshite kudasai. どうか発音で誤りがあったら直してください
(2) (accent) namari なまり [訛り] ¶ Hij is een buitenlander, zoals duidelijk is aan zijn uitspraak. Namari kara akiraki de aru you ni, kare wa gaikokujin da. なまりから明らかであるように、外国人だ。
(3) (een bewering) shuchou 主張. ¶ Het is belangrijk om erop te wijzen dat de uitspraak die hij deed ongefundeerd is. Kare no shuchou ni wa konkyo ga nai koto ni chuui suru koto ga juuyou de aru. 主張には根拠ないこと注意することが重要である。
(4) (in sport) hantei 判定. ¶ De aanvoerder protesteerde bij de scheidsrechter tegen de uitspraak. Kyapten wa sono hantei ni taishite refurii ni kougi shita. キャプテンはその判定に対してレフリーに抗議した。
(5) (juridisch) senkoku 宣告; shinpan 審判; hanketsu 判決. ¶ De uitspraak was in het voordeel van de gedaagde. Hanketsu wa hikoku ni yuuri datta. 判決は被告に有利だった。(TTP)

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <aanvoerder>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
指導者 shidousha leider; aanvoerder; gids; leidsman; [sportt.] coach; [onderw.] studieleider; tutor; mentor; [Belg.N.] monitor
首領 shuryou bendeleider; bendehoofd; leider; hoofd; chef; aanvoerder
首謀者 shubousha leider; aanvoerder; brein; drijvende kracht
shu [maatwoord voor tanka en Chinese gedichten (Kanshi 漢詩)]; ; (1) hoofd; kop; (2) hoofd; leider; aanvoerder; (3) kopstuk; aanstoker; bendeleider; (4) begin; oorsprong
指揮官 shikikan [mil.] bevelvoerende officier; bevelvoerder; bevelhebber; commandant; leider; aanvoerder
shou (1) a. aanvoeren; het commando voeren; legeraanvoerder; (2) b. brengen; (3) c. staan te gebeuren; (4) d. [mil.] generaal; ; (1) legeraanvoerder; aanvoerder; commandant; leider; (2) [mil.] opperofficier; (3) generaal; veldheer
司令官 shireikan [mil.] bevelvoerende officier; bevelvoerder; bevelhebber; commandant; leider; aanvoerder
司令 shirei (1) [mil.] bevel; commando; leiding; aanvoering; (2) [mil.] commandant; bevelvoerder; bevelhebber; leider; aanvoerder
konokami (1) oudste zoon; eerstgeboren zoon; (2) oudere broer; zus; (3) oudere; ouder iemand; (4) clanhoofd; (5) hoofd; aanvoerder; leider
棟梁 touryou (1) vorst en balken [hoofddelen van een dakconstructie]; (2) [Jap.gesch.] gouverneur; (3) hoofd; leider; aanvoerder; chef; baas; voorman; (4) ploegbaas; [i.h.b.] meester-timmerman
団長 danchou groepsleider; leider; hoofd van een groep; [sportt.] captain; aanvoerder
リーダー riidaa (1) leider; leidsman; aanvoerder; voorman; (2) [drukk.] blokpunten; (3) leesboek; handboek; pedagogische bloemlezing; reader; (4) lezer; [verzameln.] lezerspubliek; [verzameln.] lezerskring
chou (1) hoofd; chef; baas; leider; oudste; aanvoerder; meerdere; meester; directeur; voorzitter; patroon; president; principaal; (2) meerdere in jaren; (3) het beste (onder ~); sterk punt; gunstig element; goede eigenschap; fort; kwaliteit; voordeel; merites; (4) [muz.] majeur; dur
キャップ kyappu (1) pet; muts; [Belg.N., spreekt.] klak; (2) dop; beschermkapje; sluiting; (3) baas; meerdere; chef; hoofd; leider; [チームの] aanvoerder; captain; [Belg.N.] kapitein
盟主 meishu leider; aanvoerder
大人 otona (1) volwassene; volwassen mens; volwassen persoon; volwassen man; volwassen vrouw; meerderjarige; (2) hoofd; aanvoerder; oudste; overste; deken
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.61 sec. jiten.nl: 7 treffers, warandict: 16 treffers (zoekopdracht: 'aanvoerder', strategie: exact). 
2005-2019