日蘭辭典+

30 resultaten voor ‘taak’
日蘭辭典 (trefwoord)
yakume役目
zn. taak v.; werk o.; ambtsplicht v.; functie v. ¶ お役目的に zonder veel zorg; omdat het nu eenmaal zijn plicht is. ¶ 役目柄で in qualiteit van; ambtelijk.
yakuwari役割
zn. rolverdeeling v.; verdeeling van werk; aanwijzing van ieders taak.
tantō擔當
(担当) zn. taak v.; opdracht v.; verantwoordelijkheid v. ¶ 擔當する taak aanvaarden; op zich nemen; zich belasten met.
shigoto仕事
zn. werk o.; arbeid (勞働) m.; taak () v. ¶ 仕事をする werken. ¶ 仕事日 werkdag. ¶ 仕事賃 werkloon; arbeidsloon. ¶ 仕事著 werkpak. ¶ 仕事嫌ひ arbeidschuw. ¶ 仕事werker. ¶ 針仕事 naaiwerk.
yōji用事
zn. zaken. v.mv ¶ 用事ある zaken hebben; bezig zijn; wat te doen hebben.
waza
(技、伎) zn. (1) [所] daad v.; handeling v.; werk o. (2) [職業] beroep o. (3) [技術] kunstgreep m.; kunstje o. ¶ それ容易ではない het is geen gemakkelijke taak. ¶ 人間業とは思へない geen menschenwerk; wonder. ¶ 彼奴のしたに相違ない natuurlijk heeft hij dat gedaan.
SUPPLEMENT (trefwoord)
ganbatte頑張って
Uitdr. Houd vol! Geef niet op! Zet door! Doorzetten! Volhouden! ¶ なら成功できるよ、がんばって。は見捨てない。 ♂ Jij kunt het echt wel, houd vol. Ik zal je niet in de steek laten. ¶ できるだけがんばってやってみます。Ik zal mijn uiterste best doen. ¶ はその難しい課題をがんばってやった。Hij bleef zijn best doen op die lastige lessen. ¶ 新しい仕事がんばってください。Zet hem op met je nieuwe baan / succes met je nieuwe baan.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <taak>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
タスクtasuku (1) taak; opdracht; karwei; (2) [comp.] taak
パートpaato (1) deel; onderdeel; (2) rol; taak; (3) partij [in een muziekstuk]; stem; (4) parttime; deeltijd; parttimer; deeltijdwerker [afkorting van pātotaimu パートタイム; pātotaimā パートタイマー]
ミッションmisshyon (1) opdracht; taak; missie; (2) missie; gezantschap; legatie; (3) [rel.] missie; zending; (4) zendingsschool; (5) [techn.] transmissie; overbrenging; versnellingsbak; (6) Mission [= stad in de Amerikaanse staat Texas]; (7) The Mission [= Britse film; 1986]
一仕事hitoshigoto (1) stuk werk; werkje; karwei; klus; taak; opdracht; (2) zwaar werk; pittige klus; lastig karwei; vervelend karweitje; hele opgave; hele kluif; geen sinecure
koto (1) ding; voorwerp; zaak; (2) zaak; aangelegenheid; affaire; omstandigheid; belang; (3) probleem; vraagstuk; kwestie; vraag; (4) feit; feitelijkheid; (5) omstandigheid; omstandigheden; toestand van een zaak; staat van zaken; toestand; situatie; (6) geval; (7) voorval; incident; onverwachte gebeurtenis; ongewone gebeurtenis; (8) ongeluk; ongeval; tegenspoed; pech; onheil; moeilijkheid; verwikkeling; (9) werk; werkzaamheid; ambtelijke werkzaamheid; functie; taak; opdracht; plicht; wat van iemand geëist wordt; (10) oorzaak; motief; reden; beweeggrond; (11) ervaring; ondervinding
仕事shigoto (1) werk; arbeid; karwei; klus; taak; affaire; zaak; opgave; bezigheid; werkzaamheid; (2) werk; baan; job; beroep; betrekking; emplooi; (3) [nat.; techn.] arbeid
任務ninmu plicht; taak; functie; missie
nin (1) opdracht; taak; missie; plicht; verantwoordelijkheid; (2) ambt; positie; betrekking; post; (a) opdragen; met een taak belasten; (b) overheidsambt; functie; (c) overlaten; laten
使命shimei (1) opdracht; taak; missie; (2) roeping; levenstaak
bun (1) deel; part; portie; (2) gedeelte; segment; (3) status; positie; plaats; stand; standing; hoedanigheid; capaciteit; (4) plicht; taak; (5) staat; omstandigheden; (6) veronderstelling; (7) soort; allooi; (8) enkel dat; (9) portie; dosis; hoeveelheid; (10) hoedanigheid; (11) -gehalte; (12) -tijd; (13) tiende; tiende deel; gedeelte; tien procent; (14) [oude lengtemaat] 0,1 sun 寸 [= ca. 3,03 mm]; (a) verdeling; opdeling; scheiding; (b) verduidelijking; (c) aftakking; apart deel; (d) bestanddeel; element; (e) tijdsgewricht; (f) attributie; plicht; (g) kwalificatie; hoedanigheid; positie; (h) staat; toestand; mate
務め ; 務tsutome plicht; verantwoordelijkheid; taak
mu plicht; taak; dienen als
宿題shyukudai (1) huiswerk; huistaak; schoolwerk; [Belg.N.; onderw.] taak; (2) onuitgemaakte zaak; onafgedane; onbesliste; onbeslechte kwestie; onopgelost vraagstuk; open vraag; issue
役割yakuwari (1) rolverdeling; rolbezetting; casting; taakverdeling; (2) rol; taak; plicht; functie; opdracht; verantwoordelijkheid; pakkie-an
役目yakume plicht; taak; functie; rol; opdracht; dienst; verantwoordelijkheid; pakkie-an
yaku (1) plicht; taak; functie; rol; opdracht; verantwoordelijkheid; pakkie-an; (2) (openbare) betrekking; (regerings)ambt; staatsbetrekking; post; positie [bij het Rijk]; officie; officium; [in zijn] hoedanigheid [van]; portefeuille; baan; job; dienst; (3) toneelrol; rol; (4) vroondienst; corvee; herendienst; hand- en spandienst; (5) cijns; schatting; tiend; belasting; recht; (6) [m.b.t. kaartspel; mahjong] roemer; roem in het kaartspel of bij mahjong; roemkaarten of -schijven; (7) menstruatie; maandbloeding; ongesteldheid; menses; maandstonden; (8) [maatwoord voor taken; functies; (toneel)rollen]
本分honbun (1) plicht; taak; (2) wezenskenmerk; wezenstrek; wezenlijke eigenschap; wezenlijk kenmerk
you (1) nut; bruikbaarheid; dienst; (2) gebruik; (3) taak; werk; boodschap; klus; karwei; (4) kosten; prijs; uitgaven; (5) (kleine en grote) boodschap; urine en poep; (a) voor; bestemd voor; bedoeld voor; ten gebruike van; ten behoeve van; ad; in usum
ni (1) lading; last; vracht; cargo; carga; vrachtgoed(eren); (2) last; pak; taak; verantwoordelijkheid
課題kadai (1) onderwerp; thema; (2) oefening; opgave; taak; opdracht; [i.h.b.] huiswerk; (3) probleem; vraagstuk; kwestie; (4) [maatwoord voor onderwerpen; thema's; opgaven]
負担futan last; draaglast; [jur.] modus; druk; bezwaar; belasting; onus; onera; [pregn.] taak; [pregn.] verplichting
seki (1) verantwoordelijkheid; plicht; verplichting; (a) ter verantwoording roepen; vermanen; (b) taak; plicht
責務sekimu plicht; verplichting; taak; verantwoordelijkheid
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.63 sec. jiten.nl: 7 treffers, warandict: 23 treffers (zoekopdracht: 'taak', strategie: exact). 
2005-2021