日蘭辭典+

8 resultaten voor ‘kibbelen’
日蘭辭典 (trefwoord)
arasou爭ふ
(争う ) t.w. (1) [競ふ] mededingen; concurreren; kampen. (2) [戰ふ] vechten; twisten; strijden. (3) [逆ふ] betwisten. (4) [爭訟する] procedeeren. (5) [口論する] disputeeren; kijven; kibbelen (子供に言ふ). ¶ 爭ふべき betwistbaar. ¶ 爭ふべからざる onbetwistbaar. ¶ 爭はれぬ onbetwistbaar; ongetwijfeld. ¶ 勝を爭ふ elkaar de overwinning betwisten.
tsuno
zn. horen m.; gewei (鹿の) o.; (觸角) voelhoren m.; voelspriet m. ¶ 角の hoornen. ¶ 角を生やす boos worden; jaloersch zijn. ¶ 角ある gehorend. ¶ 角笛 horen; trompet. ¶ 角屋 vleugel. ¶ 角細工 hoornwerk. ¶ 角寄合をする elkaar stooten; oneenigheid hebben; twisten; kijven; kibbelen.
kenka喧嘩

zn. (1) [喧嘩] twist m. (2) [鬪爭] gevecht o.; strijd m. ¶ 喧嘩する twisten; vechten; kijven; kibbelen (子供が). ¶ 喧嘩 twistappel. ¶ 喧嘩 dreigende houding. ¶ 喧嘩買ふ iemand’s partij opnemen. ¶ 喧嘩をしかける twist zoeken. ¶ 喧嘩好き twistziek.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <kibbelen>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
口論する kouronsuru ruziën; kibbelen; twisten; bekvechten; krakelen; kijven; [inform.] moelvechten; [gew.] herrebekken
遣り合う yariau (1) met elkaar wedijveren; rivaliseren; kibbelen; onenigheid hebben; twisten; bekvechten; ruzie maken; ruziën; (2) samenwerken
腹立つ haradatsu boos; kwaad worden; zich boos; kwaad maken; ; (1) boos; kwaad worden; zich boos; kwaad maken; (2) ruzie maken; ruziën; bekvechten; kibbelen
アーギューする aagyuusuru (1) argumenteren; pleiten; (2) redetwisten; debatteren; (3) ruziën; kibbelen; tegenspreken; twisten
アーギュー aagyuu (1) argumenteren; pleiten; (2) redetwisten; debatteren; (3) ruziën; kibbelen; tegenspreken; twisten
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.88 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 5 treffers (zoekopdracht: 'kibbelen', strategie: exact). 
2005-2019