日蘭辭典+

16 resultaten voor ‘omtrent’
日蘭辭典 (trefwoord)
tsuite就いて
(ついて) vz. (1) [關して] met betrekking tot; aangaande; wat betreft; omtrent; van; over; voor. (2) [每に] per. (3) [沿って] langs. (4) [共に] met. ¶ 是に就いて wat dit betreft; hieromtrent. ¶ 一斤について五十 vijftig sen per kin. ¶ について行く langs de rivier loopen; de rivier volgen. ¶ 兄について行く met zijn broer meegaan.
yaku
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <omtrent>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
ざっとzatto (1) ruw(weg); grofweg; ongeveer; bij benadering; approximatief; circa; ten naaste bij; om en (na)bij; omstreeks; (zo) omtrent; pakweg; plusminus; rond (de); (2) kort; bondig; beknopt; vluchtig
に就いてnitsuite (1) omtrent ~; over ~; betreffende ~; met betrekking tot ~; in verband met ~; aangaande ~; wat betreft ~; ten aanzien van ~; op het punt van ~; (2) langs ~; aan de zijde van ~; naast ~; (3) met ~; in gezelschap van ~; onder [begeleiding van ~]; (4) voor ~; à ~; per ~
に関けてniazukete omtrent; betreffende; aangaande; met betrekking tot; in verband met; inzake
に関してnikanshite omtrent; betreffende; aangaande; met betrekking tot; in verband met; in aansluiting op; over; inzake; [form.] nopens; qua; re; ([voor] wat) betreft; wat ~ aangaat; in samenhang met; samenhangend met; ten aanzien van; onder; met referte aan; onder referentie aan; onder verwijzing naar; ten opzichte van; betrekkelijk tot; [afk.] m.b.t.; i.v.m.; t.a.v.; t.o.v.
ばかしbakashi (1) [drukt een vage maat uit] zo'n; zowat; ongeveer; omtrent; (2) [drukt beperking uit] enkel; slechts; (3) […た~] [drukt uit dat een handeling er kort geleden opzit] pas; net; zonet; zo-even; zojuist; daarnet
ほどhodo (1) […~] [duidt een globale hoeveelheid; mate; benadering aan] zo'n; zo wat; ongeveer; circa; om en bij; omtrent; rond de; … of zo; (2) […~] [duidt een hoedanigheid aan] zodanig dat; in die mate dat; zo … dat; zo … als; genoeg om te; (3) […~…ない] [duidt een referentiebasis aan]; (4) […ば…ほど] [duidt een proportioneel verband aan] hoe …-er; hoe …-er; (5) […~] [duidt een begrenzing aan] enkel; slechts
kurai (1) rang; stand; klasse; (2) graad; maat; mate; (3) waardigheid; (4) positie; plaats; ligging; (5) troon; kroon; het koningschap; (6) (in een getal) cijfer; (7) […~] [partikel dat een hoeveelheid; mate bij benadering uitdrukt] ongeveer; circa; om en bij; omtrent; bij benadering; […~] hoeveel?; hoe lang?; hoeveel tijd?; (8) […~] [partikel dat een referentiepunt bij benadering uitdrukt] bijna; nagenoeg; haast; bijkans; zo … als; even … als; in die mate; genoeg om te …; (9) […~なら] [partikel dat een extreem voorbeeld geeft; of het belang van een voorbeeld nuanceert; overdrijft] tenminste; eerder … dan; liever … dan
gurai (1) […~] [partikel dat een hoeveelheid; mate bij benadering uitdrukt] ongeveer; circa; om en bij; omtrent; bij benadering; […~] hoeveel?; hoe lang?; hoeveel tijd?; (2) […~] [partikel dat een referentiepunt bij benadering uitdrukt] bijna; nagenoeg; haast; bijkans; zo … als; even … als; in die mate; genoeg om te …; (3) […~なら] [partikel dat een extreem voorbeeld geeft; of het belang van een voorbeeld nuanceert; overdrijft] tenminste; eerder … dan; liever … dan
其処らsokora (1) daar ergens in die buurt; daaromtrent; in die omgeving; (2) omstreeks; omtrent; zo ongeveer; rond; om en bij; om en nabij; (3) het fijne ervan; nadere gegevens; bijzonderheden; details
前後zengo (1) voor- en achterkant; voor- en achterzijde; [loc.] voor en achter; [loc.] voor- en achteraan; [loc.] ervoor en erachter; [loc.] voor- en achterwaarts; (2) voor en na; tevoren en daarna; ervoor en erna; voor- en achteraf; [i.h.b.] consequenties; (3) tegen; rond; omstreeks; omtrent; om en (na)bij; circa; (zo) ongeveer; zo'n; zowat; in de buurt van
回る; 廻る; 巡る; 繞るmeguru (1) lopen om; gaan om; draaien om; cirkelen om; ronddraaien; omringen; omgeven; (2) circuleren; omlopen; rondgaan; een cyclus vormen; zich herhalen; (regelmatig) terugkeren; roteren; (3) rondlopen; rondtrekken; rondreizen; rondgaan; ronddrentelen; heen en weer gaan; (4) te maken hebben met ~; omtrent ~; in verband met ~; betreffende ~; over ~
yaku (1) belofte; toezegging; afspraak; overeenkomst; akkoord; deal; (2) gematigdheid; matigheid; moderatie; mate; zuinigheid; spaarzaamheid; (3) karigheid; schaarsheid; schraalheid; poverheid; schamelheid; schamelte; armelijkheid; armoedigheid; armetierigheid; kommerlijkheid; (4) bekorting; verkorting; inkorting; afkorting; weglating; omissie; vereenvoudiging; bondigheid; beknoptheid; concisie; (5) [wiskunde] deling; (6) syncope; syncopering; (7) ongeveer; zo'n; zo ongeveer; grosso modo; plusminus; grofweg; pakweg; ruwweg; een stuk of; een slordige; om en bij; om en nabij; rond (de); circa; omtrent; approximatief; bij benadering; of daaromtrent; een beetje; ten naaste bij; omstreeks; naar schatting; in de orde van grootte van
近くchikaku (1) in de nabijheid; nabij(gelegen); vlakbij; dichtbij(gelegen); in de buurt; kortbij; omtrent; (2) om en (na)bij; haast; circa; rond de; in de buurt van; omstreeks; nagenoeg; vrijwel; praktisch; zo goed als; zowat; schier [volgt op telwoorden; drukt een benadering uit]; (3) binnenkort; weldra; dra; gauw; eerlang; binnen korte tijd; binnen afzienbare tijd; aanstonds
goro omstreeks; tegen; omtrent; ongeveer; rond; om en bij de; het; naar … toe
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.72 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 14 treffers (zoekopdracht: 'omtrent', strategie: exact). 
2005-2021