日蘭辭典+

22 resultaten voor ‘beschouwen’
日蘭辭典 (trefwoord)
omou思ふ
(思う) i.w. (1) [考へる] denken. (2) [沈思] peinzen. t.w. (3) [志す] bedoelen. (4) [希望] hopen. (5) [懸念] vreezen. (6) [觀察] beschouwen. (7) 感ずる (8) [想像] veronderstellen. (9) [信じる] gelooven. (10) [豫期] verwachten. (11) [愛情] liefhebben. i.w. (12) [追想] zich herinneren. ¶ 思ふに mij dunkt. ¶ いゝと思ふ goed vinden. ¶ 正しいと思ふする doen, wat men meent, dat recht is. ¶ 何とも思はぬ niets geven om; zich niets aantrekken van. ¶ 我子を思ふ verlangen naar zijn kind.
dono何の
vnw. wat (如何なる)?; welk (何れの)? ¶ 何のwaar ergens? ¶ どの電車にお乘りですか welke tram moet u hebben? ¶ どのから見ても van welk standpunt ook beschouwd.
shōgai生涯
het geheele leven o. ¶ 生涯levenslang. ¶ 生涯事業する als een levenstaak beschouwen.
kokoroeru心得る
t.w. (1) [會得する] weten; begrijpen; inzien. i.w. (2) [と思ふ] beschouwen als; houden voor. ¶ 心得ました ik heb u begrepen; ik zal er voor zorgen.
kansatsu觀察
(観察) zn. observatie v.; waarneming v.; opneming v. ¶ 觀察する observeeren; opnemen; waarnemen. ¶ 觀察力 opmerkinggave. ¶ 觀察gezichtspunt. ¶ 斯く觀察すれば in dat licht beschouwd.
SUPPLEMENT (trefwoord)
kono yoこの世
(frase) het leven; de wereld; de aarde; het leven op aarde. ¶ ああこのためにどれほど多くの悲しいことがこの世起こることであろうか! Aa, kane, kane! Kono kane no tame ni dore hodo ooku no kanashii koto ga kono yo ni okoru koto de arō ka! Ach, geld, geld! Hoe vaak zal het (wel niet) zijn dat trieste dingen in dit leven gebeuren omwille van dat geld! (tweet) ¶ この世新しいものはない。 Kono yo ni atarashii mono wa nai. Niks nieuws onder de zon. (TTC) ¶ この世で一番の幸せ者だ。 Kare wa kono yo de ichiban shiawase mono da. Hij is de gelukkigste man op aarde. (TTC) ¶ 詩人この世を男がを見つめるように見つめる。 Shijin wa kono yo wo otoko ga onna wo mitsumeru yō ni mitsumeru. Een dichter kijkt naar de wereld zoals een man naar een vrouw kijkt. (TTC)

TEKST EN UITLEG (trefwoord)
over:lavendelラベンダー
ラベンダー rabendā (1) Lavendel (Lavandula) is een struik (低木, teiboku); is een genus/geslacht (, zoku) dat 39 bloeiende plantensoorten omvat (bloeiende planten: 被子植物, hishi shokubutsu; soort: shu; diverse soorten: 品種, hinshu); maakt deel uit van de lipbloemenfamilie (Lamiaceae) (シソ, shiso-ka). (2) kleurnaam voor een kleur paars.

¶ ラベンダー(英: Lavender)は、シソ科の背丈の低い常緑樹である。 Rabendā (ei: Lavender) wa, Shiso-ka no setake no hikui jōryokuju de aru. Lavendel (Engels: Lavender) is een groenblijvende plant van lage hoogte van de lipbloemenfamilie. ¶ 原産は地中海沿岸とされる。 Gensan wa chichūkai engan to sareru. De kusten van de Middellandse Zee worden als plaats van oorsprong beschouwd. [NB en.wikipedia.org poneerde Azië] ¶ ラベンダー色とは薄紫色を意味する。 Rabendā-iro to wa usumurasaki-iro wo imisuru. Lavendel (kleur) betekent lichtpaars (een lichtpaarse kleur). (2012/03/01)
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <beschouwen>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
目す mokusu (1) zien; bezien; bekijken; (2) beschouwen; aanzien; houden voor; achten; (3) met het oog wenken; een oogwenk geven
存じる zonjiru (1) denken; vinden; geloven; menen; houden voor; achten; beschouwen; aannemen; veronderstellen; (2) weten; kennen; begrijpen; bekend zijn met; beseffen; zich bewust zijn van; inzien
存じ上げる zonjiageru (1) kennen; weten; bekend zijn met; ergens van af weten; (2) denken; menen; vinden; achten; beschouwen; [gew.] peinzen
存ずる zonzuru (1) denken; vinden; geloven; menen; houden voor; achten; beschouwen; aannemen; veronderstellen; (2) weten; kennen; begrijpen; bekend zijn met; beseffen; zich bewust zijn van; inzien
展望する tenbousuru bekijken; beschouwen; bezien; overschouwen; overzien
為る suru (1) zich voordoen; gebeuren; plaatsvinden; (2) verstrijken; voorbijgaan; verlopen [voorafgegaan door een meishi die een bep. tijdseenheid aanduidt]; (3) bedragen; kosten; waard zijn [voorafgegaan door een meishi die een bep. waarde, bedrag aanduidt]; (4) beslissen; besluiten; ervoor kiezen [in de constructie … to suru …とする of … ni suru …にする]; (5) hebben; merken; voelen [m.b.t. gewaarwording; in de constructie … ga suru …がする]; ; (1) doen; begaan; maken; verrichten; aanvangen; aandoen; uitvoeren; bedrijven; uitoefenen; beoefenen; praktiseren; doen (aan); [m.b.t. zaak, winkel enz.] runnen; (2) [van beroep …] zijn; werken (als); dienst doen (als); [m.b.t. ambt] waarnemen [in de constructie … o suru …をする]; (3) maken; maken (tot); [er een … van] maken [in de constructie … ni suru …にする]; (4) gebruiken als; bezigen als; doen dienen als [in de constructie … ni suru …にする]; (5) 10. vinden; achten; beschouwen; aanzien; dunken [in de constructie … to suru …とする]; (6) 11. (ver)onderstellen (dat); aannemen (dat); stellen (dat) [in de constructie … to suru …とする]; (7) 12. aandoen; dragen [m.b.t. kledingstuk]; (8) 13. hebben; zijn [m.b.t. een bep. vorm, toestand enz.]
su (1) zijn; bestaan; (2) zich voordoen; gebeuren; voorkomen; voorvallen; ; (1) doen; verrichten; bedrijven; (2) […~] doen; plegen; (3) in een bep. toestand brengen; maken tot; (4) […~] beschouwen; vinden; achten
受け止める uketomeru (1) [ボールを] vangen; opvangen; onderscheppen; (2) [攻撃を] stuiten; tegenhouden; stoppen; afwenden; afweren; afslaan; weren; pareren; (3) [問題を] aanpakken; tegemoet treden; behandelen; reageren op; (4) [批判を] opnemen; opvatten; beschouwen
思考する shikousuru denken; nadenken; beschouwen; overwegen
思索する shisakusuru denken; nadenken; overdenken; peinzen; overpeinzen; beschouwen; bespiegelen; reflecteren; overwegen; speculeren; contempleren
認める mitomeru (1) opmerken; zien; bespeuren; bekennen; waarnemen; in de gaten hebben; getuige zijn van; (2) [schuldig enz.] bevinden; vinden; achten; menen; oordelen; beschouwen; aanzien; houden voor; van mening zijn dat; (3) toegeven; erkennen; inzien; aanvaarden; accepteren; aannemen; honoreren; goedkeuren; toelaten; toestaan; sanctioneren; (4) erkennen; waarderen; appreciëren
見做す minasu beschouwen; aanzien; bezien; houden voor; achten; zien; opvatten; vinden; aanmerken; (zich) aanrekenen
見る miru (1) [iets bij wijze van proef doen]; (2) als je zou …; mocht je …; [gew.] moest je … [eindigend op de partikels ば of と]; (3) nu …; nou …; in de zich thans voordoende situatie dat … [eindigend op het partikel ば]; (4) wanneer …; toen … [eindigend op de partikels ば of と]; (5) ware … het geval; ; (1) zien; kijken (naar); [inform.] loeken; bekijken; bezien; aanzien; aankijken; gadeslaan; bezichtigen; beschouwen; [arch.] aanschouwen; [lit.t.] blikken; [Barg.] brillen; [Barg.] spannen; afgaande op …; getuige [het feit dat … enz.]; te oordelen naar …; uitgaande van …; (2) lezen; doorkijken; [新聞を] doorlopen; inzage nemen; inzien; naslaan [in een woordenboek e.d.]; raadplegen; consulteren; nazien; nagaan; checken; controleren; (3) ervaren; meemaken; ondervinden; beleven; (4) zorgen voor; verzorgen; passen op; letten op; toezien op; behartigen; waken over; toezien op; verplegen; [面倒を] zich aantrekken
拝見する haikensuru een kijkje nemen; in ogenschouw nemen; bekijken; bezichtigen; kijken naar; zien; inzien; beschouwen; [i.h.b.] lezen; [i.h.b.] onderzoeken; [i.h.b.] inspecteren
回顧する kaikosuru terugblikken; terugkijken; terugzien; een terugblik werpen op; heroverwegen; ophalen; terugdenken; opnieuw bekijken; achteraf bekijken; beschouwen
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.62 sec. jiten.nl: 7 treffers, warandict: 15 treffers (zoekopdracht: 'beschouwen', strategie: exact). 
2005-2019