日蘭辭典+

52 resultaten voor ‘knap’
日蘭辭典 (trefwoord)
ki
(気) zn. (1) [力] geest m.; hart o.; ziel v. (2) [質] karakter o. (3) [分] humeur o.; stemming v. (4) [傾向] neiging v.; geneigdheid v. (5) [注意] zorg v.; aandacht v. (6) [呼吸] adem m. (7) [空] lucht v.; atmosfeer v. (8) [蒸] damp m.; uitwaseming v.(9) [香] smaak m.; geur m. (10) [精] ether m. ¶ がある lust hebben; geneigd zijn. ¶ がさす ongerust zijn. ¶ が狂ふ gek worden. ¶ が違って居る niet goedwijs zijn. ¶ がふれる buiten zich zelven zijn; niet wel bij het hoofd zijn. ¶ が長い geduldig. ¶ が拔けた afgetrokken; verstrooid. ¶ が塞ぐ somber gestemd zijn; tobben; (俗) in de put zitten. ¶ が詰まる benauwd zijn. が進む volgaarne; van ganschen harte. ¶ が進まぬ geen zin hebben. ¶ が立って居る opgewonden zijn.¶ が向く geneigd zijn; lust hebben. ¶ が濟まぬ niet op zijn gemak zijn. ¶ が重くなる gedrukt zijn; somber zijn. ¶ が遠くなる bewusteloos worden; bezwijmen; flauw vallen. ¶ が咎める niet op zijn gemak zijn; zelfverwijt gevoelen. ¶ に病む ongerust zijn. ¶ ....... するになる er toe komen om; lust krijgen om. ¶ に障る hinderen; ergeren. ¶ の強い stoutmoedig; dapper. ¶ の弱い slap. ¶ の合った gelijkgezind; sympathiek. ¶ のない zouteloos; laf. ¶ の小さい kleinmoedig.¶ の狹い bekrompen; kleinzielig. ¶ 樹の大きい grootmoedig; edelmoedig (寬大); moedig. ¶ の早い driftig; opvliegend. ¶ の好い goedhartig. ¶ の利いた behendig; knap. ¶ 變り易い wispelturig. ¶ を揉む tobben; zich bezorgd maken.¶ をゆるす aandacht laten verslappen; niet goed opletten. ¶ を勵ます moedvatten. ¶ を晴らす zich ontspannen. ¶ を養ふ geest voedenを失ふ flauw vallen; bewusteloos worden; bezwijmen; bewustzijn verliezen. ¶ を探る polsen. ¶ を變へる van opinie veranderen. ¶ を配る zijn aandacht gevestigd houden op; (俗) in de gaten houden. ¶ を持つ (心をかける) zich wijden aan.¶ を長くする geduld oefenen. ¶ を拔く verslappen. ¶ を落ちつける zijn gedachten verzamelen; tot zich zelven komen. ¶ を落す den moed verliezen; den moed laten zinken. ¶ を負ふ zich laten voorstaan op; prat gaan op. ¶ を惡くする kwalijk nemen. ¶ 人のを惡くする iemand’s gevoelens kwetsen. ¶ を利かせる een wenk begrijpen. ¶ を廻す achterdocht koesteren. ¶ を附ける goed opletten; oppassen. ¶ を附け pas op !; geef acht ! (號令). ¶ は心 neem den wil voor de daad; waardeer de goede bedoeling. ¶ 何のもなしに zonder eenige (kwade) bedoeling. ¶ に懸けるな trek je er niets van aan ! ¶ あとでがついた later viel mij in ....... . ¶ が濟んだ het is mij een pak van het hart.
binan美男
zn. adonis m.
demoでも
bw. zelfs; vw. en toch; evenwel; zelfs indien; zoowel......als; hoezeer ook. ¶ 子供でも分かる zelfs een kind begrijpt dat. ¶ でも僕に話して呉れゝば宜しかったのに en toch wou ik dat je het me verteld had. 馬鹿でもなく利口でもない hij is noch dom noch knap. ¶ 人はいくら金持ちでも hoe rijk men ook zij.
SUPPLEMENT (trefwoord)
atama ga ii頭がいい
(ook kort: 頭いい atama ii) uitdr. adj. intelligent; verstandig; scherpzinnig; slim; schrander; ontwikkeld; begaafd; knap. ¶ 彼女と同じくらい頭がいい。 Kanojo wa kare to onaji kurai atama ga ii. Zij is net zo slim als hij. (TTC) ¶ なるほどは頭がいいかもしれませんが、よく不注意な誤りをします。 Naruhodo kare wa atama ga ii ka mo shiremasen ga, yoku fuchūi na ayamari wo shimasu. Wel, het zou dan wel zo kunnen zijn dan hij slim is, maar hij maakt vaak fouten door niet op te letten. (TTC) ¶ は大学生ではないが大学生より頭いい。 Boku wa daigakusei de wa nai ga daigakusei yori atama ii. Ik studeer niet, maar ik ben slimmer dan een student. (TTC) ¶ 頭がいいかもしれないが、人間的に嫌われる。 Atama ga ii ka mo shirenai ga, ningenteki ni kirawareru. Kan zijn dat hij [ze] slim is, maar op het menselijke vlak roept hij [ze] afkeer op. (blog)
TEKST EN UITLEG (trefwoord)
bron:Aozora Bunko╱Mori Ōgai╱De wilde gans 〈1:12-14〉〈青空文庫〉森鴎外『雁』
この男は岡田と云う学生で、僕より一学年若いのだから、とにかくもう卒業に手が届いていた。岡田がどんな男だと云うことを説明するには、その手近な、際立った性質から語り始めなくてはならない。それは美男だと云うことである。

Kono otoko wa, Okada to iu gakusei de, boku yori ichigakunen wakai da kara, tonikaku mō sotsugyō ni te ga todoite ita. Okada ga donna otoko da to yū koto wo setsumeisuru ni wa, sono tejikana, kiwadatta seishitsu kara katawarihajimenakute wa naranai. Sore wa binan da to yū koto de aru.

Aangezien deze man, Okada geheten, in het jaar voor mij zat, zou hij in ieder geval over niet al te lange tijd kunnen afstuderen. Om uit te leggen wat voor man Okada was, moet ik beginnen met een opvallende en voor de hand liggende eigenschap van hem. Dat is dat hij een knappe man was.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <knap>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
かっこ好いkakkoii aantrekkelijk; bekoorlijk; aanlokkelijk; chic; stijlvol; knap; mooi; klasse; prima; cool; gaaf; fraai; trendy; fancy
イケてるiketeru knap; mooi; goed uitziend; fraai; leuk; cool
シャンshyan (1) schoonheid; beauté; belle; (2) Cham; Shan; (3) Shan; (4) knap; mooi; goed uitziend
スマートsumaato (1) stijlvol; elegant; chic; koket; vlot; modieus; keurig; (2) slank; rank; rankgebouwd; fijngebouwd; tenger; (3) vaardig; beleidvol; kundig; knap; tactvol; elegant; handig; behendig; [form.] habiel
ハンサムhansamu knap; mooi; aantrekkelijk
ピンpin (1) speld; (2) pin; stift; pen; (3) haarspeld; (4) [ゴルフの] vlaggenstok; (5) [ボーリングの] kegel; (6) [さいころの] één oog; [meton.] nummer één; beste; eerste; top; (7) begin; (8) ping!; knap! [kort knappend geluid]; (9) rinkel [hel klinkend; knitsend geluid]
上手なjouzuna goed (in); vaardig; bedreven; behendig; kundig; knap; meesterlijk; deskundig; vakkundig; bekwaam; sterk; ervaren; habiel; handig; geverseerd; onderlegd; [Belg.N.; niet alg.] beslagen
上手jouzu (1) expert (in); deskundige; meester; vakkundige; kenner; baas; piet; [inform.] kei; [inform.] kraan; (2) vleierij; mooipraterij; flemerij; (3) goed (in); vaardig; bedreven; behendig; kundig; knap; meesterlijk; deskundig; vakkundig; bekwaam; sterk; ervaren; habiel; handig; geverseerd; onderlegd; [Belg.N.; niet alg.] beslagen
中々nakanaka (1) nogal; best wel; eerder; knap; vrij; (2) [i.c.m. een negatie] niet zomaar; niet zo makkelijk; niet direct; (3) redelijk; behoorlijk; aanzienlijk; aardig; flink; -er dan verwacht; (4) bravo!; hulde! [bijvalsbetuiging; vaak geuit door toeschouwers van kyōgen-drama]
otsu (1) op een na (de) beste; tweede; (2) [onderw.] B; op één na hoogste graad; (3) knap; chic; keurig; fijn; verfijnd; smaakvol; stijlvol; [Belg.N.] deftig; jeuïg; sjeuïg; kruimig; (4) gevat; clever; slim; (5) gewaagd; pittig; sappig; pikant
乙なotsuna (1) knap; chic; keurig; fijn; verfijnd; koket; smaakvol; stijlvol; [Belg.N.] deftig; jeuïg; sjeuïg; kruimig; (2) gevat; clever; slim; (3) gewaagd; pittig; sappig; pikant
乙にotsuni (1) knap; chic; keurig; fijn; koket; smaakvol; stijlvol; [Belg.N.] deftig; (2) aanstellerig; geaffecteerd; gemaakt; gekunsteld; komedianterig; histrionisch; gemaniëreerd; nuffig
ka (1) prachtig; prima; puik; fijn; heerlijk; (a) prachtig; uitstekend; (b) heuglijk; voorspoedig; (c) mooi; knap
佳作kasaku (1) uitstekend; verdienstelijk; knap; prima; bekroond werk; glansstuk; (2) werk dat een eervolle vermelding kreeg; [i.h.b.] tweede beste werk
yuu (1) elegant; verfijnd; keurig; (2) bevallig; lieftallig; knap; fraai; mooi; (3) voortreffelijk; uitstekend; superieur; uitmuntend; uitnemend; excellent; (4) [onderw.] A; hoogste graad; een tien; (a) ontspannen; relaxed; (b) elegant; verfijnd; knap; mooi; (c) zorgzaam; attent; hartelijk; warm; (d) beter zijn dan; uitsteken boven; overtreffen; (e) acteur; artiest
利口rikou (1) intelligent; knap; slim; wijs; snugger; verstandig; bijdehand; bevattelijk; schrander; pienter; ad rem; gevat; vlug; clever; gis; kien; vernuftig; (2) kies; fijnzinnig; tactvol; wetend hoe te handelen; handig; goochem; gewiekst; uitgeslapen; van wanten weten; (3) braaf; keurig
利口なrikouna (1) intelligent; knap; slim; wijs; snugger; verstandig; bijdehand; bevattelijk; schrander; pienter; ad rem; gevat; vlug; clever; gis; kien; vernuftig; (2) kies; fijnzinnig; tactvol; wetend hoe te handelen; handig; goochem; gewiekst; uitgeslapen; van wanten weten; (3) braaf; keurig
尋常jinjou (1) gewoon; alledaags; normaal; gebruikelijk; doorsnee; banaal; (2) [~な顔立ち] aantrekkelijk; knap; (3) sportief; elegant; fair; (4) keurig; fatsoenlijk; net; respectabel; (5) behoorlijk; degelijk; (6) [Jap.gesch.] lagere school; basisschool; basisonderwijs
巧いumai bekwaam; capabel; getalenteerd; knap; bedreven; behendig; vaardig; vakkundig; deskundig; kundig
巧みtakumi vakkundig; ervaren; deskundig; kundig; bekwaam; vaardig; slagvaardig; bedreven; goed; onderlegd; handig; behendig; ingenieus; vernuftig; kunstig; knap; slim; vindingrijk; spitsvondig; listig; sluw
巧みなtakumina vakkundig; ervaren; deskundig; kundig; bekwaam; vaardig; slagvaardig; bedreven; goed; onderlegd; handig; behendig; ingenieus; vernuftig; kunstig; knap; slim; vindingrijk; spitsvondig; listig; sluw
巧みにtakumini vakkundig; deskundig; kundig; bekwaam; vaardig; slagvaardig; bedreven; handig; behendig; vernuftig; kunstig; knap; fijntjes; slim; vindingrijk; spitsvondig; listig; sluw
巧妙koumyou ingenieus; vernuftig; vindingrijk; bekwaam; kundig; deskundig; capabel; vakkundig; handig; vlug; behendig; ervaren; vaardig; knap; slim; intelligent; schrander; scherpzinnig; uitgeslapen; [pej.] doortrapt; sluw; slinks; gewiekst; uitgekookt; geraffineerd; leep; pienter; geslepen; bedreven; [i.h.b.] vingervlug; kundig; kien
巧妙なkoumyouna ingenieus; vernuftig; vindingrijk; bekwaam; kundig; deskundig; capabel; vakkundig; handig; vlug; behendig; ervaren; vaardig; knap; slim; intelligent; schrander; scherpzinnig; uitgeslapen; [pej.] doortrapt; sluw; slinks; gewiekst; uitgekookt; geraffineerd; leep; pienter; geslepen; bedreven; [i.h.b.] vingervlug; kundig; kien
巧妙にkoumyouni bekwaam; handig; behendig; kundig; kunstig; ingenieus; vernuftig; vindingrijk; knap; intelligent; scherpzinnig; schrander; bijdehand; slim; tactisch; beleidvol; met tact en beleid; gevat; slagvaardig; sluw; spitsvondig; uitgekiend; bekeken; op slimme wijze; fijntjes
手際良くtegiwayoku vakkundig; kundig; deskundig; professioneel; meesterlijk; bekwaam; capabel; efficiënt; vaardig; handig; behendig; knap; elegant; slim; tactvol; kies; fijnzinnig
気の利いたkinokiita (1) [~服; デザイン] chic; smaakvol; stijlvol; elegant; keurig; modieus; deftig; knap; aantrekkelijk; hip; (2) [~冗談; アイディア] gevat; geestig; spits; snedig; verstandig; schrander; clever; slim; wijs; intelligent; ingenieus; vernuftig; vindingrijk; zinnig
清げkiyoge rein; puur; zuiver; ongerept; gaaf; schoon; mooi; knap; keurig; verzorgd
物凄いmonosugoi (1) vreselijk; verschrikkelijk; eng; afschuwelijk; afgrijselijk; afgrijslijk; gruwelijk; akelig; beangstigend; angstaanjagend; affreus; schrikwekkend; vreeswekkend; afschuwwekkend; huiveringwekkend; ijselijk; ijzingwekkend; griezelig; luguber; naar; macaber; (2) onthutsend; ontstellend; ontzaglijk; ontzagwekkend; ontzettend; erg; verpletterend; enorm; overweldigend; ellendig; geducht; formidabel; reusachtig; hels; razend; [fig.] moorddadig; (3) geweldig; fantastisch; prachtig; knap; buitengewoon [goed]
目安いmeyasui er goed uitziend; leuk; knap; fraai; mooi; aangenaam voor het oog
知恵のあるchienoaru wijs; verstandig; zinnig; slim; intelligent; knap; vernuftig; vindingrijk; schrander; pienter; oordeelkundig
端正tansei (1) [m.b.t. gezicht] mooi; knap; fraai; (2) [身のこなしが] gracieus; elegant; waardig
端正なtanseina (1) [m.b.t. gezicht] mooi; knap; fraai; (2) [身のこなしが] gracieus; elegant; waardig
iki (1) knap; verzorgd; keurig; mooi; chic; stijlvol; elegant; modieus; deftig; (2) attent; kies; inlevend; begrijpend; begripvol; meevoelend; invoelend; empathisch
粋なikina (1) knap; verzorgd; keurig; mooi; chic; stijlvol; elegant; modieus; deftig; (2) attent; kies; inlevend; begrijpend; begripvol; meevoelend; invoelend; empathisch
粋にikini (1) knap; verzorgd; keurig; mooi; chic; stijlvol; elegant; modieus; deftig; (2) attent; kies; inlevend; begrijpend; begripvol; meevoelend; invoelend; empathisch
綺麗 ; 奇麗kirei (1) mooi; knap; (2) schoon; zuiver
綺麗な ; 奇麗なkireina (1) mooi; knap; (2) schoon; zuiver
美く ; 甘く ; 旨く ; 巧く ; 上手くumaku (1) lekker; goed; smakelijk; (2) goed; vakkundig; knap; uitstekend; handig; bedreven; kundig; vaardig; behendig; (3) geslaagd; voorspoedig; succesvol; naar genoegen; bevredigend; gelukkig; gelukkigerwijs
美しいutsukushii mooi; fraai; knap; charmant; lief; pittoresk [landschap]; prachtig; [m.b.t. stem] zoet; [m.b.t. inborst] nobel
美味い (bet.1) ; 上手い (bet.2)umai (1) smakelijk; lekker; fijn; (2) bekwaam; capabel; getalenteerd; knap; bedreven; (3) uitstekend; uitmuntend; voortreffelijk; (4) succesvol; bevredigend; gelukkig; veelbelovend; voordelig; (5) Mooi zo!; Goed zo!; Bravo!; Puik!; Puik werk!
美貌bibou (1) knap; mooi gezicht; fijn gezichtje; leuke snoet; knap voorkomen; (2) knappe verschijning; knapheid; bekoorlijkheid; bevalligheid; schoonheid; aantrekkelijkheid; charme; attractiviteit
良い ; 善い ; 好い ; 吉い ; 佳い ; 快いyoi (1) goed; juist; correct; (2) goed; knap; uitstekend; mooi; welgevallig; (3) geschikt; passend; (4) acceptabel; aanvaardbaar; geoorloofd; (5) makkelijk te ~; eenvoudig
赤い ; 紅いakai (1) rood; (2) roodbruin; (3) mooi; knap; (4) [pol.] rood
達者tasshya (1) meester; expert; deskundige; vakman; specialist; kenner; (2) goed; knap; sterk; thuis in; vaardig; bedreven; behendig; deskundig; doorkneed; geverseerd; vertrouwd; ervaren; kundig; vakkundig; bekwaam; capabel; geroutineerd; routineus; habiel; (3) uitstekend; prima; fris en gezond; tiptop; kerngezond; fit; kranig; kras; fiks; flink; springlevend; (4) gewiekst; leep; bijdehand; gehaaid; uitgekookt
随分zuibun (1) kras; sterk; wat (een ~); [iron.] fraai; (2) zeer; erg; heel; uiterst; uitermate; buitengewoon; hoogst; verschrikkelijk; vreselijk; (3) behoorlijk; aanzienlijk; aanmerkelijk; beduidend; fors; flink; knap; merkelijk; een stuk; heel; nogal; aardig wat; considerabel
鮮やかazayaka (1) klaar; scherp; helder; hel; duidelijk; intens; geprononceerd; fel; levendig; sprekend; sterk uitkomend; schel; knal-; hard-; (2) bedreven; handig; kundig; deskundig; vakkundig; capabel; bekwaam; vaardig; behendig; slim; kunstig; prima; (3) prachtig; fraai; mooi; knap; schitterend; stralend; briljant; (4) vers; fris; fleurig
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.61 sec. jiten.nl: 5 treffers, warandict: 47 treffers (zoekopdracht: 'knap', strategie: exact). 
2005-2021