日蘭辭典+

32 resultaten voor ‘natuur’
日蘭辭典 (trefwoord)
sosei素性
zn. aard m.; natuur v.
soshitsu素質
zn. aard m.; natuur v.; neiging
tachi
zn. (1) [品質] kwaliteit v.; hoedanigheid v. (2) [性質] aard m.; natuur v.; karakter o. (3) [體質] gestel o. ¶ 質の惡い kwaadaardig (性質); minderwaardig (品質).
seishitsu性質
zn. aard m.; neiging v.; karakter o.; natuur v. ¶ ……の性質van nature; naar zijnen aard.
tenpu天賦
zn. talent o.; gave v.; ingeboren natuur v. ¶ 天賦の ingeboren; aangeboren; inherent; van nature; natuurlijk.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <natuur>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
素質 soshitsu (1) aard; natuur; karakter; inslag; vatbaarheid; [med.] diathese; (2) aanleg; kwaliteiten; predispositie; voorbeschiktheid; geschiktheid; [fig.] knobbel; [i.h.b.] talent
天地 tenchi (1) hemel en aarde; (2) heelal; universum; (3) wereld; schepping; natuur; (4) gebied; terrein; wereld; land; (5) boven- en onderkant
天性 tensei wezen; natuur; aard; inborst; karakter; inslag; instelling
天然 tennen natuurlijk; van nature; natuur-; ; natuur
tsubu [maatwoord voor korrels, bolletjes, pillen enz.]; ; (1) korrel; korreltje; grein; greintje; bolletje; druppel; (2) aard; natuur; kwaliteit; grootte; kaliber
生まれ umare (1) geboorte; (2) afkomst; afstamming; geslacht; familie; (3) karakter; aard; inborst; natuur; (4) geboorteplaats
意地 iji (1) aard; karakter; natuur; inborst; instelling; inslag; gemoed; signatuur; (2) karakter; vastheid van wil; wilskracht; ruggengraat; (3) koppigheid; eigenzinnigheid; trots; eigen wil
本性 honshou (1) ware aard; natuur; wezen; (2) z'n zinnen; gezond verstand
本質 honshitsu wezen; essentie; natuur; aard; het essentiële; essence; substantie; het wezenlijke; wezenheid; kwintessens; essentialia
本性 honsei ware aard; wezen; natuur
法然 hounen (1) [boeddh.] natuur; wezen; wezenlijkheid; (2) Hōnen [stichter van het Japanse reine land-boeddhisme, 1133-1212]
shitsu (1) aard; karakter; natuur; (2) kwaliteit; gehalte; kaliber; degelijkheidsgraad; (3) gestel
自然 shizen natuurlijk; wild; ongekunsteld; ongedwongen; ongemaakt; ; vanzelf; spontaan; uit zichzelf; automatisch; ; (1) natuur; (2) het natuurlijke; ongekunsteldheid; natuurlijkheid; naturel; [i.h.b.] wilde staat; (3) spontaniteit; spontaneïteit; spontaanheid
根性 konjou (1) karakter; aard; natuur; geest; instelling; mentaliteit; ingesteldheid; (2) lef; karakter; wilskracht; flinkheid; durf; moed; guts; [inform.] ballen
性質 seishitsu (1) natuur; aard; inborst; karakter; [veroud.] grond; gemoed; gesteldheid; signatuur; temperament; complexie; geaardheid; aanleg; dispositie; geneigdheid; (2) kwaliteit; eigenschap; kenmerk; karakteristiek; attribuut
sei (1) aard; natuur; (2) geslacht; kunne; sekse; gender; [taalk.] genus; (3) seks; [attr.] seksueel
性格 seikaku (1) karakter; inborst; aard; persoonlijkheid; natuur; gezindheid; [veroud.] grond [m.b.t. personen]; (2) karakter; aard [m.b.t. zaken]
tai [maatwoord voor goden- en boeddhabeelden, lijken e.d.]; ; (1) a. lichaam; ledematen; (2) b. gedaante; vorm; (3) c. figuur; voorwerp; (4) d. wezen; essentie; substantie; (5) e. orgaan; organisatie; (6) f. lichamelijke opvoeding; ; (1) lichaam; lijf; (2) staat; toestand; gesteldheid; (3) vorm; voorkomen; gedaante; stijl; (4) wezen; essentie; substantie; aard; natuur; (5) [taalk.] substantief; substantivum; (6) sterkte; kloekheid; ruggengraat; (7) [ikebana] bovenste leidtak; (8) [wisk.] lichaam
体質 taishitsu (1) lichaamsgestel; gestel; constitutie; (2) wezen; natuur
理化学 rikagaku natuur- en scheikunde; fysica en chemie
ki (1) geest; ziel; aard; (2) intentie; wil; (3) gevoel; humeur; (4) natuur; aanleg; neiging; (5) zorgzaamheid; oplettendheid; attentie; (6) lucht; atmosfeer; aura; (7) essentie; (8) smaak
気立て kidate karakter; aard; inslag; instelling; natuur; inborst; temperament
役人根性 yakuninkonjou bureaucratische geest; natuur; mentaliteit; bureaucratisme; bureaucratie; ambtenarij; formalisme; regelgebondenheid; beambtendom; enggeestige bedillerij
hada (1) huid; vel; [volkst.] bast; (2) oppervlak; [i.h.b.] textuur; (3) aard; natuur; karakter; inborst; geaardheid; type; slag; een ~ soort mens
gara (1) patroon; design; (2) lichaamsbouw; (3) karakter; (4) (iemands) natuur
人柄 hitogara persoonlijkheid; karakter; inborst; aard; natuur
人間 ningen (1) mens; persoon; menselijk wezen; sterveling; de mensen; volk; het mensdom; de mensheid; het mensengeslacht; het menselijk geslacht; [gez.] aarden vat; [min.] stuk vlees; (2) persoonlijkheid; aard; karakter; kaliber; natuur
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.41 sec. jiten.nl: 5 treffers, warandict: 27 treffers (zoekopdracht: 'natuur', strategie: exact). 
2005-2020