日蘭辭典+

12 resultaten voor ‘ervaring’
日蘭辭典 (trefwoord)
jitchi實地
(実地) zn. praktijk v.; werkelijkheid v.; toepassing v.; uitvoering v. ¶ 實地に in de praktijk; in werkelijkheid. ¶ 實地經驗 praktsiche ervaring. ¶ 實地に行ふ uitvoeren.
me
(眼) zn. (1) [眼] oog o. (2) [視力] gezicht o. (3) [注] aandacht v. (4) [見界] gezichtspunt o.; oogpunt o. (5) [鑑識] oordeel o.; verstand o. (6) [織] structuur v. (7) [網目] mazen v.mv. (8) [鋸齒] tand m. (9) [木理] draad m.; grein o. (10) [遭遇] behandeling v.; bejegening v.; ervaring v. [同情] sympathie v.; welwillendheid v. (12) [刻] inkeping. ¶ 愛くるしい眼 mooie oogen. ¶ 血走った met bloed beloopen oogen. ¶ 眼を向ける het oog richten op; den blik slaan op. ¶ 眼を覺ます de oogen openen; wakker worden. ¶ 眼を晦ます zand in de oogen strooien. ¶ 入る in het gezicht komen. ¶ 附く de aandacht trekken. ¶ の前で voor oogen; in tegenwoordigheid. ¶ が善い goede oogen hebben; goed kunnen zien; goed van gezicht zijn. ¶ 眼が見えなくなる het gezicht verliezen. ¶ 眼を留める de aandacht vestigen op. ¶ から見ると in zijn oogen; van zijn standpunt gezien. ¶ 利く scherp zien; een goed oordeel hebben; goed kunnen beoordeelen. ¶ の細かな織物 fijn geweven goed. ¶ ひどいめに合ふ bittere ervaring hebben; slechte bejegening ondervinden. ¶ かける vriendelijk behandelen. ¶ の瘤 een doorn in het oog; ergernis. ¶ に障る niet om aan te zien. ¶ inkepingen in den weegstok. ¶ が切れて居る niet het volle gewicht hebben; te licht zijn.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <ervaring>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
経験 keiken (1) ervaring; ondervinding; (2) belevenis
慣れ nare ervaring; gewenning; vertrouwdheid
心得 kokoroe waarnemend ~; loco-; vervangend ~; ; (1) kennis; begrip; ervaring; knowhow; (2) voorschriften; regels; reglement; reglementering; aanwijzingen; instructies
体験 taiken (1) (persoonlijke) ervaring; ondervinding; (2) belevenis; wedervaren
体得 taitoku beheersing; onderlegdheid; geoefendheid; ervaring
manako (1) oogpupil; pupil; (2) oogbal; oogbol; oogappel; [i.h.a.] oog; (3) kijk; visie; zicht; gezichtsveld; perspectief; [i.h.b.] inzicht; oordeelkundigheid; begrip; ervaring
reki ervaring; verleden; ; (1) a. chronologische opeenvolging; (2) b. opeenvolging; (3) c. geschiedenis; kroniek; (4) d. duidelijkheid; (5) e. kalender
目; 眼 me (1) -ste; -de [ordinaal suffix]; (2) 10. [achtervoegsel dat een grens of raakvlak tussen twee zaken, toestanden e.d. markeert; het wordt aangesloten op de ren'yōkei van werkwoordsvormen]; (3) 11. -ig [aangesloten op de stam van adjectieven of op de ren'yōkei van werkwoorden; drukt een mate, eigenschap of tendens uit die neigt naar het genoemde]; ; foei; ; (1) oog; doppen; kijkers; [kindert.] piepers; kijkerd; gaten; glimmers; [Barg.] glimmerik; [Barg.] spanling; [Barg., volkst.] lampjes; (2) het zien; gezicht; gezichtsvermogen; zicht; gezichtsveld; vizier; blik; oogopslag; kijk; optiek; gezichtspunt; oogpunt; zienswijze; inzicht; zorg; (3) aanzicht; aanblik; (4) ervaring; (5) opening; tussenruimte; (6) maatstreep; maat; (7) volume; inhoud
覚え oboe (1) het leren; het instuderen; memorisatie; geheugenwerk; (2) geheugen; herinnering; heugenis; memorie; (3) ervaring; belevenis; (4) vertrouwen; zelfvertrouwen; gerustheid; (5) achting; waardering; aanzien; [inform.] fiducie; (6) memorandum; nota; aantekening; akte
rou (1) a. werken; werk; (2) b. moeite; (3) c. prestatie; (4) d. last; inspanning; (5) e. erkentelijk zijn; bedanken; (6) f. [afk.] vakbond; arbeiders; ; (1) moeite; last; inspanning; inzet; (2) prestaties; diensten; verdiensten; verwezenlijkingen; (3) ervaring; ondervinding; expertise; (4) lange gebruikmaking
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.42 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 10 treffers (zoekopdracht: 'ervaring', strategie: exact). 
2005-2019