日蘭辭典+

23 resultaten voor ‘vraag’
日蘭辭典 (trefwoord)
neru寢る
(寝る) i.w. (1) [眠る] naar bed gaan; gaan slapen. (2) [病臥] het bed houden. ¶ を讀みながら寢る liggen lezen tot men in slaap valt. ¶ 寢て居る liggen te slapen; slapen. ¶ 寢て考へる ergens een nachtje over slapen. ¶ 商品が寢てゐる er is geen vraag naar dit artikel; de goederen liggen renteloos.
setsumon設問
zn. vraag v.; vraagstuk o.; probleem o.
ureyuki賣行
(売れ行き) zn. verkoopbaarheid v.; vraag o.; gereede afzet m.; vlotte verkoop m.
kyōkyū供給

zn. voorziening v.; levering v. ¶ 供給過多 te groote voorraad. ¶ 供給不足 tekort. ¶ 供給する leveren. ¶ 供給物 geleverde goederen; voorraad. ¶ 需要供給 vraag en aanbod.

SUPPLEMENT (trefwoord)
kakudai拡大
zn. uitbreiding; vergroting; expansie; toename in omvang of aantal; verbreding. ¶ 拡大する kakudaisuru uitbreiden; vergroten; expanderen; toenemen; verbreden. ¶ 市場拡大 shijō kakudai marktvergroting. ¶ 投資拡大 tōshi kakudai toename in investeringen. ¶ 軍事拡大 gunji kakudai militaire expansie. 急拡大 kyūkakudai een plotse toename; een boom. ¶ 東方拡大 tōhō kakudai oostwaarste expansie. ¶ 需要拡大 jukyō kakudai een toename in vraag. 拡大された kakudaisareta vergroot; 拡大図 kakudaizu een vergroting; een detailbeeld. ¶ 彼は研究の対象を拡大した。 kare wa kenkyū no taishō wo kakudaishita。 Hij verbreedde zijn onderzoek [onderzoeksdoel]. (TTC) ¶ 当社の第一目標は南米市場を拡大することです。 honsha no daiichi mokuhyō wa nanbei shijō wo kakudaisuru koto desu. Ons primaire doel is het vergroten van de markt in Zuid-Amerika. (TTC) ¶ その都市は最近急速に拡大した。 Sono toshi wa saikin kyūsoku ni kakudaishita. De stad is recentelijk snel gegroeid [uitgebreid]. (TTC) ¶ 拡大コピーを撮ってくるよ。 Kakudai kopii wo totte kuru yo. Ik ga vergrootte kopieën maken hoor. (TTC) ¶ この顕微鏡は物を100倍に拡大する。 Kono kenbikyō wa mono wo haykubai ni kakudaisuru. Deze microscoop vergroot [dingen, objecten] honderd maal [keer]. (TTC)
teishō提唱
(zn., suru-ww) (1) Het bepleiten [voorstellen; voorstaan; voorstellen; verdedigen; presenteren] van een zaak; voorstel; verdediging; presentatie. ¶ 提唱する teishōsuru [een zaak; iets] bepleiten; voorstaan; voorstellen; verdedigen; presenteren. ¶ 提唱者 teishōsha voorsteller; pleiter; verdediger; presentator. ¶ 彼の学説が初めて提唱されたは、それを信じなかった。 Kare no gakusetsu ga hajimete teishōsareta toki wa, dare mo sore wo shinjinakatta. Toen zijn theorie voor het eerst werd gepresenteerd vond die geen enkele steun. ¶ 電力不足対策のスーパークールビズとして、ポロシャツやアロハシャツの着用が提唱された。Denryokubusoku taisaku no sūpākūrubizu to shite, poroshatsu ya arohashatsu no chakuyō ga teishōsarete. In het kader van de Super Cool Biz maatregel voor het bestrijden van energietekorten werd het dragen van poloshirts en alohashirts [hawaïshirts] bepleit. [NB Cool Biz en later Super Cool Biz waren initiatieven van de Japanse overheid om bedrijven te stimuleren het mogelijk te maken om de airco op een lagere temperatuur zetten door werknemers zich luchtiger te laten kleden] (2) (a) Het uitleggen [verklaren; uiteenzetten; behandelen] van iets; uitleg; verklaring; uiteenzetting; lezing. (b) specifiek het uitleggen van de doctrines in Zenboeddhisme. ¶ 提唱する teishōsuru uitleggen; verklaren; behandelen; uiteenzetten. ¶ 禅家の提唱 Zenke no teishō Catechetische vraag voor meditatie in Zen.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <vraag>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
mon [-ste; de] vraag; [-ste; de] vraagstuk; [-ste; de] punt
問題 mondai (1) vraag; vraagstuk; probleem; opgave; kwestie; zaak; aangelegenheid; perikelen; (2) onderwerp; (discussie)punt; geschilpunt; (3) controverse; moeilijkheden; problemen; kritiek
求め motome (1) verzoek; vraag; aanvraag; (2) bede; smeekbede; dringend verzoek; aanzoek; (3) vordering; eis; claim
売れ行き ureyuki (1) verkoop; vraag; verkoopbaarheid; (2) vlotte verkoop; goede verkoop
需要 juyou [econ.] vraag; gading; aftrek; markt
質問 shitsumon vraag; ondervraging; interrogatie; [pol.] interpellatie
質疑 shitsugi vraag; [pol.] interpellatie
koto (1) ding; voorwerp; zaak; (2) zaak; aangelegenheid; affaire; omstandigheid; belang; (3) probleem; vraagstuk; kwestie; vraag; (4) feit; feitelijkheid; (5) omstandigheid; omstandigheden; toestand van een zaak; staat van zaken; toestand; situatie; (6) geval; (7) voorval; incident; onverwachte gebeurtenis; ongewone gebeurtenis; (8) ongeluk; ongeval; tegenspoed; pech; onheil; moeilijkheid; verwikkeling; (9) werk; werkzaamheid; ambtelijke werkzaamheid; functie; taak; opdracht; plicht; wat van iemand geëist wordt; (10) 10. oorzaak; motief; reden; beweeggrond; (11) 11. ervaring; ondervinding
請求 seikyuu eis; claim; vordering; maning; aanvraag; vraag; verzoek; aanzoek
設問 setsumon vraagstelling; vraag
問い toi (1) vraag; (2) vraagstuk; vraag; opgave; probleem
頼み tanomi (1) vertrouwen; geloof; [theol.] toeverzicht; (2) hoop; steun; toevlucht; (3) verzoek; vraag; gunst
dai [maatwoord voor titels, onderwerpen, vraagstukken]; ; (1) a. kop; begin; (2) b. titel; opschrift; (3) c. onderwerp; thema; vraagstuk; (4) d. opschrijven; noteren; (5) e. evaluatie; taxatie; ; (1) titel; opschrift; kop; hoofdje; (2) onderwerp; opgave; thema; topic (voor een verhandeling); (3) vraagstuk; opgave; probleem; vraag
注文 chuumon (1) bestelling; order; opdracht; leveringsopdracht; (2) verzoek; aanvraag; vraag; wens; verlangen; [i.h.b.] beding
要請 yousei verzoek; aanvraag; vraag
要求 youkyuu (1) vordering; eis; claim; opvraging; aanspraak; pretentie; opeising; vindicatie; (2) vereiste; verlangen; vraag; behoefte; de noden; het gevergde
願い negai (1) wens; verlangen; hoop; (2) verzoek; vraag; bede; smeekbede; gebeden; smekingen; (3) aanvraag; sollicitatie
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.53 sec. jiten.nl: 6 treffers, warandict: 17 treffers (zoekopdracht: 'vraag', strategie: exact). 
2005-2019