Japans-Nederlands woordenboek van Peter Adriaan van de Stadt
日蘭辭典
Nichi-Ran jiten, 1934
Home
Help
JPEG versie
Laatste toevoegingen
Maak woordenlijsten
exacte woord of uitdrukking
exacte woord of uitdrukking
begin van een woord of uitdrukking
einde van een woord of uitdrukking
deel van een woord of uitdrukking
[
set nolinks
]
12 resultaten voor ‘over’.
TREFWOORDEN
amaneku
・
普く
(遍く) bw.
overal
;
over
het
algemeen
. ¶ 普く天下に
over
de
geheele
wereld
. ¶ 彼は普く賞贊
hij
werd
algemeen
geprezen.
amari
・
餘り
(
余り
) zn. (1) [以上] meerdere o.;
overmaat
v. (2) [殘餘]
rest
v.; restant v.; overschot o.; teveel o. (3) [差額] saldo o. ¶ 悲しさの
餘り
overmaat
van
smart
. ¶ 四十
餘り
over
de veertig. ¶
食事
の
餘り
overblijfselen
van
eten
. ¶
餘り
はお前に
やる
je
mag de
rest
houden
. (俗)
laat
maar
zitten
. ¶
餘り
の resteerend;
waardeloos
.
amari
・
餘り
(
余り
) vz. & bw. (1) [
より
以上]
meer
dan
;
over
;
boven
. (2) [過度に]
te
;
al
te
; tezeer;
erg
;
over
. (3) [差程]
zeer
;
bijzonder
;
zoozeer
......,
dat
;
zoo
......dat. ¶
餘り
……ない
niet
erg
;
niet
zeer
;
niet
bijzonder
; zelden. ¶
餘り
高くて手が屆かぬ
zoo
hoog
,
dat
men
er
niet
bij
kan
. ¶ そりゃあんまりだ
dat
is een beetje
te
erg
.
amasu
・
餘す
(
余す
) t.w. overlaten. ¶
餘す
所一日となった er is
nog
maar
een
dag
over
.
anjiru
・
案じる
t.w. (1) [考へる]
denken
over
; overdenken;
nadenken
over
. (2) [工夫
する
] t.w. uitdenken;
bedenken
;
verzinnen
. (3) [心配
する
]
ongerust
zijn
over
;
zich
bezorgd
maken
over
. ¶ 案じ煩ふ
doodelijk
ongerust
zijn
.
ashizamani
・
惡樣に
(悪し様に) bw.
ongunstig
; afbrekend. ¶ 人に惡樣に
言ふ
zich
ongunstig
uitlaten
over
iemand
;
iemand
afbreken;
afureru
・
溢れる
i.w. overloopen;
overstroomen
; stroomde
over
(過去); is overgestroomd (過去分詞). ¶ 溢れる許りの
boordevol
.
ai
・
相
vnw.
elkander
;
elkaar
;
mekaar
; bn. wederzijdsch; bw.
wederzijds
;
over
en
weer
;
tezamen
;
samen
. ¶ 相信じる
elkaar
vertrouwen
. ¶ 相竝んで
行く
tezamen
gaan
.
yakusuru
・
扼する
t.w.
beheerschen
;
in
bedwang
houden
; i.w. de
baas
zijn
over
; Noot:
In
modern Japans: 扼す
yamagoshi o suru
・
山越をする
i.w.
over
een
berg
trekken
.
tsuite
・
就いて
(ついて) vz. (1) [關して]
met
betrekking
tot
; aangaande;
wat betreft
;
omtrent
;
van
; over;
voor
. (2) [每に]
per
. (3) [沿って]
langs
. (4) [共に]
met
. ¶ 是に就いて
wat
dit
betreft; hieromtrent. ¶ 一斤について五十錢 vijftig sen
per
kin
. ¶ 川について
行く
langs de
rivier
loopen
; de
rivier
volgen
. ¶ 兄について
行く
met
zijn
broer
meegaan
.
de
・
で
vz. (1) [
時間
の
場合
]
in
;
over
;
op
. (2) [
場所
の
場合
]
in
;
op
;
te
. (3) [手段の
場合
]
door
; door middel
van
;
per
;
met
. (4) [年齡の
場合
]
op
. (5) [材料の
場合
]
van
. (6) [乘物の
場合
] per;
met
. (7) [價格の
場合
]
voor
;
tegen
. (8) [
原因
の
場合
]
door
;
in
verband
met
;
naar
aanleiding
van
; wegens. (9) [用語の
場合
]
in
. ¶ 一箇月で出來ます het is
over
een
maand
klaar
. ¶ 銀座で
逢ふ
in
de Ginza
elkaar
ontmoeten
. ¶
東京
で
in
Tokyo
. ¶ バタビヤで op Batavia. ¶ の前で
voor
. ¶ の外で
buiten
. ¶ ひきで
door
protectie
. ¶
手紙
で
per
brief
. ¶
時間
で借りる
per
uur
huren. ¶ 斤で賣る
per
pond verkoopen. ¶ 廿歳で
op
zijn twintigste
jaar
. ¶ 木で
作る
van
hout
maken
. ¶
汽車
で
per
spoor
;
met
den trein. ¶ 一圓で賣る
voor
een
yen
verkoopen.
tegen
een
yen
verkoopen. ¶ 氣で
缺席
する
wegens
ziekte
afwezig
zijn
. ¶ 肺病で
死ぬ
aan tering
sterven
. ¶
蘭語
で
in
het
Hollandsch
.