日蘭辭典+

11 resultaten voor ‘huid’
日蘭辭典 (trefwoord)
are
(荒れ) zn. (1) [大嵐] storm m. (2) [皮膚の] ruwheid van de huid.
atsukawa厚皮
zn. dikke huid v.; onbeschaamdheid (鐵面皮) v.
nugu脱ぐ
i.w. (1) [衣を] zich uitkleeden. t.w. (2) [帽子を] afzetten. ¶ 肌を脱ぐ het bovenlijf ontbloten. ¶ を脱ぐ (が) vervellen; huid afwerpen.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <huid>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
外皮gaihi (1) buitenste laag; omkleedsel; schil; huid; omhullend vlies; omhulsel; bekleedsel; mantel; schors; bast; pel; korst; schaal; (2) opperhuid; epidermis; (3) [plantk.] cortex; [anat.] integument; [biol.] tunica; cuticula
抜け殻 ; 脱殻 ; 蛻nukegara (1) afgeworpen omhulsel; huid; schaal; exuviën; (2) [蛇の] afgeworpen slangenvel; slangenhemd; (3) [fig.] leeg karkas; schim
kara (1) omhulsel; schaal; dop; schil; pel; vlies; peul; bolster; huls; schelp; [veroud.] bast; (2) afgeworpen omhulsel; huid; schaal; exuviën; (3) overblijfsel; rest; residu; afval; (4) [fig.] schulp; [fig.] cocon; (5) [cul.] tofoe-drab; residu bij de bereiding van tofoe
毛皮kegawa bont; pels; vacht; huid
皮膚hifu [anat.] huid; vel; [geneesk.] derma
kawa (1) huid; vel; [i.h.b.] leder; leer; (2) boomschors; schors; bast; (3) schil; pel; vel
肌 ; 膚hada (1) huid; vel; [volkst.] bast; (2) oppervlak; [i.h.b.] textuur; (3) aard; natuur; karakter; inborst; geaardheid; type; slag; een ~ soort mens
kinu (1) kleding; kleren; kledij; (2) [dierk.] kleed; dek; (3) huid; vel; [volkst.] bast
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.52 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 8 treffers (zoekopdracht: 'huid', strategie: exact). 
2005-2022