日蘭辭典+

11 resultaten voor ‘moeten’
日蘭辭典 (trefwoord)
agumu倦む
i.w. moede zijn. ¶ 步きあぐむ moede zijn van het wandelen; vervelen (厭きる). ¶ 私は待ちあぐんだ het verveelde mij, te moeten wachten.
gomen御免
zn. (uw) vergunning v.; (uw) vergiffenis v.; (uw) verlof o. ¶ 御免なさい vergeef mij; neem me niet kwalijk. ¶ 一寸御免下さい wil mij een oogenblik excuseeren. ¶ これで御免を蒙ります ik moet nu eens afscheid gaan nemen. ¶ そんなもう御免だ zulke praatjes wensch ik niet te hooren; verschoon mij van zulke praatjes.
SUPPLEMENT (trefwoord)
shikata ga nai仕方がない
(uitdr.) niet anders kunnen dan…; het is onvermijdelijk dat…; niet kunnen verdragen dat…; niets aan kunnen doen dat…. NB Na de attributieve vorm (連体形) van een werkwoord volgt steevast より yori. ¶ 仕方ないよ。 Shikata ga nai yo. We hebben geen keus.; Er valt niets aan te doen.; Niks aan te doen. (TTC) ¶ 今日は月曜日なのに、日曜日のような気がして仕方ないKyō wa getsuyōbi na no ni, nichiyōbi no you na ki ga shite shikata ga nai. Hoewel het maandag is kan ik het gevoel dat het zondag is maar niet kwijtraken. (TTC) ¶ 待つより仕方ないKare wo matsu yori shikata ga nai. We kunnen alleen maar op hem wachten. やめるほか仕方ないKare wa yameru hoka shikata ga nai. Hij had geen nadere keuze dan af te treden. (TTC) ¶ の計画に同意するよりほかに仕方ないKare no keikaku wo dōisuru yori haka ni shikata ga nai. We hebben geen andere keuze dan in te stemmen met zijn plan. (TTC) ¶ 私たちはこのままやっていくより仕方ないWatachitachi wa kono mama yatte iku yori shikata ga nai. We kunnen alleen maar (op gelijke wijze) doorgaan. (TTC) ¶ 行くより他に仕方ないIku yori hoka ni shikata ga nai. We hebben geen andere keus dan te gaan.; We moeten wel gaan. そんなに健康こと心配しても仕方ないSonna ni kenkō no koto wo shinpaishite mo shikata ga nai. Het heeft geen zin je zoveel zorgen te maken over je gezondheid. (TTC) ¶ 彼女はうれしくてうれしくて仕方ないKanojo wa ureshikute ureshikute shikata ga nai. Ze was dolblij. (TTC)
saitei最低
(na-adj,no-adj,znw,bw) (1) het minste; ten minste; allerminste; het laagste; het allerlaagste. ¶ 最低限 saiteigen het minimum. ¶ 最低気温 saitei kion minimum temperatuur; laagste temperatuur. ¶ 私たちは1日に最低7時間は寝なければならないWatachitachi wa ichinichi ni saitei shichi jikan wa nenakereba naranai. We moeten op een dag minstens zeven uur slapen. (2) [naar een maatstaf of rangorde] het slechtst; de laagste rang. ¶ これまで読んだで最低のだ。 Kore wa ima made yonda naka de saitei no hon da. Dit is het slechtste boek dat ik tot nu toe heb gelezen. (3) [van iemands karakter] walgelijk; verdorven; verwerpelijk; gemeen. ¶ そんなつくなんては最低だ。 Sonna uso wo tsuku nan te kare wa saitei da. Hij is verwerpelijk dat hij dat soort leugens vertelt. (TTC) (4) [uitroep van walging of afkeer] Walgelijk!; Getver!; Gatver!.
nan to ka何とか
(frase) (1) op de een of andere wijze; op een of andere manier; enigerlei wijze; het een of ander; dit of dat; zus of zo. ¶ なんとかそのテストに受かった。 Nan to ka sono tesuto ni ukatta. Op een of andere manier ben ik geslaagd voor de test. ¶ なんとか日曜日までに家賃を払わないといけない。 Nan to ka nichiyōbi made ni yachin wo harawanai to ikenai. Op een of andere manier moet ik uiterlijk zondag de huur betalen. ¶ はなんとか時間までそこに着いた。 Boku wa nan to ka jikan made ni soko ni tsuita. Op een of andere manier lukte het me om er op tijd te komen. ¶ 彼女はなんとかして世間体をつくろった。 Kanojo wa nan to ka shite sekentei wo tsukurotta. Op een of andere wijze wist ze haar gezicht te bewaren. (2) (in plaats van de naam van iets of iemand) zus of zo; je-weet-wel; nog wat; hoe-heet-hij [zij, het]-ook al weer; ding; dinges. ¶ 田中なんとかというから電話がありました。 Tanaka nan to ka to iu hito kara denwa ga arimashita. Er was een telefoontje van een Tanaka-nog-wat voor je. ¶ 事部長のなんとかさんが捜してたよ。 Jinji buchō no nan to ka-san ga sagashite ta yo. De manager van personeelszaken, hoe heet hij ook al weer, was naar je op zoek. (yamasv) (TTC)
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <moeten>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
なければならない nakerebanaranai (1) […~] [drukt een verantwoordelijkheid; plicht uit] moeten; horen; behoren; verplicht zijn; dienen; hebben te; zullen; (2) […~] [drukt een noodzaak uit] moeten; gedwongen zijn
成らない naranai (1) […て(は)~] [drukt een verbod uit] niet mogen; niet kunnen; het is verboden …; (2) […なくては; なければ; ねば~] [drukt een verantwoordelijkheid; plicht; noodzaak uit] moeten; horen; behoren; verplicht zijn; dienen; hebben te; zullen; (3) […て~] [drukt een onweerstaanbaar gevoel uit] niet anders kunnen dan; zich niet aan het gevoel kunnen onttrekken dat; het niet kunnen helpen
hazu (1) één van beide booguiteinden; (2) keep (in een pijl); (3) [voorafgegaan door rentaikei] zou(den) moeten ~; moet(en) ~; zou(den) ~; naar verwachting zal ~; vermoedelijk zal ~
ねばなりません nebanarimasen moeten; verplicht zijn; horen; behoren [aangesloten op de MZK]
ねばならない nebanaranai […~] [drukt een vanzelfsprekendheid; plicht uit] moeten; verplicht zijn; horen; behoren
ねばならぬ nebanaranu […~] [drukt een vanzelfsprekendheid; plicht uit] moeten; verplicht zijn; horen; behoren
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.44 sec. jiten.nl: 5 treffers, warandict: 6 treffers (zoekopdracht: 'moeten', strategie: exact). 
2005-2019