日蘭辭典+

10 resultaten voor ‘dingen’
日蘭辭典 (trefwoord)
aaiuああいふ
(ああいう) bw. zoo; aldus; op die manier; op die wijze; vnw. zulk; zoodanig. ¶ ああいふ事 zoo iets. ¶ ああいふ物 zulke dingen; zoodanige dingen;
yabo野暮
zn. lompheid; onbeschaafdheid. ¶ 野暮な lomp; onbeschaafd; boersch. ¶ 野暮な男 ongelikte beer. ¶ 野暮を言ふ onbenullige dingen zeggen.
SUPPLEMENT (trefwoord)
shaberu喋る
(-r stam) (1) babbelen; kletsen; (niet serieus, vrijblijvend) praten; roddelen. ¶ 日本人遭遇して日本語めっちゃしゃべった。 Nihonjin to sōgōshite nihongo mettcha shabetta. Toevallig een Japanner ontmoet, we hebben tijdenlang gebabbeld. (twitter) (2) informatie doorvertellen die niet voor anderen bestemd is; zich iets laten ontvallen; zich verspreken; roddelen. ¶ しゃべってしまった shabette shimatta ik versprak me (twitter) ¶ 眠すぎて真実しゃべってしまった Nemusugite shinjitsu shabette shimatta Ik was te slaperig en liet me ontvallen hoe het werkelijk in elkaar zit. (twitter) ¶ あ、ごめんなさい。聞かれてもいない余計なことをしゃべってしまったと思って、ツイート消しちゃった。 A, gomen nasai. Kikarete mo inai yokei na koto wo shabette shimatta to omotte, twiito keshichatta. O, neem me niet kwalijk. Omdat ik dacht dat ik nodeloos uitweidde over dingen die me niet eens gevraagd waren had ik de tweet verwijderd. (twitter) (3) praten over iets. ¶ テレビでは、我が国の将来の問題を誰かが深刻なをしてしゃべっている。 Terebi de wa, wagakuni no shōrai no mondai wo dare ka ga shinkoku na kao wo shite shabette iru. Op TV is iemand met een ernstige blik over de problemen van ons land aan het praten. (4) (in) een taal praten; een taal spreken. (TTC) ¶ 彼ら英語をしゃべっていますか。 Karera wa eigo wo shabette imasu ka. Spreken ze Engels? (TTC) ¶ 彼はとうとう中国語をしゃべるようになりました。 Kare wa tōtō chūgokugo wo shaberu yō ni narimashita. Hij is eindelijk Chinees gaan praten. (twitter)
TEKST EN UITLEG (trefwoord)
bron:The Tanaka Corpus露わに
間近から見ると、ものごとはその欠点や本来備わる醜さを露わにする傾向がある。
Van dichtbij bezien hebben dingen de neiging om hun tekortkomingen en de inherente
lelijkheid die ze bezitten en al te openbaren.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <dingen>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
望む nozomu (1) een uitzicht hebben; (in de verte) zien; uitzien; overzien; overkijken; [w.g.] afogen; uitkijken; (2) wensen; willen; verlangen; begeren; verkiezen; believen; uit zijn op; staan naar; ambiëren; streven naar; dingen; verhopen; hopen; verwachten; uitkijken naar; vlassen op; talen naar; [Barg., volkst.] spinzen (op)
景気 keiki (1) wereld; dingen; zaken; tijden; (2) conjunctuur; toestand; gesteldheid van de economie; omstandigheden van de handel; marktsituatie; (3) welvaart; bloei; voorspoed
大事 daiji (1) belangrijk; gewichtig; [form.] important; ernstig; zwaarwichtig; zwaarwegend; van belang; gewicht; waarde; betekenis; dierbaar; kostbaar; lief; gewaardeerd; na aan het hart; (2) zorgzaam; attent; bezorgd; voorzichtig; zorgvol; zorgdragend; soigneus; met zorg; ; (1) grotigheid; iets belangrijks; iets gewichtigs; iets groots; grote gebeurtenis; dingen; (2) ernstige situatie; een zaak van betekenis; iets ernstigs; groot moment; probleem; crisis
競争する kyousousuru wedijveren; strijden; rivaliseren; concurreren; meedingen; dingen; naar de kroon steken
値切る negiru de prijs laten zakken; iets van de prijs afkrijgen; afdingen; afpingelen; knibbelen; pingelen; dingen; marchanderen
掛け合う kakeau [水を] elkaar besprenkelen; [声を] roepen naar elkaar; ; (1) onderhandelen; onderhandelingen voeren; marchanderen; dingen; [値段を] pingelen; handjeplak doen; sjacheren; (2) partij kunnen bieden aan; opwegen tegen; niet onderdoen voor
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.37 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 6 treffers (zoekopdracht: 'dingen', strategie: exact). 
2005-2019