日蘭辭典+

21 resultaten voor ‘verstaan’
日蘭辭典 (trefwoord)
akiraka ni明かに
(明らかに) bw. (1) [明白] duidelijk; blijkbaar; klaarblijkelijk. (2) [輝く] helder. ¶ 明かになる duidelijk worden; blijken. ¶ 明かにする duidelijk maken; ophelderen; te verstaan geven.
wakaru解る
(解る、分かる、判る、分る) t.w. (1) [了解] begrijpen; weten; verstaan; onderscheiden; i.w. duidelijk zijn. (2) [露見する] aan den dag komen; blijken; aan het licht komen; ontdekt worden. (3) [理解がある] voor rede vatbaar zijn; intelligent zijn; royaal zijn (吝嗇でない). ¶ 意味が分る de beteekenis begrijpen. ¶ 解かって來る duidelijk worden; blijken. ¶ 解かりましたか begrijp je?; (俗) snap je? ¶ の言ふ事は解らない ik versta je niet; ik begrijp niet, wat je zegt. ¶ 確かな處は解かりません ik kan het niet met zekerheid zeggen. ¶ それで解った o, nu begrijp ik het. ¶ 言はんでも解かってゐる het spreekt vanzelf. ¶ 道が解かって居るか weet je den weg? ¶ あの人は譯が解ってる hij heeft gezond verstand.
mo
vw. & bw. (1) [も亦] ook. vw. (2) […も…も] zoowel als. (3) [も…もせぬ] noch. bw. (4) [とも] zelfs al ook; vw. indien. ¶ 孰れにても hoe het ook zij; of ... of niet. ¶ 英語蘭語もどっちも解る hij verstaat Engelsch zoowel als Hollandsch. ¶ もそこに居たのか ben jij er ook geweest? ¶ 昨日も今日もない gisteren noch vandaag. ¶ 降っても照っても of het regent of dat het mooi weer is ...... ¶ が降っても行きませう al regent het ook, ik ga toch. ¶ 早くも op zijn vlugst. ¶ 言ふも恐ろしいが hoewel het met spijt, het te moeten zeggen.
kikiwake聞分
(聞き分け) zn. oordeel des onderscheids; begrip o.; verstand o. ¶ 聞分のない niet voor rede vatbaar; onredelijk. ¶ 聞分ける begrijpen; verstaan; naar rede luisteren.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <verstaan>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
ryou (1) einde; slot; (a) eindigen; beëindigen; (b) duidelijk zijn; (c) inzien; begrijpen; verstaan
了解ryoukai (1) begrip; verstandhouding; verstand; bevatting; bevattingsvermogen; comprehensie; (2) instemming; toestemming; goedkeuring; akkoord; bewilliging; (3) [fil.] verstaan; Verstehen; (4) oké; [afk.] OK; begrepen; goed; in orde; akkoord; afgesproken; ja; all right; [無線通信で] Roger; ontvangen en begrepen
了解するryoukaisuru (1) begrijpen; verstaan; snappen; bevatten; vatten; (2) het eens worden; zich met elkaar verstaan; elkaar vinden; tot overeenstemming komen; (3) toestaan; toestemmen in; instemmen met; goedkeuren; akkoord gaan met; bewilligen; consenteren
分かるwakaru (1) begrijpen; verstaan; snappen; vatten; zien; inzien; beseffen; te weten komen; beetkrijgen; er achter komen; hoogte krijgen van; er wijs uit kunnen (worden); herkennen; onderkennen; kunnen volgen; begrijpelijk zijn; zich een begrip vormen van; (2) begrip kunnen opbrengen voor; begip tonen; begripvol zijn; redelijk zijn; (3) blijken (te zijn); duidelijk worden; aan het licht komen; vinden; weten; kennen; geïdentificeerd zijn; (4) waarderen; appreciëren; gevoel hebben voor; verstand hebben van; smaken
合点gatten (1) akkoord; instemming; goedkeuring; inwilliging; toestemming; goedvinden; (2) begrip; het begrijpen; verstaan; (3) vinkje; (4) waarderingsteken naast een gedicht
合点gaten (1) akkoord; instemming; goedkeuring; inwilliging; toestemming; goedvinden; (2) begrip; het begrijpen; verstaan
心得るkokoroeru (1) begrijpen; verstaan; inzien; bevatten; snappen; doorzien; kunnen volgen; (2) te weten komen; vernemen; kennis nemen van; ergens achter komen; (3) beschouwen als; houden voor; veronderstellen ~ te zijn; bezien als; aanzien als; (4) goedkeuren; instemmen met; toestemmen; toestemming geven voor; akkoord gaan met; akkoord zijn met; het eens zijn met
思い知るomoishiru beseffen; inzien; verstaan; zich realiseren
思い違いするomoichigaisuru verkeerd begrijpen; verstaan; misvatten; misverstaan; het verkeerd opvatten; het mis hebben; het verkeerde voorhebben
承知するshyouchisuru (1) begrijpen; weten; kennen; beseffen; inzien; onderkennen; snappen; verstaan; zich bewust zijn van; (2) instemmen (met); akkoord gaan; toestemmen (in); inwilligen; ingaan op; (3) toestaan; toelaten; goedkeuren; zijn fiat; goedkeuring geven aan; accepteren; over zijn kant laten gaan; [inform.] pikken
捕らえるtoraeru (1) vatten; pakken; grijpen; vangen; snappen; klissen; (2) te pakken krijgen; weten te vangen; [de kans] krijgen; [een idee] aangrijpen; bemachtigen; de hand leggen op; beetpakken; beetkrijgen; beetnemen; weten vast te leggen; [fig.] captiveren; (3) gevangennemen; arresteren; aanhouden; oppakken; inrekenen; [uitdr.] in de kraag vatten; [m.b.t. een bende] oprollen; [Barg.] schutten; (4) snappen; verstaan; komen achter [de waarheid enz.]; (kunnen) volgen; beethebben; begrijpen; bevatten; inzien; omvatten; (5) opvangen; zien; bemerken; gewaarworden; (6) aangrijpen; aanpakken; aandoen; roeren; ontroeren; treffen; raken; een diepe indruk maken op
捕捉するhosokusuru (1) grijpen; vangen; vatten; pakken; oppakken; gevangennemen; [レーダーで] opvangen; detecteren; (2) begrijpen; bevatten; snappen; vatten; verstaan
理解するrikaisuru (1) begrijpen; verstaan; bevatten; snappen; vatten; aanvoelen (dat); beetkrijgen; (2) begrip hebben voor; kunnen begrijpen; zich kunnen inleven in
納得するnattokusuru (1) instemmen (met); toestemmen (in); aanvaarden; aannemen; accepteren; goedvinden; [veroud.] bewilligen; zich laten welgevallen; (2) verstaan; begrijpen; genoegen nemen met
解すkaisu (1) begrijpen; verstaan; bevatten; snappen; vatten; hoogte krijgen van; doorgronden; doorzien; (2) opvatten; interpreteren; uitleggen; verklaren; duiden
解すgesu (1) begrijpen; verstaan; snappen; vatten; inzien; (2) begrijpen; verstaan; snappen; vatten; inzien; (3) oplossen; losmaken; (4) ontslaan; ontbinden; ontheffen; (5) aan een hogere instantie voorleggen
飲み込むnomikomu (1) slikken; inslikken; doorslikken; binnenkrijgen; opdrinken; indrinken; (2) opslokken; verzwelgen; verslinden; (3) [in de geest] opnemen; begrijpen; vatten; bevatten; snappen; verstaan; (4) [fig.] doorslikken; inslikken; verbijten; afbijten; onderdrukken
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.49 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 17 treffers (zoekopdracht: 'verstaan', strategie: exact). 
2005-2023