日蘭辭典+

23 resultaten voor ‘inspanning’
日蘭辭典 (trefwoord)
honeori骨折
(骨折り) zn. inspanning v.; ¶ 骨折損 nuttelooze arbeid; vergeefsche moeite.
shussei出精
zn. ijver m; toewijding v.; inspanning v.; ¶ 出精する zich beijveren; zich inspannen. ¶ 出精して ijverig.
furi浮利
zn. toevallig voordeel o.; niet door inspanning verkregen winst v.
jinryoku盡力
(尽力) zn. poging v.; streven o.; inspanning v. ¶ 盡力する zich inspannen; zijn uiterste best doen; ernstig streven.
hataraki

(働き) zn. (1) [勞働] arbeid m.; werk o.; verrichting v. (2) [才能] bekwaamheid v.; geschiktheid v.; talent o. (3) [功績] verdienste v. (4) [骨折] inspanning v. (5) [動作] actie v. (6) [運轉] beweging v. ¶ 働者 bekwaam man; energiek persoon.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <inspanning>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
手間 tema (1) moeite; tijd; inspanning; arbeid; (2) arbeidsloon; tijdloon; uurloon; salaris; wedde [verkorting van temachin 手間賃]; (3) per uur betaald werk; (4) uurloner
手数 tekazu (1) moeite; inspanning; (2) [ 碁・将棋の] aantal zetten
手数 tesuu (1) last; ongemak; (2) moeite; inspanning
ku (1) pijn; leed; lijden; [fig.] kruis; (2) zorg; bezorgdheid; verontrusting; ongerustheid; (3) moeite; inspanning
苦心 kushin (1) zorg; bezorgdheid; angst; vrees; (2) moeite; inspanning
骨折り honeori moeite; last; inspanning; goede diensten
hone (1) bot; been; [i.h.b.] schonk; balein; graat; [i.h.b.] knekel; doodsbeen; (2) gebeente; geraamte; skelet; beenderen; karkas; (3) raamwerk; kader; opzet; hoofdlijn; kern; essentie; (4) ruggengraat; karakter; wilskracht; pit; moed; (5) moeite; inspanning; zwaar werk
出精 shussei vlijt; ijver; toewijding; overgave; inspanning; [arch.] applicatie
心尽くし kokorozukushi (1) goedheid; vriendelijkheid; attentie; (2) acht; zorg; bekommernis; bezorgdheid; zorgzaamheid; attentheid; consideratie; (3) ijver; inspanning; moeite; goede diensten; vriendelijke bemoeienis
折角 sekkaku (1) met veel moeite; inspanning; speciaal (voor de gelegenheid); helemaal; [attr.] ~ waar zoveel; al die moeite voor gedaan is; (2) [attr.] ~ waar zo naar uitgekeken is; [attr.] ~ die ik ten zeerste apprecieer; [attr.] één van de weinige (keren dat) ~; [attr.] zo zeldzaam; (3) hou je goed [i.c.m. go-jiai kudasai ご自愛下さい, go-yōjō kudasai ご養生下さい enz.]
努力 doryoku inspanning; inzet; moeite; streven; poging; [w.g.] effort
chikara (1) kracht; macht; energie; force; invloed; potentie; [i.h.b.] geweld; [volkst.] forsie; (2) sterkte; kracht; moed; (3) hulp; behulp; middelen; (4) kracht; inspanning; moeite; (5) vermogen; kunnen; capaciteit; bekwaamheid; vaardigheid
気骨 kibone moeite; last; inspanning; uithouding
御世話 osewa (1) hulp; bijstand; steun; (2) dienst; bemiddeling; interventie; tussenkomst; (3) last; overlast; moeite; inspanning; zorg; beslommering; (4) het dagelijks leven; de dagelijkse beslommeringen in het leven
神業 kamiwaza (1) godendaad; goddelijke daad; bovenmenselijke prestatie; inspanning; mirakel; (2) godendienst
rou (1) a. werken; werk; (2) b. moeite; (3) c. prestatie; (4) d. last; inspanning; (5) e. erkentelijk zijn; bedanken; (6) f. [afk.] vakbond; arbeiders; ; (1) moeite; last; inspanning; inzet; (2) prestaties; diensten; verdiensten; verwezenlijkingen; (3) ervaring; ondervinding; expertise; (4) lange gebruikmaking
労力 rouryoku (1) arbeidskracht; werkkracht; werkvermogen; (2) inspanning; krachtsinspanning; moeite; inzet; [Belg.N.] labeur
一押し hitooshi (1) duw; duwtje; stoot; zet; zetje; (2) [fig.] inspanning
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.41 sec. jiten.nl: 5 treffers, warandict: 18 treffers (zoekopdracht: 'inspanning', strategie: exact). 
2005-2020