日蘭辭典+

12 resultaten voor ‘vaarwel’
SUPPLEMENT (titelwoord)
tot ziens

(frase)(1) [tot ziens; dag; doei]

mata ne またね (Informeel; Letterlijk, “opnieuw hè”, implicerend: “Ik zie je later weer”).
jaa ne じゃあね (Informeel; Letterlijk, “wel, dus...”).
jaa, mata ne じゃあ、またね (Zie hierboven. Vergelijk het Nederlands: “Wel [dus], ik zie je later wel weer”).
sore ja それじゃ (Informeel; De implicatie is “tot ziens”, maar letterlijker bezien betekent het zoiets als “dit dus...” of “gegeven dit...”, of “wel, in dat geval...”) Sterker samengetrokken: son ja そんじゃ.
sore de wa それでは (Ietsje formeler dan sore ja, wat een samentrekking is van sore de wa).
baibai ばいばい (Naar het Engels bye-bye; vrij neutraal.)

NB let er op dat in deze transcriptie de letter “j” word uitgesproken als in het Engels /jeep/ (Nederlands /dzj/). Dus jaa ne is Nederlands /dzjaa nè/.

¶ Tot morgen mata ashita また明日.

In formelere situaties in de nederige rol, verontschuldigd men zich. Het idee van “dag” of “tot ziens” is geheel impliciet.
shitsuree shimasu 失礼します (Nederlands equivalent hiervan is “neem me niet kwalijk”; Letterlijker: “ik doe onbeleefd”).

Wanneer je afscheid neemt in een situatie waarin je klant bent is een van de bovengenoemde informele frases in orde. Beleefd zou zijn om tegen werkenden te zeggen o-tsukare-sama desu, wat equivalent is aan het Nederlands “werk ze!” maar dan beleefder. Je kunt het ook tegen collega’s zeggen bij afscheid.

(2) [tot ziens (voor langere tijd); vaarwel] sayoonara さようなら.

日蘭辭典 (trefwoord)
sayōnara左樣なら
(左様なら) tw. vaarwel!; goeden dag! tot weerziens!
arau洗ふ
(洗う) t.w. (1) [洗ふ] wasschen. ¶ 身體を洗ふ zich wasschen. ¶ 汚點を洗ひ落す vlekken uitwasschen. (2) [調査] nagaan; onderzoek doen. ¶ 足を洗ふ het leven der zonde vaarwel zeggen; op het rechte pad terugkeeren;
ketsubetsu訣別
(決別) zn. afscheid o. ¶ 訣別する afscheid nemen; vaarwel zeggen.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <vaarwel>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
送別 soubetsu afscheid; uitgeleide; [fig.] het uitzwaaien; [arch.] vaarwel
決別 ketsubetsu afscheid; vaarwel; verlating; scheiding
別れ wakare (1) afscheid; scheiding; het uiteengaan; vertrek; (2) vaarwel; gedag
名残 nagori (1) wat er overblijft; rest; resten; restant; restanten; overblijfsel; overblijfselen; spoor; sporen; (2) herinnering; aandenken; souvenir; (3) vaarwel; afscheid; vertrek; (4) afscheidspijn
失礼する shitsureisuru (1) onbeleefd zijn; ongemanierd zijn; lomp zijn; grof zijn; onhoffelijk zijn; onwellevend zijn; (2) afscheid nemen; gedag; vaarwel; goedendag; adieu zeggen; vertrekken; weggaan
告別 kokubetsu het afscheid nemen; afscheid; vaarwel; afscheidsgroet
左様なら sayounara tot ziens; tot weerziens; dag; dáág; goeiendag; goedendag; gedag; tot kijk; vaarwel; adieu; adios; tabee; doei; doeg; adie; hadie; adé; de groetjes; de groeten; de mazzel; hou je taai; [inform.] aju (paraplu); ajuus; [kindert.] dada; [kindert.] tata; dat was het dan; [in brief] liefs
あばよ abayo [inform., ♂] gegroet; tot ziens; tot kijk; doei; saluut; dag; dáág; vaarwel; adieu; tabee; [kindert.] dada
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.41 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 8 treffers (zoekopdracht: 'vaarwel', strategie: exact). 
2005-2020