日蘭辭典+

35 resultaten voor ‘eerste’
日蘭辭典 (trefwoord)
arakabe荒壁
zn. eerste laag pleister v.
atosaki後先
zn. (1) [前後] voorkant en achterkant; eerste en laatste. ¶ 前後顛倒 verkeerd om; in de war. (2) [順序] volgorde v. ¶ 後先の考なき ondoordacht; onvoorzichting.
ichi
telw. een; de eerste (第一); zn. aas (カルタの) o. ¶ 一も二もなく zonder eenige discussie. ¶ 一も二もなく斷る botweg weigeren. ¶ 第一に in de eerste plaats; eerstens. ¶ 一か八か erop of eronder; alles of niets. ¶ 一から十まで in alle opzichten; van begintot eind. ¶ 一と言って二とさがらぬ onovertroffen. ¶ 一を聞いて十を知る voor een goed verstaander is een half woord genoeg.
ichiban一番
telw. eerst; bn. best; zn. spel (勝負) o.; bw. (一度試みに) om te probeeren; bij wijze van proef. ¶ 一番の de voorste. ¶ 一番の de achterste. ¶ 一番汽車 de eerste trein. ¶ 級中の一番 de eerste van de klasse. ¶ 一番弟子 de beste leerling; de primus; nummer een. ¶ 此れが一番好きだ dit bevalt mij het best. ¶ 一番良くて op zijn best; hoogstens. 一番やらうか zullen we een spelletje doen? ¶ 一番やって御覽 probeer het eens.
uijin初陣
zn. eerste veldslag m.; vuurdoop m.
sakigake
(先駆け) zn. (1) [] eerste m.; pionier m.; baanbreker m. (2) [] eerste o.; begin o. ¶ の魁 voorbode. ¶ 魁する de eerste zijn; de anderen voor zijn; het initiatief nemen.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <eerste>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
アルファarufa (1) alfa; (2) [fig.] alfa; begin; aanvang; eerste; (3) alfa [= onbekende grootheid]; (4) [honkb.; veroud.] alfa [markeert een virtuele overwinning]; (5) [atlet.] alfa [markeert een virtueel record bij het (polsstok)hoogspringen]; (6) iets extra's; extraatje meer
ピンpin (1) speld; (2) pin; stift; pen; (3) haarspeld; (4) [ゴルフの] vlaggenstok; (5) [ボーリングの] kegel; (6) [さいころの] één oog; [meton.] nummer één; beste; eerste; top; (7) begin; (8) ping!; knap! [kort knappend geluid]; (9) rinkel [hel klinkend; knitsend geluid]
ファーストfaasuto (1) eerste ~; (2) [honkbal] eerste honk; (3) [honkbal] eerste honkman; (4) Fast; Howard Melvin [Amerikaans romanschrijver; 1914-2003]
プリンスpurinsu (1) prins; (2) [fig.] prins; aanvoerder; eerste; (3) Prince
プレミアpuremia (1) première; eerste opvoering; vertoning; voorstelling; (2) premie; (3) toeslag; meerprijs; (4) eerste; voornaamste
リーディングriidingu (1) lezing; voorlezing; voordracht; (2) lezing; interpretatie; (3) sierlijst met rietwerkreliëf; (4) eerste; voorste
一の院ichinoin [pol.] eerste; voornaamste teruggetreden keizer
優先権yuusenken prioriteitsrecht; prioriteit; preferentie; voorkeursrecht; recht van voorkeur; recht van voorrang; preferentiële rechten; eerste; oudste aanspraken; oudste rechten
先取特権senshyutokken eerste; oudste rechten (op); recht van voorkeur; voorrang; prioriteitsrecht; preferentie; zakelijke voorrechten; primaire vordering
処女shyojo (1) maagd; ongetrouwde vrouw; (2) maagdelijkheid; virginiteit; reinigheid; [studentent.] maagje; (3) ongeslachtelijk; agaam; aseksueel; partheno-; (4) maagdelijk; ongerept; onbetreden; (5) eerste; maiden-
初めの ; 始めのhajimeno eerste; begin-; beginnend; aanvangs-; aanvangend; initieel; vroeg; vroege; eerstgenoemde; origineel; oorspronkelijk; vroegst; aanvankelijk; primair; pril
初子uigo eerste; oudste kind; eerstgeborene; eerstgeboren kind; eersteling; primogenitus
初子hatsugo eerste; oudste kind; eerstgeborene; eerstgeboren kind; eersteling; primogenitus
初期shyoki (1) beginperiode; begintijd; vroege dagen; beginjaren; eerste; vroegste jaren; (2) eerste fase; beginfase; beginstadium
初期のshyokino begin-; aanvangs-; aanvankelijk; vroeg; eerste; pril
初歩shyoho eerste; allereerste beginselen; grondslagen; grondbeginselen; elementen; rudimenten; basiskennis; elementaire begrippen; [fig.] abc
前者zenshya eerstgenoemde (van twee); eerste; het ene [tgov. het andere]
太郎tarou (1) oudste zoon; grootste; (2) [fig.] eerste; grootste; hoogste; (3) Tarō
ta oudste; eerste
始め ; 初め ; 始 ; 初hajime (1) begin; oorsprong; origine; eerste; (2) begin; aanvang; start; opening; [i.h.b.] aanhef; (3) ~ inbegrepen; ~ en anderen; [iedereen; allen enz.] te beginnen met ~
tobira (1) deur; portier; poortje; (2) deurvleugel; (3) titelblad; titelpagina; eerste; voorste pagina; voorpagina; frontpagina
最初のsaishyono begin-; eerste; aanvankelijk; aanvangs-; initieel; initiaal; primair; maiden-; openings-
kou (1) [dierk.] pantser; [蟹の] schaal; [亀の] schild; (2) [手の] rug; bovenkant; (3) [astrol.] eerste van de tien hemelse stammen; (4) eerste klasse; eerste rang; (5) eerste veronderstelde persoon of zaak; A; (6) wapenrusting; helm; (7) gebogen vlak van een citer; luit; (8) [Jap.muz.] hoge register; hoge toon; [i.h.b.] octaaf hogere toon; (a) pantser; schaal; schild; harnas; (b) [astrol.] eerste van de tien hemelse stammen; (c) begin; eerste; (d) provincie Kai
hashi (1) uiteinde; einde; tip; staart; (2) rand; kant; boord; zoom; marge; grens; uithoek; hoek; [gew.] uitkant; (3) eindje; fragment; stukje; (4) flard; gedeelte; (5) begin; eerste; (6) [bouwk.] buitenkant; buitenzijde; voor; voorgedeelte; [i.h.b.] straatzijde; straatkant; (7) aanhef; voorwoord; voorbericht; inleiding; (8) aanvang; start; begin; (9) bescheiden positie; status; (10) lagere prostituee; (11) […~に] terwijl; en daarnaast
第一次daiichiji eerste; primaire
衣食ishyoku (1) kleding en voedsel; (2) eerste; primaire levensbehoeften; levensonderhoud
随一zuiichi (1) [~の] best; meest vooraanstaand; leidend; prominent; belangrijkst; (2) eerste; pionier
首位shyui eerste; hoogste plaats; toppositie; top
首席shyuseki (1) [onderw.] voorste bank; eerste plaats; [meton.] eerste; beste leerling van de klas; primus; (2) eerste rang; belangrijkste plaats; hoofd
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.58 sec. jiten.nl: 6 treffers, warandict: 29 treffers (zoekopdracht: 'eerste', strategie: exact). 
2005-2022