日蘭辭典+

15 resultaten voor ‘dichtdoen’
日蘭辭典 (trefwoord)
itadaku戴く
t.w. (1) [冠る] opzetten; dragen; op het hoofd hebben; i.w. bedekt zijn met. t.w. (2) [貰ふ] ontvangen; aanvaarden; krijgen. (3) [食ふ又は飮む] eten; drinken; gebruiken. i.w. [治者を] geregeerd worden door; t.w. boven zich hebben. ¶ 帽を戴く een hoed dragen. ¶ 水を一杯戴きます mag ik een glas water hebben? ¶ 戸を閉めて戴きませう zou u de deur dicht willen doen?
tateru立てる、樹てる
(建てる) t.w. (1) [立起す] laten staan; neerzetten; hijschen (旗を); overeind zetten (石を); spitsen (耳を). (2) [建造する] bouwen; oprichten. (3) [閉ぢる] sluiten; dichtdoen. (4) [設立する] stichten; (組織する) instellen; organiseeen. (5) [制定する] vaststellen. (6) [計畫を] beramen. (7) [議論を] opwerpen; aanvoeren. (8) [勳功を] tot stand brengen; presteeren. ¶ 忠義を立てる trouw zijn. ¶ 男を立てる zijn waardigheid als man handhaven. ¶ 腹を立てる boos worden. ¶ 噂を立てる gerucht verspreiden. ¶ を立てる zich een positie verovereren; carriere maken. ¶ 生計を立てる zijn brood verdienen. ¶ 聲を立てる geluid geven. ¶ を立てる zweren; gelofte doen. ¶ 使を立てる boodschap zenden. ¶ の目を立てる zaag scherpen. ¶ 棘を立てる zich aan doorn prikken.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <dichtdoen>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
仕舞う (bet. 1-3) ; 終う (bet. 1-3) ; 了う (bet. 4)shimau (1) sluiten; dichtdoen; [i.h.b.] voorgoed sluiten; stopzetten; opdoeken; opheffen; [met de zaak enz.] ophouden; (2) opbergen; bergen; wegbergen; wegdoen; wegleggen; wegzetten; wegstoppen; [i.h.b.] terugleggen; [i.h.b.] terugzetten; [i.h.b.] terugplaatsen; [i.h.b.] weer op zijn plaats zetten; leggen; [~ている ; ておく] bewaren; opzijleggen; opslaan; (3) beëindigen; afmaken; eindigen; tot een eind brengen; een einde maken (aan); afsluiten; afronden; (4) uit-; af-; ten einde (toe) …; geheel en al … [aangesloten op de constructie RYK + て; duidt aan dat de in het grondwoord genoemde handeling ten einde gevoerd; voltooid; tot het einde toe verricht wordt; signaleert vaak spijt of onwenselijkheid van het eindresultaat]
塞ぐfusagu (1) afsluiten; dichten; dichtmaken; afdichten; afstoppen; dichtgooien; toegooien; stoppen; vullen; dempen; plempen; dichtstoppen; verstoppen; toestoppen; toedammen; opvullen; opstoppen; opproppen; stremmen; versperren; [veroud.] sperren; blokkeren; belemmeren; obstrueren; (2) de handen voor [z'n ogen; oren; mond enz.] houden; met z'n handen afdekken; bedekken; (3) [de deur e.d.] sluiten; dichtdoen; toedoen; toesluiten; (4) [plicht e.d.] vervullen; doen; voldoen; volbrengen; betrachten; (5) [tijd; plaats e.d.] in beslag nemen; innemen; beslaan; bezetten; (6) versomberen; in de put raken; zich depri gaan voelen; depressief worden; ontmoedigd raken; mismoedig worden; terneergedrukt raken; gedeprimeerd raken; down raken
大目に見るoomenimiru door de vingers zien; de ogen sluiten (voor); een oogje dichtknijpen; dichtdoen; dichtdrukken; toedrukken; toeknijpen; oogluikend toelaten; dulden; stilzwijgend laten passeren; voorbijzien; heen laten lopen; voorbijgaan aan; gedogen; toegeeflijk zijn; even de andere kant op kijken; over zijn kant laten gaan; met de mantel der liefde bedekken; pardonneren; vergeven; negeren
引くhiku (1) trekken (aan); halen; [een hendel; de trekker enz.] overhalen; [naar zich] toetrekken; aanhalen; [een boog] spannen; opspannen; (2) [de aandacht] trekken; [klanten] aantrekken; [sympathie] winnen; [belangstelling] wekken; (3) [een vaartuig] jagen; slepen; [een schip] treilen; [een trekdier] geleiden; leiden; (4) citeren; aanhalen; (5) stammen uit; afstammen van; [系統を] afkomen van; spruiten uit; [i.h.b.] aarden naar; (6) [hout] zagen; [op een pottenbakkersschijf] draaien; (7) malen; vermalen; fijnmalen; (8) [een lijn; een draad] trekken; lijnen; spinnen; [een rechte] beschrijven; (9) aanhouden; rekken; (10) [gordijnen] dichttrekken; dichtdoen; (11) aanbrengen; besmeren; bedekken; bestrijken; (12) [elektriciteit] aanleggen; installeren; aansluiten; [water (door buizen enz.)] aanvoeren; [veroud.] aanleiden; (13) [een getal] aftrekken; [een bedrag] afhouden; in mindering brengen; afnemen; [iets in prijs] verlagen; afdoen; verminderen; reduceren; terugbrengen; [i.h.b.] korting geven; (14) [de troepen] terugtrekken; intrekken; [visnetten] ophalen; [de handen (van iets)] aftrekken; (15) overrijden; omrijden; omverrijden; aanrijden; (16) achteruitgaan; teruggaan; terugtrekken; afgaan (van); terugwijken; (17) zich retireren; zich terugtrekken; verlaten; [veroud.] resigneren; (18) afnemen; zakken; dalen; wijken; wegtrekken; teruglopen
掛けるkakeru (1) ophangen; hangen; behangen; [鉤に〜] vasthaken; [十字架に〜] slaan; [審議に〜] aanhangig maken; (2) zetten tegen; plaatsen tegen; (3) bedekken; afdekken; spreiden over; overspreiden; overdekken; leggen op; [火に〜] op het vuur zetten; (4) [ケーブルを〜] leggen; [橋を〜] aanleggen; slaan; bouwen; installeren; (5) gaan zitten; plaatsnemen; zich neerzetten; (6) besprenkelen; gieten over; uitgieten over; begieten; bestrooien; [火を〜] in brand steken; [サラダにドレッシングを〜] aanmaken; (7) [眼鏡を] opzetten; [ショールを〜] omdoen; bekleden met; aankleden; (8) [ボタンを〜] dichtdoen; vastmaken; [錠を〜] sluiten; grendelen; vergrendelen; (9) [電話を〜] telefoneren; bellen; opbellen; een telefoontje plegen; [電報を〜] telegraferen; (10) wegen; het gewicht vaststellen; (11) vermenigvuldigen; (12) [望みを〜] een wens doen; z'n hoop vestigen op; [問いを〜] richten; [思いを〜] verliefd worden op; [人に…の疑いを〜] aankijken op; (13) [税を〜] opleggen; heffen; [面倒を] berokkenen; veroorzaken; bezorgen; aandoen; [心配を〜] met bezorgdheid vervullen; bezorgdheid teweegbrengen; zorgwekkend zijn; zorgen baren; verontrusten; troebleren; (14) [機械を〜] aanzetten; [目覚し時計を〜] zetten; [ミシンを〜] met; op de machine naaien; [アイロンを〜] strijken; [レコード; CDを〜] opzetten; afdraaien; [時計のねじを〜] opwinden; (15) [暇; 金を〜] besteden aan; (16) [賞金を〜] uitloven; (17) [診療に〜] onder medische behandeling plaatsen; onderwerpen aan; laten opnemen; [裁判に] voor het gerecht brengen; voor de rechter brengen; voorbrengen; laten voorkomen; consulteren; (18) [雌牛を雄牛に〜] stieren; naar; onder de stier brengen; laten paren; laten bollen; (19) [心に〜] denken aan; in acht nemen; in gedachten houden; voor ogen houden; rekening houden met; zich aantrekken; ter harte nemen; indachtig zijn; gedachtig zijn; onthouden
畳むtatamu (1) opvouwen; vouwen; samenvouwen; opklappen; [i.c.m. 旗; 帆を] opdoeken; [i.c.m. 旗; 帆を] bergen; [i.c.m. 扇; 翼を] dichtvouwen; [i.c.m. テントを] opbreken; [i.c.m. 本を] sluiten; [i.c.m. 本を]] dichtdoen; [i.c.m. 石; 煉瓦 enz.] opstapelen; (2) opdoeken; opheffen; voorgoed sluiten; [uitdr.] zijn matten oprollen; er een einde aan maken; [een zaak enz.] aan de kant doen; zetten; stopzetten; liquideren; (3) [in zijn hart enz.] wegsluiten; [in gedachten enz.] houden; niet uiten; oppotten; [oneig.] opkroppen; (4) afmaken; van kant maken; uit de weg ruimen; opruimen; liquideren; [Barg.] mollen
瞑るtsuburu (1) [目を] de ogen sluiten; dichtdoen; toedoen; luiken; (2) [fig.] [目を] een oogje dichtknijpen; luiken; de ogen voor iets sluiten; doen alsof men het niet ziet; niet willen zien; oogluikend laten gebeuren; door de vingers zien; negeren; over zijn kant laten gaan
瞑るtsumuru (1) [目を] de ogen sluiten; dichtdoen; toedoen; luiken; (2) [口を] de mond dicht houden; z'n mond houden; zwijgen
締め切る ; 閉め切るshimekiru (1) sluiten; dichtdoen; toedoen; (2) afsluiten; beëindigen; besluiten; [meton.] uiterlijk; niet later dan; op zijn laatst ~ aanvaarden
閉ざすtozasu (1) [戸; 門; 口を] sluiten; dichtdoen; toedoen; [錠で] op slot doen; [閂で] vergrendelen; (2) [店を] opdoeken; (3) [道を] versperren; blokkeren; (4) [国を] afzonderen; isoleren; afsluiten
閉じるtojiru (1) sluiten; dichtgaan; toegaan; zich sluiten; [m.b.t. de ogen] luiken; [w.g.] dichten; (2) [m.b.t. winkel; vergadering enz.] sluiten; aflopen; eindigen; ten einde lopen; (3) sluiten; dichtdoen; toedoen; [een boek enz.] dichtklappen; [m.b.t. de ogen] luiken; [w.g.] dichten; (4) sluiten; [een vergadering enz.] eindigen; ten einde brengen; [een vergadering enz.] afsluiten
閉めるshimeru (1) sluiten; dichtdoen; toedoen; (2) [m.b.t. winkel; zaak] voorgoed sluiten; opdoeken; opheffen; stopzetten; beëindigen
閉鎖するheisasuru sluiten; afsluiten; afgrendelen; [工場を] stopzetten; opheffen; dichtdoen; opdoeken; buiten bedrijf stellen
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.61 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 13 treffers (zoekopdracht: 'dichtdoen', strategie: exact). 
2005-2021