日蘭辭典+

12 resultaten voor ‘accent’
日蘭辭典 (trefwoord)
akusentoアクセント、揚音
zn. klemtoon v.; accent o.
yōon揚音
zn. accent o.; nadruk m. ¶ 揚音accent; nadrukteeken.
SUPPLEMENT (trefwoord)
uitspraak

(znw, de)
(1) (uitspraak van een woord) hatsuon 発音. ¶ Als ik een fout maak in de uitspraak, verbeter mij dan alsjeblieft. Dou ka hatsuon de ayamari ga attara naoshite kudasai. どうか発音で誤りがあったら直してください
(2) (accent) namari なまり [訛り] ¶ Hij is een buitenlander, zoals duidelijk is aan zijn uitspraak. Namari kara akiraki de aru you ni, kare wa gaikokujin da. なまりから明らかであるように、外国人だ。
(3) (een bewering) shuchou 主張. ¶ Het is belangrijk om erop te wijzen dat de uitspraak die hij deed ongefundeerd is. Kare no shuchou ni wa konkyo ga nai koto ni chuui suru koto ga juuyou de aru. 主張には根拠ないこと注意することが重要である。
(4) (in sport) hantei 判定. ¶ De aanvoerder protesteerde bij de scheidsrechter tegen de uitspraak. Kyapten wa sono hantei ni taishite refurii ni kougi shita. キャプテンはその判定に対してレフリーに抗議した。
(5) (juridisch) senkoku 宣告; shinpan 審判; hanketsu 判決. ¶ De uitspraak was in het voordeel van de gedaagde. Hanketsu wa hikoku ni yuuri datta. 判決は被告に有利だった。(TTP)

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <accent>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
ben 12. [maatwoord voor bloemblaadjes]; ; (1) betaling; teruggave; vergoeding; (2) [Jap.gesch.] benkan 弁官 [binnen de daijōkan 太政官 ondergebrachte griffie]; (3) verpakte lunch; (4) [plantk.] bloemblad; bloemblaadje; kroonblad; petaal; [Lat.] petala; (5) [plantk.] vruchtvlees van een meloen; satsoemamandarijn; (6) klep; afsluiter; ventiel; (7) [anat.] klepvlies; (8) toespraak; rede; redevoering; speech; (9) tongval; dialect; accent; spraak; (10) 10. welsprekendheid; eloquentie; elocutie; (11) 11. ben [soort Kanbun-genre dat handelt over de moraliteit of waarachtigheid van woorden en daden]
訛り namari accent; tongval
重点 juuten (1) belangrijk punt; hoofdpunt; voornaamste punt; punten; (2) belang; gewicht; nadruk; accent; klemtoon; zwaartepunt; prioriteit; (3) herhalingsteken; verdubbelingsteken
強勢 kyousei (1) nadruk; klem; kracht; beklemtoning; accentuering; (2) klemtoon; accent
強調 kyouchou nadruk; klem; accent; klemtoon; beklemtoning; accentuering; emfase
fushi [maatwoord voor knopen, kneukels]; ; (1) [plantk.] knoop; nodus; [i.h.b.] stengelknoop; knorf; kwast; knoest; war; noest; kwar; knobbel; gewricht; gewrichtsknobbel; geleding; kneukel; knokkel; knokel; kluwen; knot; knoedel; (2) punt; plek; plaats; passage; locus; (3) moment; gewichtige gebeurtenis; tijdsgewricht; overgangspunt; sluitstuk; (4) [muz.] melodie; toon; noot; [muz.] passage; (5) intonatie; klemtoon; accent; (6) gedroogde bonito (Katsuwonus pelamis)
アクセント符号 akusentofugou [taalk.] accentteken; klemtoonteken; accent
アクセント akusento accent; klemtoon
アクセント記号 akusentokigou [taalk.] accentteken; klemtoonteken; accent
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.46 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 9 treffers (zoekopdracht: 'accent', strategie: exact). 
2005-2019