日蘭辭典+

20 resultaten voor ‘tijdperk’
日蘭辭典 (trefwoord)
ningen人間
zn. (1) [] mensch m.; menschelijk wezen o.; schepsel o. (2) [人類] menschheid v. (3) [世間] de wereld v. ¶ 人間時代 het tijdperk van de mensch. ¶ 人間以上の bovenmenschelijk. ¶ 人間らしい menschelijk. ¶ 人間にする een man maken van. ¶ 人間の menschelijk; stervelijk. ¶ 人間嫌ひ menschenhater; misanthroop. ¶ 人間世界 de menchenwereld. ¶ 人間業 menschelijk werk; menschenwerk.
ki
zn. (1) [時代] tijdperk o.; periode v. (2) [期間] termijn m. (3) [段階] stadium o.
toki
zn. (1) [時間] tijd m.; uur o. (2) [瞬間] oogenblik m. (3) [期] tijd m.; gelegenheid v. (4) [場合] geval o. (5) [時代] periode v.; tijdperk. (6) [季節] seizoen o. (7) [期限] termijn m.(8) [文法の] tijd m. ¶ 十の op tienjarigen leeftijd. ¶ に應じて al naar het uitkomt. ¶ に合ふ gelegenheid afwachten. ¶ を待つ tijd besteden. ¶ を誤らずに來る stipt op tijd komen. ¶ 外れの ontijdig; ongelegen. ¶ の toenmalig; van dien tijd. ¶ に toen; als; wanneer. ¶ 丁度よいに juist bij tijds. ¶ 私が子供のに toen ik nog een kindwas; in mijn jeugd. ¶ には in geval van; gesteld, dat ...... ¶ としては soms; van tijd tottijd.
yo
zn. (1) [世間] wereld v. (2) [時代] tijdperk o.; tijd m.; eeuw v. (3) [生涯] leven o. (4) [公衆] het publiek o. ¶ 此 deze aardsche wereld. ¶ あの世 het hiernamaals. ¶ 渡る vooruitkomen in de wereld. ¶ 厭ふ levensmoede zijn. ¶ に知られぬ onbekend. ¶ に後れる bij zijn tijd ten achter zijn; niet met den tijd meegaan. ¶ を早くする jong sterven. ¶ 惡い de tijden zijn slecht. ¶ 德川のに onder de regeering der Tokugawa’s ¶ を驚かす de wereld verstomd doen staan. ¶ 合ふ in de smaak vallen van het publiek.
zensei全盛
zn. bloeitijd m; ¶ 全盛時代 gouden eeuw.
sekki石器
(石器) zn. steenen gereedschap o. ¶ 石器時代 het steenen tijdperk.
SUPPLEMENT (trefwoord)
kagon過言
(znw) (1) overdrijving. ¶ …といっても過言ではない ...to itte mo kagon de wa nai Het is geen overdrijving te stellen dat... ¶ 時代だと言っても過言ではないIma wa kuruma no jidai da to itte mo kagon de wa nai. Het is geen overdrijving om te stellen dat dit het tijdperk van de auto is. (TTC) (2) verspreking.

NB De woorden kagon 過言 en kagen 過言 lijken tegenwoordig samen te vallen. Weliswaar geven sommige woordenboeken subtiele verschillen in betekenis, maar wisselt het welke nuances aan welk woord worden toegekend. De variant kagen 過言 lijkt minder gangbaar. Volgens KNJED4 is kagon 過言 schrijftaal. (1) → iisugi 言い過ぎ (2) → iiayamari 言い誤り.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <tijdperk>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
エイジeiji (1) leeftijd; (2) tijdperk
一世issei (1) regeerperiode; regeringsperiode; tijdperk; (2) tijd waarin iemand leefde; iemands tijd; bestaan; generatie; (3) de eerste; I [ter onderscheiding van iemands latere naamgenoten]; (4) eerste generatie nieuwkomers
世の中 ; 世間yononaka wereld; het leven; tijden; tijdperk
世紀seiki (1) eeuw; [w.g.] century; (2) tijd; tijdperk; (3) [maatwoord voor eeuwen]
yo (1) mensenleven; leven; levensduur; levenstijd; generatie; (2) tijdperk; tijd; era; [i.h.b.] heerschappij; regering; (3) familiehoofdschap; patriarchaat; (4) [boeddh.] leven; bestaan; existentie; (5) [boeddh.] lekenbestaan; lekenwereld; seculiere; profane wereld; (6) samenleving; maatschappij; leven; wereld; (7) maatschappelijke positie; stand; (8) tijdsgeest; tijdstroom; trend; (9) levensonderhoud; kost; (10) periode; tijd; gelegenheid; moment; (11) land; rijk; (12) relatie; liaison; liefdesbetrekking
dai (1) tijd; generatie; [meton.] regeerperiode; regeringstijd; regering; bewind; beheer; (2) vervanging; substitutie; vervanger; compensatie; (3) plaatsvervanger; plaatsvervuller; remplaçant; substituant; substituut; opvolger; (4) prijs; waarde; kosten; tarief; -geld; -rekening; -nota; (5) [geol.] era; hoofdtijdperk van de geologische tijdschaal; (6) [Chin.gesch.] Daì [streek in het grensgebied van de huidige provincies Héběi 河北 en Shānxī 山西]; (7) [Chin.gesch.] Daì [door Tuòbá Yīlú 拓跋猗盧 gestichte Xiānbēi 鮮卑-staat (315-376)]; (8) dai [landmaat van 1; 50 tan 段 (± 1.188 m²)]; (9) -ste; -de [rangtelwoordelijk suffix voor leiders en regeerders]; (10) [benaderende aanduiding van een periode of leeftijd]; (11) [adressering] ten behoeve van …; [afk.] t.b.v. …; (a) vervanging; aflossing; assistent-; adjunct-; vervangend; waarnemend; loco-; (b) ruilmiddel; prijs; (c) generatie; regeerperiode; (d) historische periode; tijdperk; de jaren …; de …-er jaren; (e) tienjarige periode; decennium; -tiger; -tigjarige
年代nendai (1) ouderdom; datering; datum [in de geschiedenis enz.]; jaartal; (2) periode; tijdvak; era; jaren [zeventig; tachtig enz.]; tijden; tijdperk; tijd; (3) generatie; jaargang
年間nenkan (1) jaar; jaarkring; (2) [Meiji-; Shōwa- enz.] periode; jaren; tijd; era; tijdperk
時代jidai (1) de tijden; tijd; (2) tijdperk; periode; eeuw; tijdvak; era; epoque; (3) oude tijden; (4) [maatwoord voor tijdperken; periodes]
ki (1) periode; (2) anticipatie; verwachting; (3) tijdperk; tijdvak; (4) tijdstip
ki (1) Ki; (a) regel; bepaling; (b) registreren; (c) jaar; tijdperk; (d) kroniek; (e) [geol.] periode; geologisch tijdperk; (f) Nihonshoki; (g) provincie Kii
紀元kigen tijdvak; tijdperk; eeuw; epoque; era; tijd; tijdrekening; jaartelling
you (1) [plantk.] lob; (2) generatie; tijdperk; (3) [boeddh.] mandaat; ambtstermijn; (4) blad; (5) [maatwoord voor op een blad lijkende voorwerpen waaronder vellen papier; foto's; kaarten; briefkaarten; boekenleggers]; (6) [maatwoord voor bladzijden]; (7) [maatwoord voor stofjes]; (8) [maatwoord voor bootjes; schuiten]; (a) [plantk.] blad; (b) vel; [飛行機の] vleugel; (c) generatie; tijdperk
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.66 sec. jiten.nl: 7 treffers, warandict: 13 treffers (zoekopdracht: 'tijdperk', strategie: exact). 
2005-2021