日蘭辭典+

11 resultaten voor ‘woonplaats’
日蘭辭典 (trefwoord)
tokoro處、所
(ところ) zn. (1) [場所] plaats v. (2) [住所] woonplaats v.; verblijfplaats v. (3) [位置] positie v. (4) [土地] streek v. (5) [] punt o. (6) [] ding o. (7) [] moment o. (8) [場合] gelegenheid v. ¶ hoewel. ¶ では voor zoover; in zooverre als. ¶ 僕の見るでは naar mijn oordeel; mijns inziens.
jūsho住所
zn. woonplaats v.; adres o. ¶ 法定住所 wettelijk domicilie. ¶ 住所不明 adres onbekend.¶ 住所姓名簿 adresboek.
kyojū居住
zn. verblijf o.; ingezetenschap v. ¶ 居住權 recht van verblijf. ¶ 居住者 ingezetene; inwoner. ¶ 居住する wonen; ingezeten zijn. ¶ 居住地 woonplaats.
bokkyo suru卜居する
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <woonplaats>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
住まい ; 住居sumai (1) huis; thuis; woning; verblijf; verblijfplaats; woonplaats; domicilie; vestigingsplaats; woonhuis; behuizing; huizing; onderkomen; [form.] woonstede; [meton.] adres; [meton.] huisadres; (2) leven; bestaan [vaak gebruikt als suffix]
住み処sumika (1) verblijf; verblijfplaats; woning; woonplaats; habitat; (2) hol; onderkomen; schuilplaats; [dierk.] leger
住居juukyo woonplaats; [form.] woonstede; residentie; verblijfplaats; vestigingsplaats; verblijf; behuizing; huis; woning; huizing; thuis
taku (1) huis; thuis; woning; verblijf(plaats); woonplaats; residentie; [voorafgegaan door -san ~さん] familie ~; (2) mijn man; [i.h.b.] ons gezin [term waarmee een echtgenote haar man aanduidt]; (3) u [steeds voorafgegaan door o お]
家宅kataku huis; woning; woonst; woonplaats; domicilie
宿りyadori (1) verblijf; onderkomen; onderdak; logies; accommodatie; (2) adres; woonplaats; verblijfplaats; vestigingsplaats; (3) schuilgelegenheid; schuilplaats; toevluchtsoord; beschutting; (4) [astrol.] huis; sterrenbeeld; teken van de dierenriem
宿 ; 屋戸 ; 屋外yado (1) herberg; hotel; logement; hostel; (2) onderkomen; onderdak; verblijf; verblijfplaats; logies; herberging; huisvesting; inwoning; (3) huisdeur; buitendeur; voordeur; portaal; ingang van een huis; deuropening; deurgat; (4) omgeving van de voordeur; [op de] drempel; [op de] stoep; voortuin; (5) huis; woning; domicilie; woonplaats; woonst; behuizing; (6) thuis; eigen huis; eigen haard; home; (7) heer des huizes; huisheer; mijnheer; mijn man [woord waarmee de vrouw des huizes aan haar man refereert]; (8) ouderlijk huis van een dienstbode; ouders van een huisbediende; patroon van een dienstbode; (9) verzamelpunt; trefpunt; ontmoetingspunt; verzamelplaats; ontmoetingsplaats; hol [van ontucht; gok-]; rendez-voushuis; (10) huis van bewaring te Edo; geishahuis
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.48 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 7 treffers (zoekopdracht: 'woonplaats', strategie: exact). 
2005-2022