日蘭辭典+

76 resultaten voor ‘bijzonder’
日蘭辭典 (trefwoord)
amari餘り
(余り) vz. & bw. (1) [より以上] meer dan; over; boven. (2) [過度に] te; al te; tezeer; erg; over. (3) [差程] zeer; bijzonder; zoozeer......, dat; zoo......dat. ¶ 餘り……ない niet erg; niet zeer; niet bijzonder; zelden. ¶ 餘り高くて手が屆かぬ zoo hoog, dat men er niet bij kan. ¶ そりゃあんまりだ dat is een beetje te erg.
okashii可笑しい
(おかしい) bn. (1) [笑ふべき] grappig; vermakelijk; belachelijk. (2) [妙な] vreemd; absurd; zonderling. (3) [疑はしい] verdacht; niet in den haak.
tokubetsu特別
zn. uitzondering v.; bijzonderheid v. ¶ 特別extra nummer; speciale aflevering; speciale correspondent. ¶ 特別の speciaal; bijzonder. ¶ 特別に speciaal; in het bijzonder; vooral; voornamelijk. ¶ 特別授權 speciale machtiging. ¶ 特別席 speciaal gereserveerde plaatsen. ¶ 特別手當 bijzondere toelage; extra-vergoeding. ¶ 特別税 speciale belasting; extra-heffing.
namihazureta竝外れた
(並外れた) bn. buitengewoon; bijzonder.
naminami naranu竝々ならぬ
(並々ならぬ) bn. buitengewoon; bijzonder.
taisō大層
(大層) bw. zeer; bijzonder; heel; erg. ¶ 大層な veel; groot.
hitokiwa一際
TEKST EN UITLEG (trefwoord)
bron:Aozora Bunko╱Mori Ōgai╱De wilde gans 〈1:7〉〈青空文庫〉森鴎外『雁』
大抵どの下宿屋にも特別に幅を利かせているがあるもので、そう云うは第一金廻りが好く、小気(こぎ)が利いていて、お上さんが箱火鉢を控えて据わっている前の廊下通るときは、きっと声を掛ける。

Vrijwel ieder pension heeft wel een gast die zich daar in bijzondere mate doet gelden, en die gast zit dan goed in de slappe was, is schrander, en zal wanneer hij de passage doorloopt ter hoogte van [de kamer] waar de hospita bij haar stoof zit, beslist uitgebreid groeten.

N.B. De uitdrukking 小気が利くkomt voor zover ik weet alleen voor in het werk van 森鴎外 (Mori Ōgai). De frase wordt vermeld in het boek 『名著にある美しい日本語』 (Mooi Japans in meesterwerken).
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <bijzonder>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
こよないkoyonai (1) onovertroffen; weergaloos; zonder weerga; ongeëvenaard; niet te evenaren; uitnemend; uitmuntend; voortreffelijk; opperst; perfect; best; eersterangs; prima; fantastisch; superbe; (2) buitengewoon; uitzonderlijk; bijzonder; apart; ongewoon; exclusief; (3) enorm; geweldig; extreem; buitengewoon; formidabel; verschrikkelijk; vreselijk; afschuwelijk; erg
させるsaseru [~…ない] bijzonder; uitzonderlijk; noemenswaardig
とんだtonda (1) onverwacht; onvoorzien; (2) absurd; ongelofelijk; ongehoord; grotesk; grof; flagrant; (3) geweldig; enorm; buitengewoon; bijzonder; fantastisch; onvoorstelbaar; ontzettend; ontzaglijk; verschrikkelijk; gruwelijk; (4) geweldig; enorm; buitengewoon; bijzonder; fantastisch; onvoorstelbaar; erg; zeer; uiterst; ontzettend; ontzaglijk; verschrikkelijk; gruwelijk
ど偉いdoerai buitengewoon groot; bijzonder; ontzettend veel; enorm; immens; extreem; waanzinnig; kolossaal; gigantisch; reusachtig; indrukwekkend; formidabel; ontzaglijk; geweldig; verbazingwekkend; ongelooflijk; fantastisch; fabelachtig; ongehoord; schandalig
スペシャルsupeshyaru speciaal; bijzonder
一入hitoshio (1) nog meer; nog -er; extra; bijzonder; (2) verving; onderdompeling in een verfbad
一廉ikkado [~の] uitzonderlijk; buitengewoon; bijzonder; uitstekend
一流ichiryuu (1) eerste rang; neusje van de zalm; (2) eersteklas figuur; eersteklas speler; eersteklas paard etc.; (3) een school [binnen de kunst; wetenschap]; (4) [~の] eersterangs-; eersteklas-; voortreffelijk; uitmuntend; toonaangevend; (5) [~の] uniek; speciaal; karakteristiek; bijzonder; kenmerkend
一角hitokado (1) een zaak; een domein; (2) [~の] uitzonderlijk; buitengewoon; bijzonder; uitstekend; (3) [~の] behoorlijk; aanzienlijk; degelijk; fatsoenlijk; adequaat; echt; (4) betamelijk; behoorlijk; nogal; flink
世にもyonimo (1) enorm; bijzonder; buitengewoon; uitermate; (2) [~…ない] zeker; beslist
並外れnamihazure (1) iets ongewoons; iets speciaals; (2) ongewoon; ongebruikelijk; buitengewoon; uitzonderlijk; bijzonder; extraordinair; boven de middelmaat; boven het gemiddelde; afwijkend van het normale
並外れたnamihazureta (1) ongewoon; buitengewoon; uitzonderlijk; bijzonder; extraordinair; afwijkend van het normale; (2) buitensporig; exorbitant
余っ程yoppodo (1) verreweg; veruit; in hoge; grote mate; zeer; (2) [~…うかと思った] bijna; op het punt; [Belg.N.] ei zo na; (3) net goed; precies passend; juist; (4) bijna; ongeveer; (5) buitengewoon; bijzonder; (6) overdreven; onmatig; extreem; excessief; buitensporig
傑出したkesshyutsushita prominent; vooraanstaand; eminent; uitstekend; uitmuntend; voornaam; aanzienlijk; voortreffelijk; opvallend; markant; opmerkelijk; bijzonder
別にbetsuni (1) apart; afzonderlijk; los; afgezonderd; afgescheiden; [i.h.b.] elders; ergens anders; (2) extra; supplementair; verder; anders; voorts; daarbij; bovendien; daarenboven; daarnaast; (3) in het bijzonder; bijzonder; bepaald; speciaal; bepaaldelijk; vooral; iets noemenswaardigs
別途betto [~の] bijzonder; apart; extra; neven-
betsu (1) verschil; onderscheid; distinctie; (2) ander; verschillend; (3) speciaal; bijzonder; apart; (4) gerubriceerd naar; gerangschikt volgens; geclassificeerd naar; ingedeeld naargelang; geordend naar; (a) scheiden van; (b) onderscheid maken; (c) ander; verschillend; (d) bijzonder; extra
hen (1) voorval; incident; gebeuren; [i.h.b.] aanslag; alteratie; (2) [muziek] mol; molteken; (3) ongewoon; vreemd; raar; gek; eigenaardig; wonder; wonderbaar; zonderling; wonderlijk; [fig.] krullig; singulier; bijzonder; excentriek; buitenissig; (4) verdacht; suspect
変なhenna (1) ongewoon; vreemd; raar; gek; eigenaardig; wonder; wonderbaar; zonderling; wonderlijk; [fig.] krullig; singulier; bijzonder; excentriek; buitenissig; [gew.] aardig; (2) verdacht; suspect
変にhenni vreemd; eigenaardig; ongewoon; zonderling; gek; bijzonder; raar
変哲hentetsu ongewoon; anders; speciaal; bijzonder; opmerkelijk
大変taihen (1) crisis; zaak van betekenis; beproeving; (2) verschrikkelijk; erg; zeer; heel; ontzettend; vreselijk; enorm; hoogst; uiterst; bijzonder; uitzonderlijk; buitengewoon; geweldig; immens; hartstikke; ontzaglijk; afschuwelijk; akelig; zwaar; uitermate; danig; ernstig; (3) niet simpel; moeilijk; problematisch; zwaar; hard; lastig; niet voor de poes; geen sinecure; geen kinderspel; geen lachertje; een flinke job; een zware klus; (4) o God!; mijn God!; och God!; och gut!; God nog (aan) toe!; hè nee!; lieve deugd!; och gunst!; lieve; goeie hemel!; grote goedheid!; nee maar!; mijn hemel!; menslief!; goeie genade!; goeie grutten!; allemachtig!
大変なtaihenna (1) verschrikkelijk; erg; ontzettend; vreselijk; enorm; bijzonder; uitzonderlijk; buitengewoon; geweldig; immens; ontzaglijk; afschuwelijk; akelig; zwaar; danig; ernstig; (2) niet simpel; moeilijk; problematisch; zwaar; hard; lastig; flink
tai (a) groot; uitgebreid; ruim; (b) eminent; uitstekend; (c) hooggeplaatst; (d) belangrijk; verantwoordelijk; moeilijk; (e) buitengewoon; bijzonder; enorm; (f) globaal; (g) fundamenteel
ki (1) vreemdheid; het vreemde; ongewoonheid; eigenaardigheid; excentriciteit; curiositeit; uitzonderlijkheid; (2) vreemd; ongewoon; speciaal; merkwaardig; eigenaardig; curieus; zonderling; excentriek; (a) bijzonder; verwonderlijk; wonderbaarlijk; uitzonderlijk; (b) vreemd; merkwaardig; raar; ongewoon; zonderling; (c) onverwacht; onvoorzien; (d) oneven; ondeelbaar; (e) onfortuinlijk; ongelukkig
mare zeldzaam; ongewoon; uitzonderlijk; bijzonder; ongebruikelijk; zeer gering in aantal; moeilijk te vinden; zelden (voorkomend); sporadisch
普通でないfutsuudenai ongewoon; buitengewoon; bijzonder; uitzonderlijk; ongebruikelijk; speciaal
格別kakubetsu uitzonderlijk; bijzonder; speciaal; buitengewoon; exceptioneel
格別なkakubetsuna uitzonderlijk; bijzonder; speciaal; buitengewoon; exceptioneel
格別にkakubetsuni (1) uitzonderlijk; bijzonder; speciaal; buitengewoon; exceptioneel; (2) in het bijzonder; inzonderheid; specialiter; vooral; voornamelijk; bepaaldelijk; met name
格段kakudan [~の] opmerkelijk; opvallend; uitgesproken; merkwaardig; bijzonder; duidelijk; frappant; treffend; buitengewoon
桁外れketahazure buitengewoon; bijzonder; uitzonderlijk; extraordinair
桁外れにketahazureni buitengewoon; bijzonder; uitzonderlijk; extraordinair; buitengemeen; ongemeen; uiterst
桁外れのketahazureno buitengewoon; bijzonder; uitzonderlijk; extraordinair
極めてkiwamete heel; erg; zeer; uiterst; uitermate; buitengewoon; ongemeen; bijzonder; allemachtig; extreem; in hoge mate; in niet geringe mate; [muz.] molto; [muz.] assai; aller-; aarts-
物珍しいmonomezurashii vreemd; wonderlijk; raar; eigenaardig; ongewoon; gek; zonderling; curieus; merkwaardig; zeldzaam; bijzonder
特にtokuni (1) speciaal; specialiter; in het bijzonder; bij uitstek; bijzonder; met name; vooral; bepaaldelijk; inzonderheid; meer bepaald; expres; opzettelijk; uitdrukkelijk; nadrukkelijk; specifiek; (2) niet bepaald; niet bijzonder; niet erg; niet zo [i.c.m. negatie]
特別tokubetsu (1) speciaal; bijzonder; buitengewoon; uitzonderlijk; exceptioneel; extraordinair; buitengemeen; buitengewoon; ongewoon; apart; extra; meer dan gewoon; ongemeen; ad hoc; (2) speciaal; specialiter; in het bijzonder; bijzonder; met name; vooral; bepaaldelijk; buitengewoon; uitzonderlijk; inzonderheid; exceptioneel; extraordinair; buitengemeen; buitengewoon; ongewoon; apart; extra; meer dan gewoon; bij uitstek; ongemeen; ad hoc; (3) speciaal; expres; opzettelijk; (4) niet bepaald; niet bijzonder; niet erg; niet zo [i.c.m. negatie]
特別なtokubetsuna speciaal; bijzonder; apart; ad-hoc…
特別のtokubetsuno speciaal; bijzonder; buitengewoon; uitzonderlijk; exceptioneel; extraordinair; buitengemeen; buitengewoon; ongewoon; apart; extra; meer dan gewoon; ongemeen; ad hoc
特定のtokuteino bepaald; specifiek; bijzonder; speciaal
特徴tokuchou (typisch; distinctief; bijzonder; onderscheidend; typerend) kenmerk; (karakteristieke; kenmerkende; bijzondere) eigenschap; karakteristiek; distinctief element; karaktertrek; eigenheid; persoonlijke eigenaardigheid; het eigene
特殊tokushyu speciaal; bijzonder; buitengewoon
特殊なtokushyuna speciaal; bijzonder; apart; specifiek; typisch; typerend; karakteristiek; kenmerkend; tekenend; kenschetsend; onderscheidend; distinctief; eigen; uniek
特異tokui uniek; eigen; typisch; bijzonder; specifiek; ongewoon; buitengewoon; uitzonderlijk
特異なtokuina uniek; eigen; typisch; bijzonder; ongewoon; buitengewoon; uitzonderlijk
珍しいmezurashii (1) zeldzaam; ongewoon; bijzonder; (2) ongekend; nieuw; (3) opmerkelijk; buitengewoon; geweldig; prachtig; opvallend; curieus
甚くitaku (1) zeer; erg; fel; hevig; intens; enorm; geweldig; bijzonder; buitengewoon; ongemeen; (2) [~…ず] niet erg; niet zo; niet al te; niet bijster
番外bangai (1) bijzonder; speciaal geval; geval apart; extra nummer; speciale act; [~の] buitenmaat-; extra-; buitengewoon …; uitzonderlijk …; (2) uitzondering; uitzonderingsgeval
異常ijou (1) iets abnormaals; ongewoons; abnormale toestand; abnormaliteit; afwijking; deviatie; merkwaardigheid; aberratie; (2) verandering; wijziging; (3) abnormaal; ongewoon; afwijkend; deviant; zonderling; merkwaardig; bijzonder; buitengewoon
異常なijouna abnormaal; ongewoon; zonderling; merkwaardig; bijzonder; buitengewoon
異様なiyouna vreemd; ongewoon; eigenaardig; wonderlijk; raar; zonderling; bijzonder; excentriek; vreemdvormig; bizar; gek
異色ishyoku (1) andere kleur; (2) [~の] ongewoon; apart; bijzonder; buitengewoon; opmerkelijk; speciaal; uitzonderlijk
私立shiritsu particulier; privaat-; privé-; niet-openbaar; niet-publiek; niet-gouvernementeel; [m.b.t. onderwijs] bijzonder; [Belg.N.; m.b.t. onderwijs] vrij
私立のshiritsuno particulier; privaat-; privé-; niet-openbaar; niet-publiek; niet-gouvernementeel; [m.b.t. onderwijs] bijzonder; [Belg.N.; m.b.t. onderwijs] vrij
素敵suteki prachtig; schitterend; geweldig; enig; verrukkelijk; heerlijk; uniek; magnifiek; fantastisch; formidabel; bovenste beste; uitstekend; prima; eersteklas; super; alleraardigst; fraai; schattig; fijn; leuk; mooi; beeldig; bijzonder; puik; lekker; reuze; [inform.] gaaf; swell; [inform.] mieters; [volkst.] jofel; [m.b.t. ideeën] knots; lumineus; grandioos; briljant; voortreffelijk
素敵な ; 素的なsutekina prachtig; schitterend; geweldig; enig; verrukkelijk; heerlijk; uniek; magnifiek; fantastisch; formidabel; bovenste beste; uitstekend; prima; eersteklas; super; alleraardigst; fraai; schattig; fijn; leuk; mooi; bijzonder; puik; lekker; reuze; [inform.] gaaf; swell; [inform.] mieters; [volkst.] jofel; [m.b.t. ideeën] knots; lumineus; grandioos; briljant; voortreffelijk
素晴らしいsubarashii prachtig; schitterend; geweldig; fantastisch; formidabel; machtig; heerlijk; verrukkelijk; zalig; grandioos; subliem; prima; uitstekend; meesterlijk; tiptop; voortreffelijk; enig; superbe; uitmuntend; excellent; magnifiek; reuze; super; kostelijk; denderend; [inform.] mieters; swell; fenomenaal; uniek; eersterangs; eersteklas; uitgezocht; uitnemend; bijzonder; [inform.] bie; tof; eindeloos; te gek; [pred.] het einde; [pred.] enorm; briljant; klasse; opperbest; patent; allemachtig goed; beregoed; steengoed; glansrijk; mooi; pico bello; puik(best); [inform.] puntgaaf; piekfijn; [ook studentent.] luisterrijk; [inform.] reusachtig; groots; kapitaal; [w.g.] loeigoed; [jeugdt.] gaaf; [meisjest.] dolletjes; fabuleus; [jeugdt.] ruig; [jeugdt.] wijs; [slang] cool; [volkst.] jofel; [pred.] knal; [w.g.] knots; zo'n [meid; kerel enz.]
臨時にrinjini buitengewoon; bijzonder; extra; tijdelijk; voorlopig; provisorisch; provisioneel; ad interim
臨時のrinjino buitengewoon; bijzonder; extra; tijdelijk; voorlopig; provisorisch; provisioneel; gelegenheids-; ad-interim…
臨時rinji buitengewoon; buitengewone; bijzonder; bijzondere; extra; tijdelijk; tijdelijke; voorlopig; voorlopige; provisorisch; provisorische; provisioneel; provisionele; gelegenheids-
至極shigoku zeer; erg; uiterst; uitermate; enorm; buitengewoon; ongemeen; bijzonder; extreem; volkomen; helemaal; absoluut; op-en-top
返す返すkaesugaesu (1) echt; werkelijk; enorm; uiterst; uitermate; buitengewoon; bijzonder; (2) keer op keer; telkens opnieuw; steeds weer; herhaaldelijk; bij herhaling; (3) beleefd; oprecht; gewetensvol
非常hijou (1) nood; noodgeval; emergency; uitzonderlijkheid;  ; (2) buitengewoon; bijzonder; ongewoon; ongemeen; buitengemeen; extreem; immens; enorm; grandioos; verschrikkelijk;  ; (3) (heel) erg; heel; zeer; buitengewoon; buitengemeen; hevig; enorm; ongemeen; ongewoon; geweldig; ontzaglijk; intens; vehement; extreem; bijzonder; uitzonderlijk; mateloos; danig; hoogst; zeerst; uiterst; in hoge mate; ontzettend; razend; verschrikkelijk; vreselijk; bot; bar; ~ tot-en-met; reuze ~; machtig; uitermate; bovenmate; buitenmate; hooglijk; deerlijk; grotelijks; schromelijk; angstig [klein enz.]; [inform.] ontiegelijk; [inform.] hartstikke; [inform.] onwijs; [inform.] stierlijk; dol-; [inform.] oer-; over-; steen-; [inform.] kei-
非常にhijouni (heel) erg; heel; zeer; buitengewoon; buitengemeen; hevig; enorm; ongemeen; ongewoon; geweldig; ontzaglijk; intens; vehement; extreem; bijzonder; uitzonderlijk; mateloos; danig; hoogst; zeerst; uiterst; in hoge mate; ontzettend; razend; verschrikkelijk; vreselijk; bot; bar; ~ tot-en-met; reuze ~; machtig; uitermate; bovenmate; buitenmate; hooglijk; deerlijk; grotelijks; schromelijk; [scherts.] angstig [klein enz.]; [inform.] ontiegelijk; [inform.] hartstikke; [inform.] onwijs; [inform.] stierlijk; dol-; [inform.] oer-; over-; steen-; [inform.] kei-
頗るsukoburu zeer; heel; uiterst; uitermate; hoogst; bijzonder
風変わりfuugawari (1) vreemdheid; eigenaardigheid; wonderlijkheid; zonderlingheid; raarheid; ongewoonheid; excentriciteit; buitenissigheid; curiositeit; gril; buitengewoonheid; bijzonderheid; merkwaardigheid; zeldzaamheid; singulariteit; particulariteit; (2) vreemd; eigenaardig; wonderlijk; gek; zonderling; raar; ongewoon; ongebruikelijk; excentriek; buitenissig; apart; curieus; grillig; bizar; buitengewoon; bijzonder; merkwaardig; extravagant; onconventioneel; zeldzaam; particulier; [w.g.] singulier
飛び切りtobikiri (1) [~の] prima; eersteklas; keur-; kwaliteits-; uitgelezen; superfijn; allerfijnst; van superkwaliteit; voortreffelijk; uitstekend; superieur; van de bovenste plank; uitmuntend; uitzonderlijk; tiptop; bovenste beste; (2) houw toegebracht na een sprong; het springend neerhouwen; neersabelen; (3) uitzonderlijk; bijzonder; uitermate; buitengewoon; buitengemeen; uiterst; verreweg; onvergelijkelijk
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.51 sec. jiten.nl: 8 treffers, warandict: 68 treffers (zoekopdracht: 'bijzonder', strategie: exact). 
2005-2022