日蘭辭典+

26 resultaten voor ‘eindigen’
日蘭辭典 (trefwoord)
ageru擧げる、上げる
(上げる挙げる揚げる) t.w. (1) [旗を] hijschen. (2) [位を] bevorderen. (3) [擧示] opnoemen; geven; noemen. (4) [成績] opbrengen. (5) [進呈] aanbieden; geven. (6) [終了する] eindigen; afmaken. ¶ 本を讀みあげる een boek uitlezen. ¶ 此本をあげました ik heb dit boek uit. (7) [を] zijn stem verheffen. (8) [錨を] het anker lichten. (9) [增加] verhoogen. ¶ 賃金を上げる het loon verhoogen. (10) [式を] vieren. (11) [煎る] braden.
yamu止む
(已む、罷む) i.w. ophouden; stoppen; uitscheiden; eindigen; afgeloopen zijn; stilstaan. ¶ が止んだ de regen is opgehouden. ¶ が止んだ de wind is gaan liggen.
tomaru止る
i.w. ophouden; stoppen; eindigen; verblijven; logeeren (泊る). ¶ 止まれ halt! stop! ¶ 兒がとまる zwanger worden. ¶ が止まる zijn stem kwijt zijn. ¶ に留まる de aandacht trekken. ¶ 停まらず zonder te stoppen.
shimau仕舞ふ
(仕舞う、終う、了う、藏ふ、蔵う) t.w. [終る] eindigen; ten einde brengen; i.w. een eind maken aan. t.w. (2) [藏する] wegbergen; opbergen. ¶ を讀んで了ふ een boek uitlezen. ¶ 試驗を仕舞ひました het examen is afgeloopen.
SUPPLEMENT (trefwoord)
battariばったり
(bw, to-bw) (1) plotsklaps; opeens; plotseling. ¶ 雨がばったりやんだ。 Ame ga battari yanda. De regen stopte opeens. (yamasv) (2) stoppen of eindigen na lange tijd ¶ 彼は長年毎日のようにこのカフェに来ていたが、先月からばったり来なくなった。 Kare wa naganen mainichi no yō ni kono kafe ni kite ita ga, sengetsu battari konaku natta. Jarenlang kwam hij vrijwel elke dag naar dit [het] café, maar sinds vorige maand niet meer. (yamasv) (3) iemand onverwacht ontmoeten; iemand tegen het lijf lopen. ¶ 高校の先生と今日10年ぶりにばったり会った。 Kōkō no sensei to kyō jūnenburi ni battari atta. Ik kwam vandaag opeens na tien jaar een docent van de middelbare school tegen. (yamasv) (4) opeens neervallen; in elkaar storten. ¶ 彼はばったり倒れて、二度と立ち上がらなかった。 Kare wa battari taorete, nido to tachiagaranakatta. Hij viel opeens om en kwam niet meer overeind. (yamasv) (5) met een smak; met een plof. (ばったりと)
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <eindigen>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
済む sumu (1) over zijn; voorbij zijn; uit zijn; gedaan zijn; af zijn; klaar zijn; aflopen; ten einde lopen; eindigen; een einde nemen; erop zitten; tot een einde komen; geëindigd zijn; ophouden; (2) voldoende zijn; genoeg zijn; sufficiënt zijn; toereikend zijn; genoegzaam zijn; toereiken; volstaan (met); door de beugel kunnen; (3) genoeg hebben aan; toekomen (met); uitkomen (met); het kunnen stellen (met); toekunnen met; het kunnen rooien met; het (kunnen) redden met; rondkomen met; zich behelpen met; het kunnen regelen met; het kunnen oplossen (met); er met ~ afkomen; (het) er afbrengen; [voorafgegaan door -nakutemo ~なくても, -zu ni ~ずに enz.] niet hoeven
尽きる tsukiru (1) opraken; uitgeput raken; (2) ophouden; aflopen; eindigen; (3) zich beperken tot; niet meer of minder zijn dan
決着がつく ketchakugatsuku aflopen; ten einde lopen; een einde nemen; eindigen; ophouden; z'n beslag krijgen; uitgemaakt worden
閉会する heikaisuru [een vergadering, bijeenkomst enz.] sluiten; beëindigen; besluiten; een eind maken aan; [een zitting enz.] opheffen; ; eindigen; sluiten; aflopen; over zijn; ten einde lopen
無くなる nakunaru verdwijnen; zoekraken; verloren gaan; [inform.] foetsie raken; [form.] teloorgaan; blijven; weggaan; wijken; [van lust, zin e.d.] vergaan; [van moed, hoop enz.] ontvallen; tenietgaan; kwijtraken; opraken; zonder (~) komen te zitten; opgaan; ophouden (te bestaan); wegsterven; versterven; ter ziele gaan; overgaan; eindigen; komen te vervallen; [veroud., lit.t.] verzwinden
終了する shuuryousuru afsluiten; een eind maken aan; tot een einde brengen; afmaken; eindigen; besluiten; beëindigen; termineren; voltooien; afwerken; zijn; haar beslag geven; ; aflopen; er komt een einde aan ~; ten einde lopen; tot een einde komen; een einde nemen; eindigen; ophouden; over; uit; voorbij; gedaan zijn; [i.h.b.] expireren
仕舞いになる shimaininaru eindigen; aflopen; ten einde lopen; ten einde komen; tot een einde komen; uit zijn; over zijn; ophouden
仕舞う (bet. 1-3) shimau uit-; af-; ten einde (toe) …; geheel en al … [aangesloten op de constructie RYK + て; duidt aan dat de in het grondwoord genoemde handeling ten einde gevoerd, voltooid, tot het einde toe verricht wordt; signaleert vaak spijt of onwenselijkheid van het eindresultaat]; ; (1) sluiten; dichtdoen; [i.h.b.] voorgoed sluiten; stopzetten; opdoeken; opheffen; [met de zaak enz.] ophouden; (2) opbergen; bergen; wegbergen; wegdoen; wegleggen; wegzetten; wegstoppen; [i.h.b.] terugleggen; [i.h.b.] terugzetten; [i.h.b.] terugplaatsen; [i.h.b.] weer op zijn plaats zetten; leggen; [~ている ; ておく] bewaren; opzijleggen; opslaan; (3) beëindigen; afmaken; eindigen; tot een eind brengen; een einde maken (aan); afsluiten; afronden
閉じる tojiru (1) sluiten; dichtgaan; toegaan; zich sluiten; [m.b.t. de ogen] luiken; [w.g.] dichten; (2) [m.b.t. winkel, vergadering enz.] sluiten; aflopen; eindigen; ten einde lopen; ; (1) sluiten; dichtdoen; toedoen; [een boek enz.] dichtklappen; [m.b.t. de ogen] luiken; [w.g.] dichten; (2) sluiten; [een vergadering enz.] eindigen; ten einde brengen; [een vergadering enz.] afsluiten
途切れる togireru onderbroken worden; afgebroken worden; eindigen; aflopen; ophouden; uitscheiden; het laten afweten
去る saru (1) verwijderen; afhalen; weghalen; wegwerken; uithalen; wegnemen; afdoen; afnemen; verbannen; zich af maken van; (2) zich ontdoen van; bannen; uitbannen; afzetten (van); laten varen; (3) [m.b.t. baan] opgeven; stoppen met; [m.b.t. ambt] neerleggen; verlaten; opzeggen; afstand doen van; bedanken voor; vaarwelzeggen; [m.b.t. toneel] afgaan (van); ; (1) verlaten; weggaan (bij; van); vertrekken (bij; van; uit); ervandoor gaan; [gew.] aangaan; ertussenuit knijpen; opstappen; heengaan (van); heenlopen; [i.h.b.] sterven; scheiden (van; uit); [m.b.t. echtgenoot; echtgenote] zich laten scheiden van; zich verwijderen van; aflopen van; weglopen van; verdwijnen; wegkomen; zich wegscheren; [veroud.] zich wegpakken; [inform.] opdonderen; [inform.] ophoepelen; [inform.] opflikkeren; [inform.] oprukken; [w.g.] opdoeken; [studentent.] opzooien; [uitdr.] zich uit de voeten maken; (2) achter zich laten; op [x uur afstand enz.] liggen; afliggen van; verwijderd liggen van; (3) wijken; afnemen; wegtrekken; verdwijnen; overgaan; eindigen; ophouden te bestaan; aflopen; ten einde lopen; voorbijgaan; vergaan; (4) [m.b.t. seizoen, tijdruimte] verstrijken; voorbijgaan; vergaan; [i.h.b.] voorbijvliegen; verlopen; passeren; [fig.] omgaan; [fig.] omlopen; [fig.] omkomen; ; totaal ~; volledig ~; compleet ~; geheel en al ~; volkomen ~ [voorafgegaan door een ren'yōkei]; ; jongstleden; [afk.] jl.; laatstleden; [afk.] ll.; ~ dezer; vorige ~; verleden ~; gepasseerde ~
極まる kiwamaru (1) eindigen; zijn einde vinden; ten einde lopen; het slot naderen; een eind; einde nemen; aflopen; ophouden; (2) op de spits gedreven worden; tot het uiterste gebracht worden; tot het uiterste gaan; ten top stijgen; de hoogste graad bereiken; [direct voorafgegaan door een meishi die een toestand uitdrukt] uitermate; uiterst; buitengewoon; hoogst; aarts-; (3) niet weten wat men doen moet; van z'n apropos zijn; om raad verlegen zijn; [i.h.b.] voor een dilemma staan; in een spagaat verkeren
果てる hateru [aangesloten op de ren'yōkei] volkomen ~; ten einde toe ~; ; (1) eindigen; aflopen; ophouden; (2) sterven; overlijden; doodgaan; heengaan
跳ねる haneru spatten; laten spatten; bespatten; doen opspatten; ; (1) springen; opspringen; wippen; huppen; hippen; stuiten; opstuiten; (2) spatten; opspatten; spetten; spetteren; (3) [ton.] aflopen; sluiten; eindigen; uitgaan; voorbij zijn; (4) [markt, koers] omhoogspringen; plots stijgen; de hoogte ingaan; omhoogschieten
終わらせる owaraseru beëindigen; doen ophouden; een einde maken aan; tot een eind brengen; ten einde brengen; afmaken; afsluiten; eindigen; afronden; completeren; [Belg.N.] komaf maken met
終わる owaru beëindigen; afwerken; afmaken; tot het einde doen; de laatste hand leggen aan; voltooien; ; (1) eindigen; ten einde lopen; ten einde komen; aflopen; afkomen; een einde nemen; (2) klaar zijn; gereed zijn; compleet zijn; (3) [m.b.t. termijn, geldigheid etc.] aflopen; vervallen; verlopen; verstrijken; (4) [na een bijeenkomst, een vergadering etc.] uiteengaan; van elkaar gaan
収める osameru (1) oogsten; de oogst binnenhalen; de vruchten plukken; maaien; (2) verwerven; verkrijgen; krijgen; in het bezit komen van; realiseren; verwezenlijken; de vruchten plukken van; (3) opdragen aan; toewijden aan; [神社へ] offeren aan; aanbieden; consacreren; (4) betalen; afrekenen; met geld over de brug komen; dokken; (5) leveren; verschaffen; voorzien; een leverancier zijn van; (6) opslaan; stockeren; een voorraad vormen van; (7) verzamelen; vergaren; bundelen; groeperen; hergroeperen; (8) tot een einde brengen; beëindigen; eindigen; besluiten; afsluiten; schikken; slechten; beslechten; afhandelen; (9) op zijn oorspronkelijke plaats terugstoppen; terugplaatsen; opbergen; wegbergen; [鳥が羽を] z'n vleugels vouwen; (10) 10. aannemen; accepteren; aanvaarden
納める osameru (1) oogsten; de oogst binnenhalen; de vruchten plukken; maaien; (2) verwerven; verkrijgen; krijgen; in het bezit komen van; realiseren; verwezenlijken; de vruchten plukken van; (3) opdragen aan; toewijden aan; offeren aan [een godheid]; aanbieden [aan een godheid]; consacreren; (4) betalen; afrekenen; met geld over de brug komen; dokken; (5) leveren; verschaffen; voorzien; een leverancier zijn van; (6) opslaan; stockeren; een voorraad vormen van; (7) verzamelen; vergaren; bundelen; groeperen; hergroeperen; (8) tot een einde brengen; beëindigen; eindigen; besluiten; afsluiten; (9) op zijn oorspronkelijke plaats terugstoppen; terugplaatsen; opbergen; wegbergen; [m.b.t. een vogel] zijn veren vouwen; (10) 10. aannemen; accepteren; aanvaarden
終える oeru eindigen; aflopen; ophouden; stoppen; ; beëindigen; ten einde brengen; eindigen; afmaken; afdoen; afwerken; voltooien; voleinden; completeren; een einde maken aan; volbrengen
干る hiru (1) opdrogen; drogen; (2) ebben; afebben; wegebben; drooglopen; (3) aflopen; eindigen; ophouden; ten einde komen
明ける akeru eindigen; tot een einde komen; gedaan zijn; over zijn [dit werkwoord wordt gebruikt in combinatie met woorden als yo 夜 (nacht), tsuyu 梅雨 (regenseizoen), etc.]
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.38 sec. jiten.nl: 5 treffers, warandict: 21 treffers (zoekopdracht: 'eindigen', strategie: exact). 
2005-2019