日蘭辭典+

23 resultaten voor ‘reden’
日蘭辭典 (trefwoord)
gyaku
bn. (1) [反對] tegengesteld; omgekeerd. (2) [叛逆] oproerig. ¶ 逆壓 tegen-druk. ¶ 逆潮 tegenstroom. ¶ 逆動する achteruitgaan. ¶ 逆緣 ongeluk; noodlot; omgekeerde volgorde van overlijden; dood van de kinderenvoor de ouders. ¶ 逆風 tegenwind. ¶ 逆擊 tegenaanval. ¶ 逆比 omgekeerdereden. ¶ 逆比例の omgekeerd evenredig. ¶ 逆意 verraderlijke bedoeling. ¶ 逆上 stijgen van bloed naar de hersenen; duizeligheid (眩暈). ¶ 逆上する gek worden. ¶ 逆戾りする teruggaan. ¶ 逆に in tegengestelde richting; den anderen kant uit; verkeerd. ¶ 逆流 tegenstroom. ¶ 逆算する terugrekenen. 逆説 paradox. ¶ 逆心 verraderlijke bedoeling. ¶ 逆臣 verrader. ¶ 逆進 achterwaartsche beweging; achteruitgaan. ¶ 逆襲 tegenaanval. ¶ 逆提供 contra-offerte. ¶ 逆轉 omzetting. ¶ 逆轉する terugdraaien; omzetten. ¶ 逆徒 verrader. ¶ 逆睹 voorspelling. ¶ 逆運 tegenspoed; tegenslag; ongeluk. ¶ 逆運動 teruggang; acherwaartsche beweging. ¶ 逆産 omgekeerde geboorte; geboorte met de voeten vooruit.
rikutsu理窟
(理屈) zn. (1) [議論] redenering v.; argument o. (2) [道理] reden v. (3) [理論] theorie v. (4) [口實] voorwendsel o. (5) [屁理窟] spitsvondigheid v. ¶ 理窟が立つ gemotiveerd zijn; in de rede liggen. ¶ 理窟をつける een reden vinden. ¶ 理窟攻めにする met argumenten aanvallen.
sujiai筋合
(筋合い) zn. reden v.; redelijkheid v.
ikigai生甲斐
zn. nut van het leven. ¶ 生甲斐のない niet waard om te leven.
SUPPLEMENT (trefwoord)
misuteriiミステリー
(tevens: ミステリ;ミステリイ) (1) raadsel; mysterie; puzzel; onbegrijpelijke of wonderlijke zaak. (2) detective verhaal of roman. ¶ ミステリー・サークル een graancirkel. ¶ ミステリー小説 detectiveroman (推理小説). ¶ ミステリアス mysterieus. ¶ ビッグミステリー een groot raadsel. [2ch] ¶ 面白そうと思って一度は読み始めたものの、それぞれの理由で途中で読むのをやめてしまったミステリー作品挙げるスレです。 Een thread met mystery romans waarvan je dacht dat ze interessant zouden zijn en een keer in bent begonnen te lezen, [maar] om uiteenlopende redenen halverwege gestopt bent met lezen. [2ch]
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <reden>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
moto (1) gewezen ~; voormalig ~; oud-; ex-; emeritus ~; gepensioneerd ~; rustend ~; [mil.] ~ buiten dienst; [mw. Satō,] geboren [Tanaka enz.]; [afk.] gep.; [afk., mil.] b.d.; [afk.] em.; (2) もとだいとうりょう; (3) motodaitōryō; ; (1) oorsprong; begin; origine; beginpunt; bron; wortel; moeder; (2) iemands antecedenten; afkomst; roots; (3) grondslag; basis; (4) reden; oorzaak; grond; kern; wezen; (5) kulas; stootbodem; broek van kanon; (6) onderstam van boom; (7) kapitaal; hoofdsom; kostprijs; (8) vroeger tijden
生き甲斐 ikigai bestaansreden; bestaansgrond; bestaansbasis; reden; grond van bestaan; levenszin; raison d'être
曰く iwaku aldus; dixit; volgens; naar … beweert; luidens; ; reden; aanleiding; achterliggend verhaal
原因 genin (1) oorzaak; grondoorzaak; reden; aanleiding; predispositie; (2) factor; medebepalend element; omstandigheid; (3) bron; wortel; origine; oorsprong
wari (1) verhouding; ratio; [wisk.] reden; proportie; verhoudingsgetal; (2) percentage; (3) toewijzing; toekenning; allocatie; ; [kwantor die tien procent of een veelvoud daarvan aangeeft; cf. 一割]
割合 wariai relatief; betrekkelijk; verhoudingsgewijs; vergelijkenderwijs; naar verhouding; naar proportie; naar rato; ; verhouding; ratio; [wisk.] reden; proportie; percentage; verhoudingsgetal
jou (1) gevoel; emotie; (2) menselijkheid; inleving; betrokkenheid; attentheid; mededogen; medeleven; (3) liefde; gehechtheid; affectie; genegenheid; hart; (4) lust; begeerte; (5) smaak; charme; karakter; (6) toestand; gesteldheid; situatie; (7) reden; grond
根拠 konkyo grond; reden; basis; grondslag; [fig.] fundering; gezag; rechtvaardiging; staving; substantiëring
koto (1) ding; voorwerp; zaak; (2) zaak; aangelegenheid; affaire; omstandigheid; belang; (3) probleem; vraagstuk; kwestie; vraag; (4) feit; feitelijkheid; (5) omstandigheid; omstandigheden; toestand van een zaak; staat van zaken; toestand; situatie; (6) geval; (7) voorval; incident; onverwachte gebeurtenis; ongewone gebeurtenis; (8) ongeluk; ongeval; tegenspoed; pech; onheil; moeilijkheid; verwikkeling; (9) werk; werkzaamheid; ambtelijke werkzaamheid; functie; taak; opdracht; plicht; wat van iemand geëist wordt; (10) 10. oorzaak; motief; reden; beweeggrond; (11) 11. ervaring; ondervinding
整備する seibisuru (1) (voor)bereiden; in gereedheid brengen; klaarmaken; gereedmaken; prepareren; klaarleggen; gereedleggen; klaarzetten; gereedzetten; inrichten; uitrusten; equiperen; outilleren; toerusten; uitmonsteren; voorzien (van); [i.h.b.] ontwikkelen; [m.b.t. schip] reden; [m.b.t. schip] takelen; (2) onderhouden; in goede staat houden; servicen; in conditie houden; verzorgen
理由 riyuu (1) reden; het waarom; grond; aanleiding; oorzaak; argumenten [hebben om]; overweging; beweegreden; motief; [uit dien] hoofde; [uit] kracht [van]; [met] recht; (2) excuus; verschoningsgrond
様子 yousu (1) toestand; situatie; staat; omstandigheden; stand van zaken; gesteldheid; het hoe; (2) schijn; voorkomen; uiterlijk; aanblik; aanzien; karakter; air; uitzicht; indruk; habitus; (3) reden; grond; (4) teken; blijk; aanwijzing; symptomen
ne (1) wortel; (2) grondslag; oorsprong; roots; wortel; basis; oorzaak; (3) wezen; kern; (van) nature; grond; wezenlijke; (4) grond; reden
kado (1) grond; reden; (2) beschuldiging; telastlegging; aanklacht; (3) verdenking
比率 hiritsu verhouding; ratio; proportie; [wisk.] reden
r (bet. 1-3, 6) aaru (1) r; R; (2) [meetk.] r; straal; radius; [m.b.t. cirkel] halve middellijn; (3) [wisk.] r; verhouding; reden; (4) [nat.] R; röntgen; (5) [chem.] R; radicaal; (6) r.; rechts
所以 yuen reden; grond
誘因 yuuin motief; beweegreden; drijfveer; aanleiding; reden; grond
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.42 sec. jiten.nl: 5 treffers, warandict: 18 treffers (zoekopdracht: 'reden', strategie: exact). 
2005-2020