日蘭辭典+

22 resultaten voor ‘veronderstellen’
日蘭辭典 (trefwoord)
atezuppō當てづっぽう
zn. bloote veronderstelling v.; een slag in de lucht. ¶ 當てづっぽうに in den blinde; op goed geluk.
sōzō想像
zn. verbeelding v.; veronderstelling (假想) v. ¶ 想像的 imaginair; in de verbeelding bestaand; ingebeeld. ¶ 想像する zich verbeelden; zich inbeelden; veronderstellen; aannemen; zich voorstellen. ¶ 想像し難い ondenkbaar. ¶ 想像鄕 droomenland; land der verbeelding. ¶ 想像説 hypothese. ¶ 想像妊婦 ingebeelde zwangerschap.
omou思ふ
(思う) i.w. (1) [考へる] denken. (2) [沈思] peinzen. t.w. (3) [志す] bedoelen. (4) [希望] hopen. (5) [懸念] vreezen. (6) [觀察] beschouwen. (7) 感ずる (8) [想像] veronderstellen. (9) [信じる] gelooven. (10) [豫期] verwachten. (11) [愛情] liefhebben. i.w. (12) [追想] zich herinneren. ¶ 思ふに mij dunkt. ¶ いゝと思ふ goed vinden. ¶ 正しいと思ふする doen, wat men meent, dat recht is. ¶ 何とも思はぬ niets geven om; zich niets aantrekken van. ¶ 我子を思ふ verlangen naar zijn kind.
gisuru擬する

t.w. (1) [假想] aannemen; veronderstellen. (2) [摸擬] nadoen. ¶ 北軍を以て侵入軍に擬する het noordelijke leger wordt verondersteld een vijandelijk invallend leger te zijn.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <veronderstellen>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
仮定するkateisuru veronderstellen; aannemen; [veroud.; Belg.N.; niet alg.] nemen
仮想するkasousuru zich verbeelden; zich voorstellen; zich indenken; zich imagineren; veronderstellen; aannemen; [gew.] zich inbeelden
仮設するkasetsusuru (1) tijdelijk oprichten; voorlopig installeren; (2) veronderstellen; aannemen
存じるzonjiru (1) denken; vinden; geloven; menen; houden voor; achten; beschouwen; aannemen; veronderstellen; (2) weten; kennen; begrijpen; bekend zijn met; beseffen; zich bewust zijn van; inzien
存ずるzonzuru (1) denken; vinden; geloven; menen; houden voor; achten; beschouwen; aannemen; veronderstellen; (2) weten; kennen; begrijpen; bekend zijn met; beseffen; zich bewust zijn van; inzien
察するsassuru (1) veronderstellen; vermoeden; de indruk krijgen; eruit opmaken; aannemen; achten; (2) voelen; gewaar worden; doorhebben; begrijpen; zich kunnen voorstellen; (3) meevoelen; meeleven; te doen hebben; begrip hebben voor
忖度するsontakusuru gissen; vermoeden; veronderstellen; onderstellen; inschatten; beoordelen
思うomou (1) denken; (2) geloven; overtuigd zijn; vast vertrouwen op; (3) geneigd zijn; de neiging hebben tot; (4) beschouwen als; bezien als; vinden dat; houden voor; (zich) aanrekenen als; menen; achten; veronderstellen ~ te zijn; (5) verwachten; hopen; rekenen op; voorzien; (6) vrezen dat; bang zijn dat; bevreesd zijn dat; (7) zich verbeelden; zich voorstellen; zich indenken; zich een beeld vormen van; (8) veronderstellen; aannemen; gissen; berekenen; er van uit gaan dat; (9) zich herinneren; (10) van plan zijn te; de intentie hebben te; (11) wensen; verlangen; willen; begeren; (12) geïnteresseerd zijn in; belangstelling hebben voor; (13) beminnen; liefhebben; verliefd worden op; verliefd zijn op; verlangen naar; (14) zich afvragen of; (15) verdenken van; wantrouwen; mistrouwen; verdenken te
想うomou (1) hopen; wensen; verwachten; voorzien; (2) gissen; vermoeden; raden naar; (3) veronderstellen; vooronderstellen; aannemen; uitgaan van; (4) zich herinneren; voor de geest roepen; voor de geest halen; voor zich halen; (5) sympathie voelen voor; sympathiseren met; een warm hart toedragen; genegenheid voelen voor; waardering gevoelen voor
想像するsouzousuru zich verbeelden; zich inbeelden; zich een beeld vormen van; zich voorstellen; zich indenken; zich imagineren; zich voor de geest halen; voor zich zien; [i.h.b.] vermoeden; [i.h.b.] raden; [i.h.b.; form.] bevroeden; [i.h.b.] veronderstellen
想定するsouteisuru veronderstellen; stellen; onderstellen; aannemen
憶測する ; 臆測するokusokusuru gissen; gokken; schatten; vermoeden; aannemen; veronderstellen; speculeren
推すosu (1) aanbevelen; aanprijzen; aanraden; adviseren; (als kandidaat) voordragen; (2) veronderstellen; aannemen; vermoeden
推定するsuiteisuru schatten; ramen; begroten; taxeren; gissen; aannemen; assumeren; vermoeden; veronderstellen; presumeren; stellen; prognosticeren (op)
推測するsuisokusuru raden; gissen; schatten; vermoeden; veronderstellen; supponeren; aannemen; opmaken; afleiden
推量するsuiryousuru (1) vermoeden; veronderstellen; [veroud.] onderstellen; gissen; raden; speculeren; als conjectuur opperen; (2) concluderen; besluiten; afleiden; aannemen; eruit opmaken; infereren; zich voorstellen
見受けるmiukeru (1) aannemen; veronderstellen; ervan uitgaan; inschatten; (2) aantreffen; zien; tegenkomen; opmerken; in het oog krijgen
見当が付くkentougatsuku zich voorstellen; zich een begrip vormen; veronderstellen; vermoeden
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.66 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 18 treffers (zoekopdracht: 'veronderstellen', strategie: exact). 
2005-2021