日蘭辭典+

16 resultaten voor ‘onschuld’
日蘭辭典 (trefwoord)
akari明り
zn. (1) [光明] licht o. (2) [燈火] licht o.; lamp. ¶ 燈を消す het licht uitdoen. (3) [潔白] onschuld v. ¶ 明を立てる zijn onschuld bewijzen. ¶ 雪明り glans van de sneeuw.
mujaki無邪氣
(無邪気) zn. onschuld v.; onnoozelheid v.; naïviteit v. ¶ 無邪氣の onschuldig; onnoozel; naïef; eenvoudig van hart.
shuchō主張
zn. (1) [唱道] pleidooi o.; voorspraak v.; bepleiting v. (2) [持論] opinie o.; meening v. (3) [權利などの] aanspraak v.; bewering v.; handhaving v. (4) [固持] halsstarrigheid v.; volharding v. ¶ 主張する bepleiten; aanspraak maken. ¶ 自説を主張する eigen meening verdedigen; zijn standpunt handhaven. ¶ 無罪を主張する onschuld bepleiten. ¶ 權利を主張する een recht eischen. ¶ 主張者 pleiter; eischer.
mushin無心
zn. (1) [無邪氣] onschuld v.; geen opzet o. (2) [懇願] aandrang m. ¶ 無心狀 bedelbrief. ¶ の無心を言ふ om geld vragen. ¶ 無心の行動 onwillekeurige handeling. ¶ 無心する lastig vallen om; bedelen.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <onschuld>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
あどけなさadokenasa onschuld; onschuldigheid; innocentie; argeloosheid; onnozelheid; naïviteit; naïefheid; ingenuïteit
清純seijun zuiverheid; puurheid; reinheid; onschuld; onschuldigheid
潔白keppaku (1) zuiverheid; puurheid; reinheid; onschuld; onschuldigheid; innocentie; (2) zuiver; puur; rein; onschuldig
無垢muku (1) [boeddh.] vimalā [= onbezoedeldheid; smetteloosheid]; (2) ongereptheid; onbevlektheid; vlekkeloosheid; onschuld; schuldeloosheid; (3) onversnedenheid; onvermengdheid; zuiverheid; reinheid; puurheid; (4) effen kimono; (5) onbezoedeld; smetteloos; ongerept; onbevlekt; vlekkeloos; onschuldig; schuldeloos; puur; zuiver; rein; onversneden; onvermengd
無実mujitsu (1) onfeitelijkheid; onwerkelijkheid; ongefundeerdheid; ongegrondheid; valsheid; (2) onschuld
無罪muzai [jur.] onschuld; het onschuldig zijn; onschuldigheid; schuldeloosheid; [veroud.] onnozelheid
無邪気mujaki onschuld; onschuldigheid; argeloosheid; naïviteit; onnozelheid; ingenuïteit; ongekunsteldheid; eenvoud; innocentie; [veroud.] simpelheid
白日hakujitsu (1) stralende zon; heldere zonneschijn; (2) klaarlichte dag; vol daglicht; (3) [fig.] onschuld; integriteit
shiro (1) wit; het witte; [attr.] leuko-; (2) witte ploeg; wit team; [m.b.t. schaken; go] witte stukken; (3) onschuld; onschuldigheid; innocentie; (4) blanco; (5) saté van varkensworstjes
純情junjou (1) zuiver hart; argeloos hart; rein (van) geest; onschuld; schuldeloosheid; onnozelheid; eerlijkheid; oprechtheid (des harten); naïviteit; argeloosheid; ingenuïteit; (2) onschuldig; schuldeloos; onnozel; eerlijk; oprecht; naïef; argeloos; ingénu
純真junshin (1) zuiverheid; puurheid; reinheid; onschuld; innocentie; (2) zuiver; puur; rein; onschuldig; innocent
純粋junsui (1) puurheid; [form.] puurte; zuiverheid; [w.g.] zuiverte; [m.b.t. metalen] gedegenheid; (2) echtheid; raszuiverheid; onvervalstheid; genuïteit; authenticiteit; oorspronkelijkheid; waarachtigheid; onschuld; schuldeloosheid; onnozelheid; [fig.] blankheid; (3) puur; zuiver; louter; naturel; [m.b.t. metalen] gedegen; (4) echt; rasecht; raszuiver; volbloed; pur sang; onvervalst; [fig.] ongemengd; [fig.] onvermengd; genuïen; authentiek; oorspronkelijk; waarachtig; onschuldig; schuldeloos; onnozel; [fig.] blank
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.72 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 12 treffers (zoekopdracht: 'onschuld', strategie: exact). 
2005-2021