日蘭辭典+

28 resultaten voor ‘achteruitgang’
日蘭辭典 (trefwoord)
atomodori後戾
(後戻り) zn. (1) [後退] achteruitgang m. (2) [病氣が] instorting v. ¶ 後戾りする teruggaan; achteruitgaan; terugtrekken. (病氣が) instorten; erger worden.
seisui盛衰
zn. voorspoed en tegenspoed; opkomst en achteruitgang; grootheid en val; bloei en verval; wisselvalligheden des levens.
suitai衰頽

(衰退) zn. verval o.; achteruitgang m. ¶ 衰頽する achteruitgaan; in verval zijn.

WACHTKAMER (deze lemma’s zijn nieuw of bevatten wijzigingen)
taiho退步

zn. achteruitgang m. ¶ 退步する achteruit gaan. ¶ 進步が止んだは退步の初めだ stilstand is achteruitgang.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <achteruitgang>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
ドロップdoroppu (1) [cul.] drops; drups; suikerballetje met vruchtensmaak; (2) [honkb.] drop; (3) [studentent.] het zakken voor een examen; onvoldoende; afgang; [Belg.N.] buis; (4) val; achteruitgang; daling
リセッションrisesshyon [econ.] recessie; teruggang; achteruitgang; terugslag
上がり口agariguchi (1) toegang; entree; ingang; (2) [山; 階段の] voet; (3) [風呂場の] uitgang; (4) [事業の] neergang; achteruitgang; teruggang
下向きshitamuki (1) het naar beneden richten; (2) [beurst.] daling; achteruitgang; teruggang; baisse
下火shitabi (1) afnemend vuur; dovend vuur; (2) afname; vermindering; terugloop; het tanen; achteruitgang; teruggang; (3) ondervuur
下降kakou val; achteruitgang; daling; ondergang
不景気fukeiki (1) slechte; moeilijke tijden; magere jaren; [経済の] depressie; crisis; malaise; slapte; achteruitgang; teruggang; recessie; slump; lage conjunctuur; laagconjunctuur; conjunctuurdal; (2) nors; ontstemd; ongelukkig; somber; treurig; terneergeslagen; troosteloos; bedrukt
不況fukyou achteruitgang; depressie; recessie; teruggang; laagconjunctuur; neergaande conjunctuur; inzinking; malaise; slapte; matheid; crisis; slechte zaken; zwakke markt; matte handel
低下teika (1) daling; verlaging; val; (2) achteruitgang; neergang; terugloop; teruggang; aftakeling; verval; verwording; ontaarding; verslechtering; verloop; decadentie; bederf
劣化rekka degradatie; achteruitgang; verslechtering; teruggang; aftakeling; verergering
勝手口katteguchi keukendeur; achterdeur; achteruitgang; zijdeur; dienstingang
後戻りatomodori (1) teruggang; terugkeer; terugtocht; retour; (2) achteruitgang; teruggang; terugloop; terugval; neergang; vermindering; inzinking; retrogressie; (3) [geneesk.] relaps; relapsus; terugval; instorting; rechute
後退koutai (1) [mil.] terugtrekking; terugtocht; aftocht; (2) achteruitgang; regressie; retrogressie; terugval; teruggang; [econ.] recessie; [bouwk.] terugsprong
後進koushin (1) achterwaartse beweging; achteruitgang; teruggang; terugtocht; kreeftengang; (2) jongere; aankomende generatie; de jeugd
減少genshyou afneming; afname; vermindering; daling; teruggang; terugloop; reductie; slinking; mindering; achteruitgang; [econ.] krimp
減退gentai vermindering; afname; achteruitgang; teruggang; daling; terugloop
耄碌mouroku (1) kindsheid; seniliteit; ouderdomszwakte; seniele aftakeling; achteruitgang; verkindsing; (2) [i.h.b.] ouderdomsdementie
荒廃kouhai (1) verval; verkrotting; verwoesting; bouwvalligheid; kaduciteit; (2) [精神の] bederf; verwording; achteruitgang; aftakeling
衰えotoroe verval; achteruitgang; aftakeling; verzwakking; afname; vermindering
衰頽 ; 衰退suitai verval; achteruitgang; aftakeling
裏口uraguchi achterdeur; achteringang; achteruitgang; keukendeur; [fig.] achterdeurtje; [fig.] achterpoortje
退化taika degeneratie; retrogressie; teruggang; [geneesk.] regressie; involutie; terugval; achteruitgang; verwording; ontaarding; [器官の] atrofie
退廃taihai verbastering; ontaarding; verwording; degeneratie; verloedering; bederf; demoralisatie; achteruitgang; teruggang; verval; aftakeling; decadentie
零落reiraku (1) verval; verpaupering; achteruitgang; teruggang; versukkeling; verkwijning; verelendung; (2) [花; 葉の] het afvallen; (3) dood; overlijden
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.58 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 24 treffers (zoekopdracht: 'achteruitgang', strategie: exact). 
2005-2021