日蘭辭典+

20 resultaten voor ‘fraai’
日蘭辭典 (trefwoord)
utsukushii美しい
bn. mooi; fraai; prachtig; lief; bekoorlijk
ii善、好、良、宜い
bn. (1) [良い] goed. (2) [美い] mooi; fraai. (3) [香、] lekker; aangenaam. (4) [比較して] beter; verkieselijk. i.w. (5) [許可] mogen. telw. (6) [十分] genoeg. ¶ いい事を話して上げよう ik heb je goed nieuws te vertellen. ¶ 彼女は仲々姿がいい zij is een mooi meisje. ¶ 天氣がいい het is mooi weer; het is lekker weer. ¶ 此の花は香が良い deze bloem ruikt lekker. ¶ 氣持ちが好い ik voel mij lekker; ik ben goed geluimd. ¶ 今朝は氣持ちが少し良い ik voel me wat beter van morgen. ¶ は梨子より林檎の方が好い ik houd meer van appels dan van peren. ¶ 彼が早く癒ればいい ik hoop, dat hij gauw beter wordt. ¶ 君は何時行ってもいい ge moogt gaan, wanneer ge wilt. ¶ 笑ったっていいぢゃないか waarom zou ik niet lachen?; mag ik soms niet lachen? ¶ 何かそれに良い藥はありませんか is daar een geneesmiddel tegen?; is er een middel, dat daar goed voor is? ¶ 明日は來なくてもいい je behoeft morgen niet te komen; niet noodig, dat je morgen komt. pp それは無くてもいい het is niet noodig; ik heb het niet noodig. ¶ それでいい laat maar; het is al genoeg.
kirei na綺麗な
bn. (1) [立派な] fraai; mooi; keurig. (2) [清潔な] zindelijk; schoon. (3) [潔白な] rein; onschuldig. (4) [完全な] volledig. ¶ 綺麗な mooi meisje. ¶ 綺麗な schoon water; helder water. ¶ 綺麗に mooi; netjes; volledig; geheel. ¶ 綺麗にする verfraaien; mooi maken; schoonmaken; reinigen.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <fraai>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
照る teru (1) [m.b.t. zon of maan] schijnen; lichten; (2) mooi; fraai; helder weer zijn
随分 zuibun kras; sterk; wat (een ~); [iron.] fraai; ; (1) zeer; erg; heel; uiterst; uitermate; buitengewoon; hoogst; verschrikkelijk; vreselijk; (2) behoorlijk; aanzienlijk; aanmerkelijk; beduidend; fors; flink; knap; merkelijk; een stuk; heel; nogal; aardig wat; considerabel
素敵な sutekina prachtig; schitterend; geweldig; enig; verrukkelijk; heerlijk; uniek; magnifiek; fantastisch; formidabel; bovenste beste; uitstekend; prima; eersteklas; super; alleraardigst; fraai; schattig; fijn; leuk; mooi; bijzonder; puik; lekker; reuze; [inform.] gaaf; swell; [inform.] mieters; [volkst.] jofel; [m.b.t. ideeën] knots; lumineus; grandioos; briljant; voortreffelijk
素敵 suteki prachtig; schitterend; geweldig; enig; verrukkelijk; heerlijk; uniek; magnifiek; fantastisch; formidabel; bovenste beste; uitstekend; prima; eersteklas; super; alleraardigst; fraai; schattig; fijn; leuk; mooi; beeldig; bijzonder; puik; lekker; reuze; [inform.] gaaf; swell; [inform.] mieters; [volkst.] jofel; [m.b.t. ideeën] knots; lumineus; grandioos; briljant; voortreffelijk
美しい utsukushii mooi; fraai; knap; charmant; lief; pittoresk [landschap]; prachtig; [m.b.t. stem] zoet; [m.b.t. inborst] nobel
麗しい uruwashii mooi; fraai; bevallig; aantrekkelijk; beeldig; [arch., Belg.N., spreekt.] schoon; lieftallig; elegant; gracieus
良い ii goed; kostbaar; mooi; fraai; gunstig; aangenaam; fijn; lekker; mogelijk; toegelaten; OK; genoeg; voldoende
見事; 美事 migoto (1) mooi; prachtig; fraai; keurig; excellent; schitterend; fantastisch; magnifiek; briljant; voortreffelijk; uitstekend; heerlijk; meesterlijk; reuze; (2) volkomen; volslagen; volledig; compleet; helemaal; afgerond; totaliter
小粋 koiki stijlvol; deftig; chic; smaakvol; fraai; elegant
端正な tanseina (1) [m.b.t. gezicht] mooi; knap; fraai; (2) [身のこなしが] gracieus; elegant; waardig
端正 tansei (1) [m.b.t. gezicht] mooi; knap; fraai; (2) [身のこなしが] gracieus; elegant; waardig
良好な ryoukouna goed; mooi; fraai; fijn; keurig; deugdelijk
良好 ryoukou goed; mooi; fraai; fijn; keurig; deugdelijk
風雅 fuuga (1) voornaam; chic; verfijnd; stijlvol; smaakvol; elegant; fraai; gedistingeerd; geraffineerd; (2) gecultiveerd; kunstzinnig; artistiek; ; (1) elegantie; élégance; verfijndheid; verfijning; chic; stijl; smaak; raffinement; (2) [Bashō-school] haiku-esthetiek; (3) [Chin.lit.] fēngyǎ [= wijzen en lofliederen in de Shījīng 詩経]
美麗 birei mooi; fraai; bekoorlijk; bevallig; [Belg.N., spreekt.] schoon
鮮やか azayaka (1) klaar; scherp; helder; hel; duidelijk; intens; geprononceerd; fel; levendig; sprekend; sterk uitkomend; schel; knal-; hard-; (2) bedreven; handig; kundig; deskundig; vakkundig; capabel; bekwaam; vaardig; behendig; slim; kunstig; prima; (3) prachtig; fraai; mooi; knap; schitterend; stralend; briljant; (4) vers; fris; fleurig
yuu (1) elegant; verfijnd; keurig; (2) bevallig; lieftallig; knap; fraai; mooi; (3) voortreffelijk; uitstekend; superieur; uitmuntend; uitnemend; excellent; ; [onderw.] A; hoogste graad; een tien; ; (1) a. ontspannen; relaxed; (2) b. elegant; verfijnd; knap; mooi; (3) c. zorgzaam; attent; hartelijk; warm; (4) d. beter zijn dan; uitsteken boven; overtreffen; (5) e. acteur; artiest
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.57 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 17 treffers (zoekopdracht: 'fraai', strategie: exact). 
2005-2020