日蘭辭典+

11 resultaten voor ‘boeten’
日蘭辭典 (trefwoord)
aganau贖ふ
(贖う購う) t.w. boeten; boete doen voor; loskoopen; vrijkoopen. ¶ 罪を贖う zijn schuld boeten. ¶ 因人を贖う een gevangene loskoopen. ¶ 損害を贖う schade vergoeden.
inga因果
zn. (1) [原因結果] oorzaak en gevolg. (2) [不運] noodlot o. (3) [應報] vergelding v. ¶ 因果關係 causaal verband; causaliteit. ¶ 因果應報 vergelding; karma. ¶ 因果法則 wet van oorzaak en gevolg. ¶ 因果の noodlottig; rampzalig. ¶ 因果諦める berusten in zijn lot. ¶ 因果を宿す zwanger zijn door een misstap. ¶ 親の因果報いる de kinderen boeten voor de zonden der ouders.
tsumi
zn. (1) [罪惡] zonde v. (2) [犯罪] vergrijp o.; misdrijf o.; misdaad v. (3) [咎め] schuld v.; blaam v. (4) [過失] fout v.; misstap m. misdraging v.; overtreding v.; wangedrag o. (5) [] straf v. ¶ 服する schuld bekennen. ¶ より救ふ redden van de zonde. ¶ 犯す misdrijf begaan. ¶ を負はす beschuldigen. ¶ を免れる straf ontloopen. ¶ 贖ふ schuld boeten. ¶ ある schuldig; zondig; misdadig. ¶ なき onschuldig. ¶ する straffen.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <boeten>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
癒す iyasu (1) [傷を] laten helen; helen; genezen; beter maken; cureren; boeten; remediëren; [苦しみ; 悩みを] balsemen; [ホームシックを] afhelpen; (2) [渇きを] laven; lessen; verslaan; [飢えを] stillen
修繕する shuuzensuru herstellen; repareren; maken; opknappen; opnieuw in goede staat brengen; nazien; [靴を] verstellen; lappen; [網; 釜を] boeten
払う harau (1) verwijderen; wegdoen; opruimen; wegnemen; wegruimen; vrijmaken; ontruimen; (uit de weg) ruimen; weghalen; wegvegen; vegen; wissen; [een telraam] terugzetten op nul; zuiveren (van); [tranen enz.] afvegen; ontdoen van; [tuinb.] dieven; [tuinb.] afsnoeien; afhelpen van; verdrijven; verjagen; [een kwaal enz.] boeten; (2) [een zwaard e.d.] zwaaien; maaien; [i.h.b. iem. de voet] lichten; [een uithaal e.d.] afslaan; (3) betalen; neertellen; neerleggen; delgen; kwijten; contenteren; [een schuld] afdoen; [een schuld] afkomen; [een schuld] honoreren; [inform.] dokken; vereffenen; over de brug komen; overkomen; [m.b.t. rekening] gladmaken; [Barg.] roeren; [Barg.] besjollemen; (4) [eer] betuigen; [eer] bewijzen; [eerbied] betonen; zich [inspanningen] getroosten; zich [moeite] geven; (5) van de hand doen; verkopen; (6) [~に注意を] acht slaan op; aandacht besteden aan; aandacht schenken aan; letten op; opletten; bij de les blijven; achten; acht geven; oppassen
服する fukusuru (1) volgen; [命令に] opvolgen; gevolg geven aan; luisteren naar; zich voegen naar; zich schikken naar; gehoorzamen; nakomen; naleven; zich onderwerpen aan; buigen voor; zich neerleggen bij; toegeven aan; (2) [兵役に] dienen bij; in dienst zijn van; vervullen; [喪に] aannemen; [刑に] ondergaan; uitzitten; boeten; ; (1) doen volgen; (2) aantrekken; aandoen; zich kleden; (3) drinken; innemen; slikken
掻き起こす kakiokosu (1) opstoken; aanstoken; stoken; aanwakkeren; aanjagen; oprakelen; [veroud., gew.] aanboeten; [gew.] boeten; [w.g.] aanzetten; (2) opzetten; overeind brengen; rechtop zetten; rechten; [Belg.N.] rechtzetten
網針 amibari naald om netten mee te maken; boeten; breien
贖う aganau boete doen; boeten; goedmaken; delgen; redresseren; bekopen; vrijkopen; afkopen; verlossen
網針 abari naald om netten mee te maken; boeten; breien
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.68 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 8 treffers (zoekopdracht: 'boeten', strategie: exact). 
2005-2019