日蘭辭典+

19 resultaten voor ‘uitbreiden’
日蘭辭典 (trefwoord)
kakuchō擴張
(拡張) zn. uitbreiding v.; vergrooting v. ¶ 擴張する uitbreiden; vergrooten.
urihirogeru賣廣げる
(売り広げる、売広げる) i.w. markt uitbreiden; afzetgebied vergrooten.
SUPPLEMENT (trefwoord)
kakudai拡大
zn. uitbreiding; vergroting; expansie; toename in omvang of aantal; verbreding. ¶ 拡大する kakudaisuru uitbreiden; vergroten; expanderen; toenemen; verbreden. ¶ 市場拡大 shijō kakudai marktvergroting. ¶ 投資拡大 tōshi kakudai toename in investeringen. ¶ 軍事拡大 gunji kakudai militaire expansie. 急拡大 kyūkakudai een plotse toename; een boom. ¶ 東方拡大 tōhō kakudai oostwaarste expansie. ¶ 需要拡大 jukyō kakudai een toename in vraag. 拡大された kakudaisareta vergroot; 拡大図 kakudaizu een vergroting; een detailbeeld. ¶ 彼は研究の対象を拡大した。 kare wa kenkyū no taishō wo kakudaishita。 Hij verbreedde zijn onderzoek [onderzoeksdoel]. (TTC) ¶ 当社の第一目標は南米市場を拡大することです。 honsha no daiichi mokuhyō wa nanbei shijō wo kakudaisuru koto desu. Ons primaire doel is het vergroten van de markt in Zuid-Amerika. (TTC) ¶ その都市は最近急速に拡大した。 Sono toshi wa saikin kyūsoku ni kakudaishita. De stad is recentelijk snel gegroeid [uitgebreid]. (TTC) ¶ 拡大コピーを撮ってくるよ。 Kakudai kopii wo totte kuru yo. Ik ga vergrootte kopieën maken hoor. (TTC) ¶ この顕微鏡は物を100倍に拡大する。 Kono kenbikyō wa mono wo haykubai ni kakudaisuru. Deze microscoop vergroot [dingen, objecten] honderd maal [keer]. (TTC)
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <uitbreiden>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
伸ばすnobasu (1) laten groeien; langer maken; lengen; uitrekken; uitstrekken; uitspinnen; extenderen; reiken; [w.g.] uitreiken; (2) gladstrijken; uitstrijken; effen maken; vlak leggen; strekken; [i.h.b.] strijken; rechtmaken; rechten; (3) aanlengen; verdunnen; dilueren; [een saus e.d.] lengen; dunner maken; (4) doen groeien; tot ontwikkeling brengen; [z'n talent e.d.] ontplooien; ontwikkelen; cultiveren; [de verkoop enz.] bevorderen; uitbreiden; uitbouwen; (5) vellen; neerslaan; vloeren; onderuithalen; knock-out slaan; tegen de vlakte slaan; [sportt.] neerleggen
伸長するshinchousuru (1) groeien; toenemen; groter worden; (2) vergroten; vermeerderen; uitbreiden; ontwikkelen; expanderen; verlengen
加えるkuwaeru (1) [wisk.] optellen; bij elkaar tellen; (2) toevoegen; bijvoegen; (3) doen toenemen; meer laten worden; vermeerderen; verhogen; groeien; uitbreiden; (4) meerekenen; meetellen; incalculeren; (5) laten meedoen; laten deelnemen; (6) (een slag; schade; etc.) toedienen; (een belediging) naar het hoofd slingeren
増す ; 益すmasu (1) toenemen; groeien; aan [invloed; kracht enz.] winnen; meerderen; vermeerderen; aangroeien; aanzwellen; stijgen; rijzen; [体重が] aankomen; (2) (nog) meer dan ~; boven ~ [in de constructie ~ ni mashite ~にまして of ~ ni mo mashite ~にもまして]; (3) doen toenemen; aanwakkeren; verhogen; vergroten; vermeerderen; uitbreiden; opvoeren; opdrijven
増やすfuyasu vergroten; verhogen; opslaan; optrekken; opvijzelen; versterken; uitbreiden; opvoeren; vermeerderen; vermeren; doen stijgen; doen toenemen; aankweken; verruimen; uitbouwen; amplificeren
増大するzoudaisuru (1) toenemen; groeien; aangroeien; aanzwellen; aanwassen; stijgen; klimmen; oplopen; vermeerderen; groter worden; (2) doen toenemen; vergroten; groter maken; doen aangroeien; uitbreiden; vermeerderen; opvoeren
増設するzousetsusuru uitbreiden; uitbouwen; vermeerderen; meer … bouwen; vestigen; oprichten; installeren
大きくするookikusuru vergroten; groter maken; uitbreiden; verruimen; vermeerderen
広げる ; 拡げるhirogeru (1) openspreiden; openvouwen; openslaan; openleggen; ontvouwen; ontplooien; uiteenvouwen; uitslaan; uitvouwen; [i.h.b.] uitpakken; [i.h.b.] ontrollen; (2) uitspreiden; uitbreiden; expanderen; uitstrekken; extenderen; (3) verwijden; verbreden; verruimen; vergroten; wijder maken; breder maken; ruimer maken; groter maken; (4) uiteenspreiden; uiteenbreiden; uiteenleggen; verspreiden (over); spreiden
広める ; 弘めるhiromeru (1) uitbreiden; verruimen; verbreden; vergroten; expanderen; extenderen; [veroud.; lit.t.] spreiden; (2) verspreiden; verbreiden; uitdragen; bekendmaken; propageren
en (a) meer ruimte in beslag (doen) nemen; (zich) verspreiden; (zich) uitbreiden; (b) meer tijd in beslag (doen) nemen; (doen) uitlopen; uitstellen; (c) binnenbrengen
拡大するkakudaisuru vergroten; verspreiden; uitbreiden
殖やすfuyasu vergroten; verhogen; opslaan; optrekken; versterken; uitbreiden; opvoeren; vermeerderen; vermeren; doen stijgen; doen toenemen; aankweken; verruimen; uitbouwen; amplificeren
en (a) uitbreiden; uitspreiden; (b) in praktijk brengen; (c) opvoering; optreden
継ぎ足すtsugitasu toevoegen; aanzetten; uitbreiden; verlengen
膨張する ; 膨脹するbouchousuru zwellen; uitdijen; expanderen; aangroeien; toenemen; uitbreiden; (zich) uitzetten; aanzwellen; opzwellen; zich opzetten
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.54 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 16 treffers (zoekopdracht: 'uitbreiden', strategie: exact). 
2005-2022