日蘭辭典+

10 resultaten voor ‘beletten’
日蘭辭典 (trefwoord)
samatageru妨げる
sogai阻害
zn. belemmering v.; beletsel o. ¶ 阻害する belemmeren; hinderen
yaburu破る
t.w. (1) [裂く] scheuren. (2) [破壞] breken. i.w. (3) [犯す] zich vergrijpen tegen; t.w. breken. t.w. (4) [負かす] verslaan. (5) [計畫を] beletten; verhinderen. (6) [産を] verkwisten. ¶ 破り難き onbreekbaar; onoverwinnelijk. ¶ 約束を破る belofte schenden. ¶ 手紙を破る brief verscheuren.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <beletten>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
阻止する soshisuru stoppen; tegenhouden; blokkeren; verhinderen; weerhouden; in de weg staan; beletten; stuiten
防止する boushisuru voorkomen; preveniëren; verhoeden; verhinderen; beletten; tegengaan; tegenhouden; [i.h.b.] bezweren; [風邪を] couperen
拒む kobamu (1) weigeren; afslaan; afwijzen; refuseren; ontzeggen; van de hand wijzen; bedanken; verwerpen; declineren; (2) versperren; blokkeren; belemmeren; verhinderen; beletten; obstrueren
止める tomeru (1) stoppen; stopzetten; stilleggen; stilhouden; laten stilstaan; stillen; stuiten; tot stilstand brengen; stilzetten; tot staan brengen; parkeren; stallen; [aan de kant enz.] zetten; neerzetten; arrêteren; [de dief enz.] houden; een halt toeroepen; een punt zetten achter ~; een einde maken aan [een ruzie enz.]; ophouden; stremmen; [de aanvoer enz.] staken; afbreken; afsnijden; [een paard enz.] tegenhouden; vasthouden; aanhouden; inhouden; keren; [fig.] afdammen; [m.b.t. geluid, pijn] weren; ophouden; stelpen; (2) [het licht enz.] uitdoen; uitschakelen; [m.b.t. gas, water, radio] uitdraaien; dichtdraaien; afsluiten; uitzetten; afzetten; [de stroom] afbreken; afsnijden; (3) [m.b.t. inflatie enz.] bedwingen; beheersen; afremmen; beteugelen; breidelen; in toom houden; in bedwang houden; intomen; [de groei enz.] belemmeren; (4) beletten; verhinderen; verbieden; voorkomen; ontzeggen; verhoeden
妨げる samatageru belemmeren; hinderen; storen; bemoeilijken; obstrueren; [form.] impediëren; verstoren; ophouden; tegenhouden; dwarsbomen; dwars zitten; in de weg staan; blokkeren; beletten; verijdelen; verhinderen; [Belg.N.] vermoeilijken; [i.h.b.] vertragen; stuiten; stremmen
kin verbod; verbodsbepaling; interdict; interdictie; embargo; ; (1) a. verfoeien; (2) b. verbieden; beletten; tegenhouden; (3) c. keizerlijk paleis; (4) d. vrijheidsbeperking
阻む habamu (1) versperren; blokkeren; afsluiten; ondoorgankelijk maken; obstrueren; (2) belemmeren; hinderen; in de weg staan; bedwingen; in bedwang; toom houden; (3) voorkómen; beletten; verhinderen; verhoeden; verijdelen; dwarsbomen; zorgen dat niet
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.46 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 7 treffers (zoekopdracht: 'beletten', strategie: exact). 
2005-2020