日蘭辭典+

16 resultaten voor ‘rijkdom’
日蘭辭典 (trefwoord)
zai
zn. rijkdom m.; goederen o.mv. ¶ 財を積む rijk worden.
zaihō財寶
(財寶) zn. rijkdom m.; schatten v.m.v.
hōfu豐富
(豊富) zn. overvloed m.; rijkdom m. ¶ 豐富な overvloedig.
furyoku富力
zn. hulpmiddelen o.mv.; rijkdom m.; hulpbron v.
itasu致す
t.w. (1) [行ふ] doen; verrichten. (2) [招來] te weeg brengen; veroorzaken. (3) [輸送] vervoeren; transporteeren. ¶ どう致しまして niet te danken. ¶ 失禮いたしました neem mij niet kwalijk. ¶ 致す een dienst bewijzen; zijn best doen voor. ¶ 致す zijn leven opofferen. ¶ は自ら禍を致したのだ hij heeft het aan zichzelf te wijten; het is zijn eigen schuld. ¶ 富を致す rijkdom vergaren.
fūki富貴
SUPPLEMENT (trefwoord)
ifuku威福
zn. Macht en rijkdom. Meer specifiek het aanwenden daarvan en middels de dwang van macht, overreding door autoriteit of de verlokking van fortuin, mensen laten gehoorzamen. ¶ 威福をほしいままにする ifuku wo hoshiimama ni suru (uitdr.) naar wens middels dwang of het aanwenden van rijkdom mensen laten gehoorzamen. ¶ …というものですから、家令が職権を悪用して威福を欲しいままにし、私腹を肥やすことに 注意なさらねばなりません。 ...to yū mono desu kara, karei ga shokken wo akuyōshite ifuku wo hoshiimama ni shi, shifuku wo koyasu koto ni chūi nasaraneba narimasen. Wegens het [vooraf] genoemde, dient men er attent op te zijn dat de rentmeester zichzelf zou [kunnen] verrijken door misbruik van zijn autoriteit en naar wens zijn macht en rijkdom aan te wenden (om zijn wil gedaan te krijgen).
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <rijkdom>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
豊富 houfu rijkdom; weelde; weelderigheid; overvloed; schat; weligheid; veelheid; opulentie; uberteit; copia
身代 shindai (1) vermogen; rijkdom; fortuin; bezit; eigendom; (2) leefomstandigheden; levensomstandigheden; levensonderhoud; bestaan; kostwinning; kost
豪華 gouka weelderig; luxueus; overvloedig; overdadig; rijk; prachtig; prachtlievend; luisterrijk; glansrijk; ; weelde; luxe; rijkdom; overdaad; prachtlievendheid; pracht; luister; glans; praal
takara (1) schat; [veroud., lit.t.] trezoor; (2) schatten; rijkdom; overvloed; [i.h.b.] geld; [i.h.b.] centen; [i.h.b., inform.] poen; [i.h.b., inform.] pegulanten; (3) [fig.] schat; [fig.] sieraad; [fig.] juweel; deugd; iets onvervangbaars; kostbaarheid; kleinood; kostbaar stuk; voorwerp van waarde
財産 zaisan eigendom; bezitting; bezit; goed; fortuin; vermogen; rijkdom
財貨 zaika geld en goed; rijkdom; fortuin; vermogen
san made in ~; vervaardigd in ~; afkomstig uit ~; uit ~; van ~ afkomst; van ~; ~ van geboorte; geboortig van; uit; ~ van origine; van ~ bodem; ; (1) het baren; het bevallen; bevalling; baring; partus; verlossing; geboorte; [fig.] kraambed [doorgaans door o お voorafgegaan]; (2) bakermat; geboorteplaats; origine; afkomst; afstamming; [fig.] wieg; (3) product; [m.b.t. personen] een geboren ~; [fig., m.b.t. personen] zoon; dochter van ~; ingeborene van ~; (4) fortuin; vermogen; rijkdom; bezit; middelen
富裕 fuyuu rijk; vermogend; kapitaalkrachtig; opulent; welgesteld; vermogend; gefortuneerd; bemiddeld; gegoed; [Belg.N.] begoed; goed bij kas; in goeden doen; ; (1) rijkdom; overvloed; weelde; opulentie; (2) Fùyù
裕福 yuufuku rijk; vermogend; welvoorzien; bemiddeld; welgesteld; welstandig; gezeten; gegoed; in bonis; à son aise; [Belg.N.] begoed; [Belg.N.] welstellend; ; overvloed; rijkdom; weelde; welvaart
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.94 sec. jiten.nl: 7 treffers, warandict: 9 treffers (zoekopdracht: 'rijkdom', strategie: exact). 
2005-2019