日蘭辭典+

34 resultaten voor ‘leiding’
日蘭辭典 (trefwoord)
shidō指導
zn. leiding v.; aanwijzing v. ¶ 指導する leiding geven; leiden; den weg wijzen. ¶ 指導の任に當る de leiding op zich nemen.
kanbu幹部
zn. de leiding v.; het bestuur o.
yarimizu遣水
(遣り水) zn. leiding water o. ¶ 庭へ遣水を引く water naar den tuin leiden.
ondo音頭
zn. voorzang m.; leiding bij het zingen.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <leiding>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
手引 tebiki (1) leiding; geleide; voorlichting; (2) wegwijzer; handleiding; gids; leidraad; handboek; (3) inleiding; introductie; verkenningen; (4) gids; leidsman; raadgever; coach
水道 suidou (1) waterleiding; [pregn.] leiding; (2) straat; kanaal; nauw; pas; zee-engte; zeegat
tsutsu (1) pijp; buis; leiding; leidingbuis; (2) cilindrisch voorwerp; cilinder; koker; bus; huls; [刃物の] schede; (3) geweerloop; kanonloop; loop; schietbuis; (4) schietgeweer; geweer; vuurwapen; buks; [veroud.] bus
運営 unei beheer; bestuur; management; leiding
運営者 uneisha beheerder; exploitant; ondernemer; operator; [verzameln.] bestuur; management; leiding
軍部 gunbu (1) militaire overheid; leiding; autoriteiten; militair gezag; het leger; (2) legermacht
経営者 keieisha beheerder; bestuurder; manager; uitbater; leider; administrateur; chef; [i.h.b.] eigenaar; [verzameln.] management; leiding; bestuur
経営 keiei (1) beheer; bestuur; leiding; management; bedrijfsvoering; administratie; (2) het ondernemen; bedrijf; (3) ontwikkeling; ontginning; exploitatie; (4) programma; plan; project
ホース hoosu buigzame buis; leiding; slang; slurf; [Belg.N.] darm; [i.h.b.] brandslang; [i.h.b.] tuinslang
補導 hodou (1) begeleiding; leiding; het gidsen; opvang; (2) [jur.] begeleiding van probleemjongeren
指導 shidou leiding; begeleiding; counseling; mentoring; instructie; onderricht; voorlichting
主導権 shudouken leiding; initiatief; leiderschap
主管 shukan (1) beheer; management; leiding; bestuur; supervisie; opzicht; toezicht; oppertoezicht; superintendentie; (2) beheerder; manager; leider; bestuurder; chef; supervisor; hoofdopzichter; opzichter; opziener; oppertoezichthouder; toezichthouder; superintendent; [Belg.N., niet alg.] toezichter
主導 shudou leiding; leiderschap; controle
支配 shihai (1) heerschappij; regering; beheer; bewind; bestuur; macht; [i.h.b.] suprematie; overheersing; dominatie; overhand; predominantie; overwicht; (2) beheersing; controle; leiding; directie; [fig.] regie
指揮 shiki (1) commando; bevel; leiding; instructie; aanvoering; (2) [muz.] het dirigeren; directie
執行部 shikkoubu kaderleden; kader; leiding; leiders; leidinggevenden; bestuur; management; executives; [w.g.] uitvoerders
司令 shirei (1) [mil.] bevel; commando; leiding; aanvoering; (2) [mil.] commandant; bevelvoerder; bevelhebber; leider; aanvoerder
先頭 sentou hoofd; kop; het voorste; spits; [i.h.b.] leiding
先導 sendou leiding; aanvoering; geleide
取締り torishimari (1) controle; beheer; supervisie; toezicht; leiding; (2) regeling; reglementering; handhaving; (3) bestuurder; directeur
トップ toppu (1) top; piek; spits; hoofd; kop; [m.b.t. wedstrijd] leiding; (2) [m.b.t. krant] stuk waarmee de krant opent; leader; ankeiler; hoofdbericht; hoofdpunt; [m.b.t. Japanse krantenopmaak] rechterbovenhoek; (3) hoogste versnelling; (4) [m.b.t. kledingstuk] top(je); bovenstuk(je); (5) [text.] lont; voorgaren
統率 tousotsu leiderschap; leiding; gezag; bevel; commando; aanvoering
導線 dousen geleidraad; geleider; conductor; geleiding; leiding
タクト takuto (1) [muz.] maat; (2) [muz.] het dirigeren; directie; leiding; (3) [muz.] maatstok; dirigeerstok; baton; (4) tact; discretie; kiesheid; diplomatie
ダクト dakuto leiding; leidingbuis; kanaal
真っ先; 真先; まっ先 massaki (1) meest vooraan; meest voorop; (2) allereerst; vóór al het andere; ; (1) hoofd [van een processie enz.]; kop [van het peloton enz.]; koppositie; voorste positie; leiding; voortouw; (2) allereerste begin; grondbegin; het eerste
役員会 yakuinkai (1) [会社の] raad van bestuur; raad van beheer; raad van administratie; college van bestuur; bestuursraad; beheerraad; directieraad; directieleden; bestuursleden; bedrijfskader; bedrijfsleiding; directie; bestuur; leiding; uitvoerend comité; directorium; (2) directievergadering; bestuursvergadering; (3) [団体の] stuurgroep; stuurcommissie
パイプ paipu (1) pijp; buis; leiding; (2) tabakspijp; sigarettenpijpje; sigarenpijpje; pijp; (3) bemiddelaar; tussenpersoon; vertrouwensman; middelaar; mediateur; intermediair; mediator; intercedent; trait-d'union; bruggenbouwer
管内 kannai (1) binnen de bevoegdheid; de jurisdictie; de competentie; het ressort; het departement; het verantwoordelijkheidsgebied; (2) in een buis; pijp; leiding
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.64 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 30 treffers (zoekopdracht: 'leiding', strategie: exact). 
2005-2019