日蘭辭典+

27 resultaten voor ‘programma’
日蘭辭典 (trefwoord)
seikō政綱
nittei日程
keikaku計畫
(計画) zn. (1) [計畫] plan o.; programma o.; onderneming v. (2) [考へ] overweging v. ¶ 計畫中 in overweging. ¶ 計畫する in overweging nemen; plan maken; ondernemen; entameeren.
SUPPLEMENT (trefwoord)
kyū
(na-adj) (1) plotseling; plots; opeens; onverwacht. ¶ 急にがブレーキをかけたので、フロントガラスにをぶつけた。 Kyū ni kare ga burēki wo kaketa no de, furontogurasu ni atama wo butsuketa. Omdat hij plotseling op de rem trapte stootte ik mijn hoofd tegen het voorraam. ¶ 急な客が来たので、そのテレビ番組が見れなかった。 Kyū na kyaku ga kita no de, sono terebi bangumi ga mirenakatta. Omdat ik onverwacht bezoek had kon ik dat programma niet kijken. (2) urgent; dringend. ¶ 急な用事〔急用〕が出来て、パーティに行けなくなった。ごめんなさい。 Kyū na yōji [kyūyō] ga dekite, pāti ni ikenaku natta. Omdat zich een urgente zaak voordeed kon ik niet naar het feestje gaan. ¶ この事態は急を要する Kono jitai wa kyū wo yōsuru De situatie is urgent. ¶ これは急を要する事態だ。 Kore wa kyū wo yōsuru jitai da. Dit is een urgente situatie. (3) snel; woest (water). ¶ 急なで泳ぐのは大変危険だ。 Kyū na kawa de oyogu no wa taihen kiken da. Het is enorm gevaarlijk om in een snelstromende rivier te zwemmen. ¶ 彼女は急に老け込んできた。 Kanojo wa kyū ni fukekonde kita. Ze werd snel oud. (4) steil (helling); scherp (bocht). ¶ 急な坂 Kyū na saka. Een steile helling; Een plotse daling. ¶ 道路はそこで急な右カーブになっている。 Dōro wa soko de kyū na migi kābu ni natte iru. De weg maakt daar een scherpe bocht naar rechts. (TTC) (yamasv)
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <programma>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
ショーshyoo (1) show; programma; (2) tentoonstelling; (3) Shaw; George Bernard [Iers-Brits toneelschrijver; 1856-1950]
スケジュールsukejuuru programma; schema; planning; agenda
チャンネルchanneru (1) kanaal; net; [oneig.] programma; [oneig.] omroep; [oneig.] zender; [oneig.] station; (2) [maatwoord voor communicatiekanalen]
プログラムpuroguramu (1) programma; uitzending; (2) programma; [fig.] menu; geheel van geplande activiteiten; (3) [comp.] programma; computerprogramma
メニューmenyuu (1) menu; menukaart; spijskaart; kaart; (2) programma
予定yotei plan; voornemen; programma; schema; planning; bestek; raming
出し物dashimono opvoering; stuk; nummer; act; [verzameln.] programma
取りtori (1) nemen; inning; (2) nemer; inner; (3) [variététheater] laatste act; laatste performer; [i.h.b.] topattractie; (4) programma-afsluiter; slotfilm; (5) [eufonisch voorvoegsel]
寸法sunpou (1) maat; afmeting; grootte; formaat; (2) plan; programma; schema; planning; opzet
手筈tehazu (1) plan; programma; regeling; schikking; afspraak; (2) voorbereiding; voorbereidsel; voorzorgen
教科kyouka (1) leervak; vak; (2) leerplan; leerpakket; cursus; programma; onderwijsprogramma; curriculum
日取りhidori (1) datum; af te spreken dag; (2) dagprogramma; programma
次第shidai (1) volgorde; programma; (2) omstandigheden; toedracht; (3) volgens ~; naar ~; op ~; al naargelang (van); afhankelijk (zijn) van; het ligt aan ~; het is aan ~; afhangen van; (4) zodra (als); zo gauw; meteen (als; toen ~); direct bij ~; na ~ [i.c.m. ren'yōkei van een dōshi]
演目enmoku stuk; nummer; [verzameln.] programma
献立kondate (1) menu; menukaart; spijskaart; (2) programma; plan; voorbereiding
番付 ; 番附banzuke (1) [m.b.t. kyōgen; theater; sumō enz.] affiche; programma; (2) ranglijst; lijst; (3) plaats op een lijst; ranking
番組bangumi (1) programma; uitzending; (2) programma; affiche
経営keiei (1) beheer; bestuur; leiding; management; bedrijfsvoering; administratie; (2) het ondernemen; bedrijf; (3) ontwikkeling; ontginning; exploitatie; (4) programma; plan; project
綱領kouryou (1) samenvatting; overzicht; synopsis; resumé; compendium; syllabus; (2) programma; raamplan; uitgangspunten; grondbeginselen; algemene grondslagen; hoofdlijnen
kou (1) touw; koord; kabel; tros; (2) basis; grondslag; grondbeginsel; programma; (3) [Jap.gesch.] pachter van de staatsinkomsten; tollenaar; (4) [biol.] klasse; (a) basis; grondbeginsel; hoofdlijnen; (b) hoofdafdeling; klasse
要綱youkou (1) grote trekken; hoofdpunten; hoofdgedachte; essentie; principes; (2) samenvatting; synopsis; (3) globaal plan; programma; program; prospectus
計画keikaku (1) plan; programma; onderneming; (2) overweging; (3) [maatwoord voor plannen]
kei (1) plan; planning; programma; schema; (2) list; krijgslist; truc; handigheid; strategie; intrige; samenzwering; (3) som; totaal; som van alle afzonderlijke bedragen; (4) meter; meettoestel; meetinstrument
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.66 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 23 treffers (zoekopdracht: 'programma', strategie: exact). 
2005-2021