日蘭辭典+

12 resultaten voor ‘bevoegdheid’
日蘭辭典 (trefwoord)
ken
(権) zn. bevoegdheid v.; macht v.; recht (權利) o. ¶ 立法權 wetgevende macht.
nōryoku能力
zn. bekwaamheid v.; geschiktheid v.; (法) bevoegdheid v.; competentie v. ¶ 能力ある bekwaam; geschikt; bevoegd; competent; in staat zijn; kunnen; vermogen. ¶ 能力喪失 desqualificatie; verlies eener bevoegdheid.
ekken越權
(越権) zn. overschrijding van macht. ¶ 越權のやる buiten zijn bevoegdheid gaan; (俗) buiten zijn boekje gaan.
chōetsu超越

zn. uitstekendheid v.; voortreffelijkheid v.; superioriteit v. P 超越する overtreffen. ¶ 權限を越える bevoegdheid te buiten gaan.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <bevoegdheid>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
能力 nouryoku (1) bekwaamheid; vaardigheid; vermogen; [i.h.b. psych.] faculteiten; competentie; geschiktheid; capaciteit; kunde; knapheid; kundigheid; capabiliteit; [veroud.] vatbaarheid; (2) [jur.] bevoegdheid; competentie
適格 tekikaku bevoegd; competent; geschikt; capabel; adequaat; gekwalificeerd; gerechtigd; bekwaam; habiel; ; competentie; bevoegdheid; geschiktheid; kwalificatie; adequatie; capabiliteit; bekwaamheid; habiliteit; capaciteit
ken (1) bevoegdheid; macht; (2) recht
権利 kenri (1) recht; (2) aanspraak; vordering; claim; recht om het bezit of het gebruik van iets te vorderen; (3) bevoegdheid; recht bepaalde handelingen te kunnen uitoefenen; (4) autoriteit; wettige macht; macht; (5) privilege; voorrecht; begunstiging
所管 shokan rechtsbevoegdheid; bevoegdheid; jurisdictie; competentie
所轄 shokatsu bevoegdheid; [jur.] jurisdictie; rechtsbevoegdheid; competentie
資格 shikaku (1) hoedanigheid; (2) recht; aanspraak; claim; (3) bevoegdheid; kwalificatie; competentie; capaciteit; [meton.] brevet; (4) kwalificatie; vereiste; eis
管轄 kankatsu [jur.] competentie; rechtsbevoegdheid; bevoegdheid; jurisdictie; ressort
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.68 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 8 treffers (zoekopdracht: 'bevoegdheid', strategie: exact). 
2005-2019