日蘭辭典+

28 resultaten voor ‘openhartig’
日蘭辭典 (trefwoord)
arawaniあらはに
(露わに、露に、あらわに) bw. (1) [明らさまに] ronduit; openhartig; zonder omwegen; zonder er doekjes om te winden. ¶ 明らさまに總てを云ひなさい je moet alles ronduit zeggen. (2) [公然と] openlijk; in het openbaar.
jitsu
() zn. (1) [眞實] waarheid v.; werkelijkheid v.; ware toestand m. (2) [誠意] oprechtheid v. (3) [割算] factor m.; getal dat gedeeld kan worden op. ¶ を明かす de waarheid aan het licht brengen. ¶ を盡す oprechtheid toonen; vriendelijkheid bewijzen. ¶ は inderaad; feitelijk. ¶ を言へば om de waarheid te zeggen; ronduit gezegd; openhartig gesproken. ¶ werkelijk; waar; feitelijk. ¶ inderdaad; zeer (甚だ).. ¶ らしい aannemelijk; plausibel.
akarasama ni明樣に
(あからさまに) bw. duidelijk; uitdrukkelijk; zonder omwegen; openhartig.
akehanashino開け放しの
bn. openhartig.
akehanashi ni開け放しに
tsutsumikakusu包隱す
(包み隠す) t.w. verbergen; verheimelijken; in den doofpot doen. ¶ 包隱さずに ronduit; openhartig; zonder iets te verzwijgen.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <openhartig>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
率直な sotchokuna oprecht; eerlijk; openhartig; frank; openlijk; onbevangen; onbewimpeld; onverbloemd; ongeflatteerd; ruiterlijk; onomwonden; volmondig; vrijmoedig; rondborstig
率直 sotchoku oprecht; eerlijk; rechtuit; openhartig; frank; openlijk; vrijuit; rechttoe; rechtaan; onbevangen; onbewimpeld; onverbloemd; ongeflatteerd; ruiterlijk; onomwonden; volmondig; vrijmoedig; rechtuit; rechtdoorzee; ronduit; rondborstig; rondweg; vierkant; franchement; recht voor zijn raap
素直 sunao (1) braaf; gedwee; zoet; gehoorzaam; volgzaam; inschikkelijk; meegaand; mak; dociel; smijdig; gewillig; gezeglijk; handelbaar; zacht; zachtaardig; goedwillig; [i.h.b.] open; openhartig; eerlijk; naïef; (2) ongekunsteld; ongemaakt; ongemaniëreerd; ongedwongen; natuurlijk; oprecht; rechtuit; eenvoudig
素直な sunaona (1) braaf; gedwee; zoet; gehoorzaam; volgzaam; inschikkelijk; meegaand; mak; dociel; smijdig; gewillig; gezeglijk; handelbaar; zacht(aardig); goedwillig; [i.h.b.] open; [i.h.b.] eerlijk; [i.h.b.] openhartig; [i.h.b.] naïef; (2) ongekunsteld; ongemaakt; ongemaniëreerd; ongedwongen; natuurlijk; oprecht; eenvoudig
ずばりと zubarito (1) besluitvaardig; resoluut; doortastend; flink; vastberaden; zelfverzekerd; kordaat; beslist; gedecideerd; [veroud.] geresolveerd; stellig; eens en voorgoed; voor eens en altijd; voorgoed; definitief; (2) duidelijk; eerlijk; openhartig; oprecht; rechtuit; frank; recht voor z'n raap; zonder er doekjes om te winden; direct; op de man af; à bout portant; (3) bij het rechte eind; juist [geraden]
ずばり zubari (1) besluitvaardig; resoluut; doortastend; flink; vastberaden; zelfverzekerd; kordaat; beslist; gedecideerd; [veroud.] geresolveerd; stellig; eens en voorgoed; voor eens en altijd; voorgoed; definitief; (2) duidelijk; eerlijk; openhartig; oprecht; rechtuit; frank; recht voor z'n raap; zonder er doekjes om te winden; direct; op de man af; à bout portant; (3) bij het rechte eind; juist [geraden]
剥き出しの mukidashino (1) bloot; naakt; onbedekt; (2) openhartig; eerlijk; openlijk; oprecht; rondborstig; ongezouten; onomwonden; onverbloemd; onverholen; onverheeld; onbedekt; onbewimpeld
剥き出しに mukidashini openhartig; eerlijk; openlijk; zonder er doekjes om te winden; oprecht; rondborstig; ongezouten; onomwonden; onverbloemd; onverholen; onverheeld; onbedekt; onbewimpeld; ronduit; rechtuit; rechtdoorzee; recht voor z'n raap
心置き無く kokorookinaku (1) zonder enige reserve; terughoudendheid; zonder enig voorbehoud; zonder aarzelen; vrijelijk; vrij; ronduit; rechtuit; openhartig; onbeschroomd; zonder schroom; onbevangen; (2) onbevreesd; onbezorgd; zonder zich zorgen te hoeven maken; vrij van zorgen; onbekommerd; kommerloos; gerust; in alle rust; gemoedsrust
堂々とした doudoutoshita (1) statig; deftig; imposant; groots; weids; waardig; van (grote) allure; van formaat; indrukwekkend; imponerend; machtig; prachtig; schitterend; majestueus; majestatisch; (2) fair; billijk; eerlijk; openhartig
堂々と doudouto (1) statig; in grote stijl; weids; groots; waardig; met allure; in al zijn waardigheid; met staatsie; majesteitelijk; plechtig; plechtstatig; plechtiglijk; gedragen; [muz.] grandioso; (2) met aplomb; geposeerd; zelfverzekerd; [Belg.N.] zelfzeker; onbedeesd; vol vertrouwen; (3) fair; billijk; eerlijk; rechtuit; openhartig; ronduit; openlijk; onverholen; onbewimpeld; ongegeneerd; simpelweg; eenvoudigweg; slechtweg; boudweg; zonder blikken of blozen; zonder poespas; rechttoe rechtaan
堂々たる doudoutaru (1) statig; deftig; imposant; groots; weids; waardig; van (grote) allure; van formaat; indrukwekkend; imponerend; machtig; prachtig; schitterend; majestueus; majestatisch; (2) fair; billijk; eerlijk; openhartig
真っ直ぐ; 真直ぐ; 真っ直; 真っすぐ massugu (1) recht; vlak; rechtlijnig; rechtop; rechtopstaand; overeind; rechtaan; rechtaf; rechtdoor; rechtuit; rechtstreeks; direct; regelrecht; linea recta; verticaal; loodrecht; ongebogen; straal; sluik [haar enz.]; (2) oprecht; eerlijk; rechtschapen; rechtdoorzee; rondborstig; openhartig; ; rechtheid; rechte richting
真っ直ぐな massuguna (1) recht; vlak; rechtlijnig; rechtopstaand; rechtstreeks; direct; regelrecht; verticaal; loodrecht; ongebogen; straal; sluik [haar enz.]; (2) oprecht; eerlijk; rechtschapen; rechtdoorzee; rondborstig; openhartig
さっぱりした sapparishita (1) schoon; proper; net; keurig; ordelijk; (2) [性格の] openhartig; eerlijk; oprecht; rondborstig; (3) [食物の味の] eenvoudig; klassiek; gewoon
余儀無い yoginai (1) onvermijdelijk; onafwendbaar; onontkoombaar; onontwijkbaar; dwingend; noodzakelijk; (2) onbetwistbaar; onbestrijdbaar; onaanvechtbaar; (3) onomwonden; openhartig
歯に衣着せぬ hanikinukisenu ± geen blad voor de mond nemen; geen wolf in zijn buik smoren; openhartig; rondborstig spreken
フランク furanku (1) frank; oprecht; openhartig; eerlijk; rechtuit; rondborstig; (2) [gesch.] Frank; Franken; ; Frank; Franck
ガラガラ garagara leeg; kaal; verlaten; onbezet; ; (1) ratelend; rammelend; kletterend; [落雷が] klaterend; (2) openhartig; eerlijk; frank; rechtuit; vrijmoedig; ; (1) geratel; gerammel; gekletter; (2) rammelaar; ratel
あっさりした assarishita eenvoudig; simpel; beknopt; bondig; sober; [~食べ物] licht; [~人] openhartig; eerlijk; rondborstig; frank
あっさり assari (1) eenvoudig; simpel; zonder meer; gewoonweg; sec; tout court; (2) openhartig; eerlijk; rondborstig; frank; zonder enige reserve; (3) zo maar; vlot; met gemak; moeiteloos; gewoonweg; geredelijk; licht
arawa (1) bloot; duidelijk zichtbaar; (2) openbaar; publiek; publiekelijk; (3) open; openlijk; onverholen; onverbloemd; onverheeld; onbewimpeld; onbedekt; onomwonden; vrijuit; openhartig; eerlijk; ronduit; (4) duidelijk; onmiskenbaar; apert; klaar; manifest; evident; uitgesproken; expliciet
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.37 sec. jiten.nl: 6 treffers, warandict: 22 treffers (zoekopdracht: 'openhartig', strategie: exact). 
2005-2019