日蘭辭典+

12 resultaten voor ‘boodschap’
日蘭辭典 (trefwoord)
tateru立てる、樹てる
(建てる) t.w. (1) [立起す] laten staan; neerzetten; hijschen (旗を); overeind zetten (石を); spitsen (耳を). (2) [建造する] bouwen; oprichten. (3) [閉ぢる] sluiten; dichtdoen. (4) [設立する] stichten; (組織する) instellen; organiseeen. (5) [制定する] vaststellen. (6) [計畫を] beramen. (7) [議論を] opwerpen; aanvoeren. (8) [勳功を] tot stand brengen; presteeren. ¶ 忠義を立てる trouw zijn. ¶ 男を立てる zijn waardigheid als man handhaven. ¶ 腹を立てる boos worden. ¶ 噂を立てる gerucht verspreiden. ¶ を立てる zich een positie verovereren; carriere maken. ¶ 生計を立てる zijn brood verdienen. ¶ 聲を立てる geluid geven. ¶ を立てる zweren; gelofte doen. ¶ 使を立てる boodschap zenden. ¶ の目を立てる zaag scherpen. ¶ 棘を立てる zich aan doorn prikken.
chō
zn. voorteeken o.; teeken o.
shisha使者
zn. afgezant m.; boodschapper m. ¶ 使者に遣はす iemand met een boodschap zenden.
benzuru辨ずる
(弁ずる) t.w. (1) [辨別] onderscheiden; onderscheid maken. (2) [供給] verschaffen. (3) [處辨] afhandelen; uitvoeren; afdoen. ¶ 直ぐに外に出れば何でも用が辨じます als wij maar even de deur uitgaan kunnen we alles krijgen. ¶ お前を使にやっても用が辨じない als ik jou om een boodschap uitzend word die nooit behoorlijk uitgevoerd.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <boodschap>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
伝言 dengon boodschap; bericht; mededeling; depêche
知らせ shirase (1) bericht; boodschap; mededeling; kennisgeving; [Belg.N.] verwittiging; tijding; nieuws; melding; bekendmaking; inlichting; onderrichting; aankondiging; informatie; notificatie; [lit.t.] kondschap; [veroud.] bescheid; (2) voorteken; omen; aankondiging; waarschuwing; voorbode; prognosticon
言付け kotozuke boodschap; bericht
便り tayori nieuws; tijding; bericht; boodschap; [i.h.b.] brief; [i.h.b.] schrijven
you a. voor; bestemd voor; bedoeld voor; ten gebruike van; ten behoeve van; ad; in usum; ; (1) nut; bruikbaarheid; dienst; (2) gebruik; (3) taak; werk; boodschap; klus; karwei; (4) kosten; prijs; uitgaven; (5) (kleine en grote) boodschap; urine en poep
音字 onji (1) [taalk.] klankteken; fonetisch teken; fonogram; (2) nieuws; tijding; bericht; boodschap; mededeling; correspondentie; brief
お使い otsukai (1) boodschap; opdracht; (2) boodschapper; afgezant; bode; renbode; gezondene; uitgezondene; émissaire; loopjongen; (3) besteller; overbrenger; brenger
買い物 kaimono inkoopjes; boodschap; [veroud.] commissie
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.38 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 8 treffers (zoekopdracht: 'boodschap', strategie: exact). 
2005-2019