日蘭辭典+

17 resultaten voor ‘euvel’
日蘭辭典 (trefwoord)
ashikarazu惡しからず
(悪しからず) neem mij niet kwalijk; duid mij niet euvel; houd mij ten goede.
ashiki惡しき
(悪しき) bn. (1) [不正] slecht; boos; kwaad; euvel. (2) [慘な] ellendig; miserabel. ¶ 惡しくなる degenereeren; slechter worden; achteruitgaan;
heigai弊害
zn. kwaad o.; euvel o.; misbruik o. ¶ 弊害を及ぼす slechten invloed uitoefenen.
hei
zn. kwaad o.; euvel o.; misbruik o.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <euvel>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
大企業病daikigyoubyou grootbedrijfsziekte; grootindustrieziekte; euvel; probleem dat zich typisch zou voordoen bij grote ondernemingen
害悪gaiaku kwaad; kwaal; euvel
gai schade; aantasting; kwaad; nadeel; afbreuk; leed; injurie; euvel; iets pernicieus; iets verderfelijks; slechts; kwalijks; kwade; funeste invloed
弊害heigai kwaad; euvel; plaag; pest; aantasting; kwalijke zaak; kwade; nadelige; slechte invloed; nadelig effect
悪いwarui (1) slecht; kwaad; verkeerd; euvel; kwalijk; boos; ongunstig; mieges; [調子が] bedonderd; [inform.] beroerd; (2) moreel slecht; onverkwikkelijk; onfris; lelijk; verwerpelijk; (3) sorry; het spijt me; pardon; neem me niet kwalijk
悪くwaruku kwalijk; euvel; mis-
悪事akuji iets slechts; iets verkeerds; euveldaad; kwaad; euvel; snoodheid; boosheid; onrecht; misdaad
aku kwaad; kwade; boze; ondeugd; zonde; slechtheid; euvel; snoodheid; boosheid; verdorvenheid
病気byouki (1) ziekte; kwaal; aandoening; affectie; ongemak; (2) euvel; gebrek; tekortkoming; zwak
tan (1) gebrek; onvolkomenheid; tekortkoming; fout; mankement; tekort; behepsel; euvel; zwakke plek; plaats; zijde; zwak punt; manco; defect; [form.] feil; (2) [muz.] mineur; (3) tanka [verkorting van tanka 短歌]; (4) kort; kortstondig
短所tanshyo gebrek; onvolkomenheid; tekortkoming; fout; mankement; tekort; behepsel; euvel; zwakke plek; plaats; zijde; zwak punt; zwakte; zwakheid; nadeel; ongunstige factor; min(punt); tegen; deficiëntie; imperfectie; onvolmaaktheid; manco; defect; [form.] feil
ana (1) gat; opening; holte; spleet; bres; perforatie; porie; [針の] oog; (2) holte; kuil; put; uitholling; (3) hol; grot; spelonk; nis; [dierk.] leger; kuil; burcht; (4) [mijnb.] schacht; (5) [fin.] put; verlies; deficit; tekort; derving; (6) leemte; hiaat; lacune; gebrek; gemis; defect; euvel; onvolkomenheid; het ontbrekende; mankement; tekortkoming; zwak punt; zwakke plek; (7) schuilplaats; stek; stekkie; wijkplaats; (8) aanrader voor insiders; weinig bekende toplocatie; verborgen parel; (9) [paardenrennen; keirin] verrassende uitslag; (10) [paardenrennen; keirin] dark horse; outsider; niet-favoriete mededinger; (11) [ton.] zitplaatsen gelijkvloers; parterre; (12) graf; (13) [Edo-Barg.] inside-information
ja (1) kwaad; euvel; onrecht; (a) verkeerd; slecht; snood; (b) verwarren; misleiden
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.78 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 13 treffers (zoekopdracht: 'euvel', strategie: exact). 
2005-2021