日蘭辭典+

13 resultaten voor ‘graad’
日蘭辭典 (trefwoord)
kaidan階段
zn. (1) [階段] trap v. (2) [等級] graad m. ¶ 螺旋階段 wenteltrap. ¶ 段階的に trapsgewijze; gradueel.
dan
zn. (1) [段階] trap v.; sport (梯子の) v. (2) [行欄] kolom v. (3) [文章の] paragraaf v.; artikel o. (4) [等級] graad m.; rang m.; klasse v. (5) [芝居の] tooneel v.; scene v. ¶ 梯子の頂上の段で op de bovenste sport van de ladder. ¶ 段が違ふ tot een geheel andere klasse behooren; ver uitsteken boven. ¶ 此段念の爲御通知申 voor alle zekerheid deel ik u deze zaak mede. ¶ 勘平切腹の段 het tooneel, waarin Kanpei zelfmoord pleegt.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <graad>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
程度 teido (1) graad; mate; peil; hoogte; uitgebreidheid; omvang; niveau; standaard; stadium; (2) gepaste maat; juiste hoeveelheid; (3) ongeveer; in de orde van; zowat; zo'n; om en (na)bij
グレード gureedo [maatwoord voor rangen, klassen]; ; rang; klas; klasse; graad
kurai (1) […~] [partikel dat een hoeveelheid; mate bij benadering uitdrukt] ongeveer; circa; om en bij; omtrent; bij benadering; […~] hoeveel?; hoe lang?; hoeveel tijd?; (2) […~] [partikel dat een referentiepunt bij benadering uitdrukt] bijna; nagenoeg; haast; bijkans; zo … als; even … als; in die mate; genoeg om te …; (3) […~なら] [partikel dat een extreem voorbeeld geeft; of het belang van een voorbeeld nuanceert; overdrijft] tenminste; eerder … dan; liever … dan; ; (1) rang; stand; klasse; (2) graad; maat; mate; (3) waardigheid; (4) positie; plaats; ligging; (5) troon; kroon; het koningschap; (6) (in een getal) cijfer
hodo (1) mate; graad; grootte; omvang; maat; gematigdheid; (2) grens; limiet; perken; (3) positie; status; stand; (4) hoedanigheid; gesteldheid
称号 shougou titel; [acad.] graad
do (1) [deel van een schaalverdeling, bv. m.b.t. thermometrie] graad; (2) [m.b.t. goniometrie] graad; (3) [m.b.t. aardrijkskunde] graad; (4) [m.b.t. alcoholgehalte] graad; (5) [m.b.t. frequentie] keer; (6) [m.b.t. muziek] toontrap; ; (1) maat; juiste hoeveelheid; juiste afmeting; juiste proportie; (2) [m.b.t. gezichtsscherpte] scherpte; sterkte; [m.b.t. sterkte van lenzen] dioptrie; (3) kalmte; zelfbeheersing; flegma; aplomb
等級 toukyuu [maatwoord voor rangen, klassen]; ; rang; klasse; klas; graad
段位 dani rang; graad; meestergraad bij go; shogi; budo
段階 dankai (1) niveau; rang; graad; trap; stap; (2) fase; stadium; (3) [comp.] level; speelniveau
dan (1) het feit (… te zijn); (2) fase; stadium; geval; moment; situatie; (3) 10. [~ではない; じゃない] mate; kwestie; ; (1) trap; trede; sport; stap; opstapje; opstap; (2) dan; sterktegraad; meestergraad; graad; klasse; rang; niveau; [fig.] kaliber; (3) schap; plank; laag; verdieping; etage; (4) rubriek; kolom; column; (5) tafel (van vermenigvuldiging); (6) alinea; paragraaf; passage; (7) [ton.] bedrijf; akte
kyuu (1) klasse; graad; rang; niveau; (2) klas; groep; (3) kiyu
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.61 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 11 treffers (zoekopdracht: 'graad', strategie: exact). 
2005-2019