日蘭辭典+

10 resultaten voor ‘ontslaan’
日蘭辭典 (trefwoord)
agaru上る
(上がる ) i.w. (1) [上昇] stijgen; rijzen; klimmen; naar boven gaan. (2) [に] in een boom klimmen. ¶ 椅子にあがる op een stoel klimmen. (3) [陸に] aan wal stijgen; aan wal gaan. (4) [が] opgaan. (5) [が] geheschen worden. (6) [騰貴] stijgen. (7) [昇進] promotie maken; bevorderd worden. (8) [進步] vooruitgaan; vorderingen maken. (9) [罷める] ontheven worden van; ontslagen worden als. (10) [收入] ontvangen. (11) [休止] ophouden. ¶ があがった de regen heeft opgehouden. ¶ 天氣上る het weer is opgeklaard.
kaiko解雇

zn. ontslag o. ¶ 解雇を求める ontslag vragen. ¶ 解雇する ontslag geven; ontslaan.

dasu出す

t.w. (1) [突出] uitstrekken; uitsteken. (2) [取出] uithalen; voor den dag halen. (3) [を] aanwenden; inspannen. (4) [發送] verzenden; sturen. (5) [發行] uitgeven. (6) [食事を] opdienen; serveeren. (7) [解雇] ontslaan. (8) [差出] inzenden. (9) [拂ふ] betalen. (10) [開業] beginnen. (11) [產出] voortbrengen. (12) [口に] zeggen. (13) [供給] aanschaffen. ¶ 出す bladeren krijgen. ¶ 質物を出す pand terughalen. ¶ 狂言をだす comedie opvoeren. ¶ 寄附出す bijdrage schenken. ¶ 國旗を出す nationale vlag uitsteken. ¶ 切符をを出しなさい verzoeke uw kaartjes te vertoonen. ¶ 降り出す beginnen te regenen. ¶ 泣き出す beginnen te huilen.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <ontslaan>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
首を切る kubiwokiru (1) het hoofd afhouwen; het hoofd afslaan; onthoofden; onthalzen; een kopje kleiner maken; koppensnellen; (2) ontslaan; z'n ontslag geven; afdanken; de laan uitsturen; naar huis sturen; aan de dijk zetten; de bons geven; [inf.] de zak geven
首にする kubinisuru ontslaan; z'n ontslag geven; afdanken; de laan uitsturen; wegsturen; naar huis sturen; aan de dijk zetten; op straat zetten; de bons geven; [inf.] de zak geven
解す gesu (1) begrijpen; verstaan; snappen; vatten; inzien; (2) oplossen; losmaken; (3) ontslaan; ontbinden; ontheffen; (4) aan een hogere instantie voorleggen; ; begrijpen; verstaan; snappen; vatten; inzien
放り出す houridasu (1) eruit gooien; eruit werpen; eruit kegelen; eruit smijten; eruit kieperen; (2) opgeven; in de steek laten; achterlaten; laten zitten; ophouden met; staken; laten liggen; van zich af zetten; neerleggen; terzijde leggen; (3) verwaarlozen; veronachtzamen; aan z'n lot overlaten; (4) ontslaan; de laan uitsturen; afdanken; aan de dijk zetten; de zak; bons geven; wegzenden; wegsturen
退ける shirizokeru (1) wegsturen; terugsturen; wegzenden; terugtrekken; verdrijven; verjagen; wegjagen; (2) [敵を] terugslaan; terugdrijven; terugwerpen; afslaan; afweren; weren; afhouden; [誘惑を] weerstaan; (3) [勧告を] afwijzen; afslaan; afketsen; van de hand wijzen; terugwijzen; weigeren; wegwuiven; [控訴を] verwerpen; (4) de laan uit sturen; de deur wijzen; verwijderen; ontslaan; afzetten; ontheffen
断る kotowaru (1) weigeren; niet toelaten; niet vergunnen; niet inwilligen; (2) afslaan; afwijzen; verwerpen; niet accepteren; niet (willen) aannemen; van de hand wijzen; van tafel vegen; bedanken; weigeren; wegwuiven; wegwimpelen; [w.g.] declineren; (3) zijn verontschuldiging aanbieden; zijn excuses maken; zijn excuses aanbieden; excuus vragen; pardon vragen; zich schoon praten; (4) vooraf kennisgeven; informeren; inlichten; meedelen; mededelen; waarschuwen; verwittigen; vertellen; berichten; op de hoogte stellen; brengen; (5) toelating vragen; toestemming vragen; verlof vragen; (6) ontslaan; ontslag geven; de laan uitsturen; op straat zetten; aan de dijk zetten; (7) verbieden; door een verbod ontzeggen
罷免する himensuru ontslaan; ontheffen; ontzetten; afzetten (uit een ambt); amoveren
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.62 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 7 treffers (zoekopdracht: 'ontslaan', strategie: exact). 
2005-2019