Japans-Nederlands woordenboek van Peter Adriaan van de Stadt
日蘭辭典
Nichi-Ran jiten, 1934
Home
Help
JPEG versie
Laatste toevoegingen
Maak woordenlijsten
exacte woord of uitdrukking
exacte woord of uitdrukking
begin van een woord of uitdrukking
einde van een woord of uitdrukking
deel van een woord of uitdrukking
[
set nolinks
]
10 resultaten voor ‘eten’.
TREFWOORDEN
¹
taberu
・
食べる
t.w.
eten
. ¶ 食べられない oneetbaar.
TREFWOORDEN
amari
・
餘り
(
余り
) zn. (1) [以上] meerdere o.;
overmaat
v. (2) [殘餘]
rest
v.; restant v.; overschot o.; teveel o. (3) [差額] saldo o. ¶ 悲しさの
餘り
overmaat
van
smart
. ¶ 四十
餘り
over
de veertig. ¶
食事
の
餘り
overblijfselen
van
eten
. ¶
餘り
はお前に
やる
je
mag de
rest
houden
. (俗)
laat
maar
zitten
. ¶
餘り
の resteerend;
waardeloos
.
ariawase
・
有合せ
(有り合わせ) zn.
dat
,
wat
voorhanden
is. ¶ 有合せの物を
食べる
eten
,,a la fortune du pot’’ (佛語):
eten
wat
de pot schaft.
assarishita
・
あっさりした
bn.
net
;
eenvoudig
;
licht
. ¶ あっさりした
食事
eenvoudig
eten
; lichte
maaltijd
; burgerpot. ¶ あっさりした家 een
net
huisje. ¶ あっさりした繪 een
eenvoudig
schilderijtje. ¶ あっさりした色 een gedekte
kleur
; een
niet
opvallende
kleur
. ¶ あっさりと
言ふ
rondweg
zeggen
;
ronduit zeggen
.
agarimono
・
上り物
(上がり物) zn. (1) [收穫]
opbrengst
v.;
productie
v. (2) [
食物
] eten o.; spijs v.
yashinau
・
養ふ
(養う) t.w. (1) [
養育
]
verzorgen
;
grootbrengen
; opvoeden. (2) [給養]
onderhouden
; i.w.
in
het
onderhoud
voorzien
van
; den
kost
verdienen
voor
. t.w. (3) [飼ふ]
houden
. i.w. (4) [飼養]
eten
geven
; t.w. voeden. t.w. (5) [
精神
を] kweeken; cultiveeren. ¶ 病を養ふ
herstellen
;
voor
zijn
gezondheid
zorg
dragen
.
itadaku
・
戴く
t.w. (1) [冠る]
opzetten
;
dragen
;
op
het
hoofd
hebben
; i.w.
bedekt
zijn
met
. t.w. (2) [貰ふ] ontvangen;
aanvaarden
;
krijgen
. (3) [食ふ又は
飮む
]
eten
;
drinken
;
gebruiken
. i.w. [治者を] geregeerd
worden
door
; t.w.
boven
zich
hebben
. ¶ 帽を
戴く
een
hoed
dragen
. ¶ 水を一杯戴きます mag
ik
een
glas
water
hebben? ¶ 戸を閉めて戴きませう zou
u
de deur dicht
willen
doen?
to
・
と
vw. (1) [及び]
en
. bw. (2) [さう
する
と]
dan
. (3) [假定]
indien
;
als
. vz. (4) [
一緖
に]
met
. (5) [丁度其時]
wanneer
;
zoodra
;
toen
. ¶ 犬と猫 honden
en
katten. ¶ 英國との同盟 verbond
met
Engeland. ¶ 友達と別れる scheiden
van
zijn
vrienden. ¶
食事
が終わると als we
klaar
zijn
met
eten
;
zoodra
het
eten
afgelopen is. ¶ あの人が君の
叔父
さん
と思った ik zag
dien
man
voor
je
oom
aan;
ik
dacht,
dat
het
je
oom
was.
dekiru
・
出來る
(
出来る
) i.w. (1) [仕上がる] gereed
zijn
; voltooid
zijn
. (2) [製造]
gemaakt
zijn
; vervaardigd
zijn
. (3) [生長]
groeien
. (4) [出産] geboren
zijn
. (5) [
發生
] voorkomen;
gebeuren
; voortspruiten
uit
. (6) [熟達]
bekwaam
zijn
in
; goed
kennen
. (7) [
能力
]
kunnen
;
in
staat
zijn
. ¶
出來る
なら
zoo
mogelijk
. ¶
出來る
だけ
zoo
veel
mogelijk
. ¶
出來る
限り
の力で
met
alle
macht
. ¶
御飯
が出來ました het
eten
is
klaar
. ¶
此の
卓子は能く出來て
居る
deze
tafel
is
goed
gemaakt
. ¶ 松はことによく
出來る
denneboomen
groeien
hier
goed
. ¶ コレラ
患者
が船に出來た er is een
geval
van
cholera aan boord voorgekomen. ¶
蘭語
が
出來る
hij
kent
Hollandsch
. ¶ 十里
步く
ことが
出來る
tien mijl
kunnen
lopen
.
soto
・
外
zn. buitenkant m. ¶ 外に
buiten
; buitenshuis. ¶ 窓
より
外を
見る
door
het raam
naar
buiten
kijken
. ¶ 外で
食事
する
buitenshuis
eten
. ¶ 外へ
出る
naar
buiten
gaan
.