日蘭辭典+

27 resultaten voor ‘constructie’
日蘭辭典 (trefwoord)
kenchiku建築
zn. (1) [建造] constructie v.; oprichting v. (2) [建築物] gebouw o. ¶ 建築する bouwen. ¶ 建築技師 architect ¶ 建築用材 bouwmaterialen. ¶ 建築中である in aanbouw zijn.
kamae
(構え) zn. (1) [結構] constructie v.; bouw m. (2) [姿勢] houding v. ¶ 大した構をして居る op grooten voet leven.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <constructie>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
アーキテクチャaakitekucha architectuur; bouwkunde; bouwkunst; bouwstijl; opbouw; constructie
アーキテクチャーaakitekuchaa (1) architectuur; bouwstijl; opbouw; constructie; (2) [comp.] architectuur; conceptuele structuur
アーキテクチュアaakitekuchua architectuur; bouwkunde; bouwkunst; bouwstijl; opbouw; constructie
ストラクチャーsutorakuchaa (1) structuur; bouw; samenstel; samenstelling; (2) bouwwerk; constructie; bouwsel
作り方tsukurikata (1) bereidingswijze; productiemethode; constructiemethode; receptuur; recept; (2) uitvoering; makelij; maaksel; constructie; formatie; bouw; structuur; stijl; (3) [landb.] teelwijze; (4) [bouwk.] bouwstijl
作り ; 造りtsukuri (1) bouw; constructie; makelij; factuur; afwerking; uitvoering; (2) bouw; cultuur; teelt; kweek; [庭の] aanleg; (3) stijl; presentatie; toilet; [i.h.b.] kledingstijl; kleedstijl; (4) plakjes verse rauwe vis; sashimi
作図sakuzu (1) het tekenen; (2) [meetk.] constructie; (3) [meetk.] meetkundige figuur
工事kouji werken; bouw; bouwwerken; bouwwerkzaamheden; constructie
工作kousaku (1) handwerk; handenarbeid; handvaardigheid; knutselwerk; (2) constructie; bouw; (3) zet; manoeuvre; maneuver; stap; kunstgreep; handgreep; gemanoeuvreer; gelobby
建築kenchiku (1) bouw; opbouw; constructie; oprichting; aanbouw; (2) gebouw; bouwwerk; bouwsel; (3) architectuur; bouwkunst
建築物kenchikubutsu gebouw; bouwwerk; bouwsel; constructie
建築部材kenchikubuzai [bouwk.] bouwelement; constructie-element
建設kensetsu (1) bouw; opbouw; aanbouw; aanleg; constructie; oprichting; het slaan (van een brug); (2) oprichting; vestiging; stichting; het instellen; instelling
建造kenzou bouw; het bouwen; opbouw; aanbouw; constructie
建造物kenzoubutsu bouwwerk; bouwsel; constructie
敷設 ; 布設 ; 鋪設fusetsu (1) aanleg; (2) bouw; aanbouw; constructie
普請fushin (1) bouw; constructie; (2) kasteelbouw; (3) [zenboeddh.] verplichte aanwezigheid
構成kousei (1) het maken; vorming; bouw; constructie; samenstelling; constitutie; compositie; (2) het organiseren; organisatie; het op poten zetten; het op touw zetten; (3) [chem.] moleculenconfiguratie
構築kouchiku bouw; constructie; aanleg
構築物kouchikubutsu constructie; bouwwerk; structuur; bouwsel
構造kouzou (1) bouw; constructie; het maken; (2) kader; geraamte; raamwerk; frame; dragende constructie; (3) organisatie; structuur; (4) [maatwoord voor constructies; structuren]
築造chikuzou bouw; constructie
組立てkumitate (1) assemblage; samenvoeging; montage; (2) structuur; bouw; constructie; compositie; samenstelling; (3) systeem; organisatie
組織soshiki (1) organisatie; inrichting; (2) organisatie; structuur; formatie; samenstelling; vorming; inrichting; georganiseerdheid; opbouw; bouw; constructie; compositie; systeem; stelsel; (3) [biol.] weefsel; [i.h.b.] textuur; [i.h.b.] innerlijke structuur; (4) [maatwoord voor organisaties; structuren]
結構kekkou (1) structuur; constructie; bouwsel; bouw; geraamte; kader; (2) steun; stut; spant; (3) opbouw (van een verhaal); plot; verwikkeling (van een verhaal); (4) goed; fijn; mooi; (5) prachtig; magnifiek; schitterend; (6) lekker; heerlijk; (7) ten zeerste; zeer; erg; geweldig; in hoge mate; ruimschoots; rijkelijk; overvloedig; buitengewoon; buitengemeen; enorm; geweldig; (8) aardig; nogal; tamelijk; vrij; vrij wat; redelijk; in redelijk hoge mate; behoorlijk; best
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.62 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 25 treffers (zoekopdracht: 'constructie', strategie: exact). 
2005-2020