日蘭辭典+

21 resultaten voor ‘werkelijkheid’
日蘭辭典 (trefwoord)
jitchi實地
(実地) zn. praktijk v.; werkelijkheid v.; toepassing v.; uitvoering v. ¶ 實地に in de praktijk; in werkelijkheid. ¶ 實地經驗 praktsiche ervaring. ¶ 實地に行ふ uitvoeren.
jitsu
() zn. (1) [眞實] waarheid v.; werkelijkheid v.; ware toestand m. (2) [誠意] oprechtheid v. (3) [割算] factor m.; getal dat gedeeld kan worden op. ¶ を明かす de waarheid aan het licht brengen. ¶ を盡す oprechtheid toonen; vriendelijkheid bewijzen. ¶ は inderaad; feitelijk. ¶ を言へば om de waarheid te zeggen; ronduit gezegd; openhartig gesproken. ¶ werkelijk; waar; feitelijk. ¶ inderdaad; zeer (甚だ).. ¶ らしい aannemelijk; plausibel.
hontō本當

(本当) zn. waarheid v.; werkelijkheid v.; feit o. ¶ 本當の waar; werkelijk; echt. ¶ 本當に waarlijk; inderdaad; in ernst. ¶ 本當にする voor ernst opnemen; gelooven. ¶ 本當を言へば ronduit gezegd; eerlijk gezegd. ¶ 何時が本當です wat is de juiste tijd nu? ¶ 本當ですか is het heusch waar? ¶ 本當か知らぬ zou het waar zijn?

shinri眞理
(真理) zn waarheid v.; werkelijkheid v. ¶ 眞理の waar; waarachtig; werkelijk.
shinjitsu眞實
(真実) waarheid v.; werkelijkheid v. ¶ 眞實waar; waarachtig.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <werkelijkheid>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
リアリティriariti werkelijkheid; realiteit
リアリティーriaritii werkelijkheid; realiteit
事実jijitsu (1) feit; [Lat.] factum; feitelijkheid; werkelijkheid; realiteit; waarheid; (2) eigenlijk; feitelijk; in concreto; in facto; in feite; waarachtig; metterdaad; echt; werkelijk; in werkelijkheid; daadwerkelijk; inderdaad
ji (1) grond; aarde; bodem; (2) streek; land; (3) basis; fundering; grondslag; (4) natuurlijke huid; (5) ondergrond; grondlaag; fond; veld; (6) stof; weefsel; textiel; (7) aard; karakter; (8) grondtekst; (9) werkelijkheid; realiteit; feit; (10) [go] ingenomen gebied; (11) muzikale begeleiding bij Japanse dans; (12) [Jap.muz.] motief; (13) [shamisen-muz.] grondtoon; (14) [nō-theater] koorgezang; koorzang; koorlied; koorstuk; (15) jiai-recitatie [= intonering onder shamisen-begeleiding]; (a) grond; aarde; land; (b) streek; plaats; (c) [boeddh.] bhūmi [= stadium binnen iems. religieuze ontwikkeling]; (d) grondstof; onbewerkt materiaal; (e) aard; karakter; natuur
実際jissai (1) [boeddh.] bhūtakoṭi [= ultieme realiteit]; (2) realiteit; werkelijkheid; (bestaande) situatie; toestand; ware toedracht; feitelijkheid; (3) praktijk; praktische kant; (4) echt; inderdaad; werkelijk; waarlijk; (5) eigenlijk; feitelijk; in wezen; in feite; in werkelijkheid; in praktijk; daadwerkelijk
jitsu (1) substantie; (2) oprechtheid; eerlijkheid; (3) waarheid; werkelijkheid; realiteit; (4) resultaten
情実joujitsu (1) eigenbelang; partijdigheid; voortrekkerij; begunstiging; bevoordeling; bevoorrechting; (2) realiteit; werkelijkheid; (3) oprechtheid; eerlijkheid
有りari (1) bestaan; aanwezigheid; wezen; existentie; [form.] aanzijn; (2) bestaand; wezenlijk iets; wezen; entiteit; realiteit; werkelijkheid; (3) bestaan; zijn; (4) leven; ongedeerd zijn; (5) een leven leiden; (6) verstrijken; passeren; (7) zich bevinden; aanwezig zijn; bijwonen; (8) [世に~] het goed doen; succes hebben; welvaren; voorspoedig zijn; (9) opmerkelijk zijn; uitblinken; (10) […~] [drukt een duurzame toestand of durativiteit uit]; (11) […~] [koppelwerkwoordelijke functie]; (12) [お…~ ; ご…~] [drukt een honoratieve constructie uit]
本真honma (1) [Kansai-gew.] waarheid; werkelijkheid; (2) [Kansai-gew.] waar; waarlijk; werkelijk; echt
現在genzai (1) het heden; het nu; de tegenwoordige tijd; (2) (in de taalkunde) tegenwoordige tijd van het werkwoord; (3) werkelijkheid; realiteit; werkelijk bestaan; werkelijke toestand; waarheid; (4) nu; heden; tegenwoordig; heden ten dage; vandaag de dag
現実genjitsu werkelijkheid; realiteit; harde werkelijkheid; harde feiten
現実性genjitsusei (1) haalbaarheid; realiseerbaarheid; uitvoerbaarheid; doenbaarheid; bestaanbaarheid; (2) werkelijkheid; realiteit; actualiteit
utsutsu (1) werkelijkheid; realiteit; (2) normaliteit; (3) bewustzijn; waaktoestand
shin (1) waarheid; realiteit; feitelijkheid; werkelijkheid; (2) authenticiteit; waarachtigheid; echtheid
makoto waarheid; feit; realiteit; werkelijkheid
ma (1) het ware; waarheid; werkelijkheid; (2) oprecht ~; eerlijk ~; rechtvaardig ~; waar ~; (3) recht ~; juist ~; vlak ~; precies ~; exact ~; puur ~; zuiver ~; (4) gewone ~; echte ~ [prefix voor planten- en dierennamen]
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.59 sec. jiten.nl: 5 treffers, warandict: 16 treffers (zoekopdracht: 'werkelijkheid', strategie: exact). 
2005-2021