Japans-Nederlands woordenboek van Peter Adriaan van de Stadt

日蘭辭典 Nichi-Ran jiten, 1934

grumpy himself Japans-Nederlands woordenboek, Nichi-Ran jiten, 1934
Home Help JPEG versie Laatste toevoegingen Maak woordenlijsten
7 resultaten voor ‘zijn’.
TREFWOORDEN¹
aru有る
(在る) i.w. (1) [存在] zijn; bestaan; voorkomen. (2) [所在] zijn; liggen; gelegen zijn. (3) [發生] gebeuren; plaats grijpen; plaats vinden; geschieden. (4) [機會が] zich voordoen. (5) [所有] t.w. hebben; bezitten. (6) [容量] meten; wegen; bevatten. ¶ 其の家は今ありますか bestaat dat huis nog? is dat huis er nog? ¶ 日本は支那の東に在り Japan ligt ten oosten van China. ¶ 此家には庭がある dit huis heeft een tuin. ¶ 私は金がない ik heb geen geld. ¶ 長さ三尺ある het meet drie voet; het is drie voet lang. ¶ 此處に激戰があった hier had een hevige veldslag plaats. ¶ 機會があれば als de gelegenheid zich voordoet.
TREFWOORDEN
bōkyaku忘却
zn. vergetelheid v. ¶ 忘却する vergeten; uit het geheugen bannen. ¶ 世間から忘却される in vergetelheid geraken; vergeten zijn. ¶ 自己の地位を忘却する zijn positie vergeten. ¶ 前後を忘却する zich vergeten.
irassharuいらっしゃる
i.w. (1) [居る在る] zijn. (2) [行く] gaan. (3) [来る] komen. ¶ いらっしゃい kom binnen. ¶ よくいらっしゃいました welkom. ¶ どこへいらっしゃるのですwaar gaat u heen? ¶ 山田様は在らっしゃいますか is mijnheer Yamada thuis?
jiyū自由
zn. vrijheid v. ¶ 自由競爭 vrije concurrentie. ¶ 自由國 vrij land. ¶ 自由行動を許す de vrije hand geven. ¶ 自由思想 vrije gedachte. ¶ 自由思想家 vrijdenker. ¶ 自由の身である eigen baas zijn. ¶ 自由を失ふ vrijheid van beweging verliezen. ¶ 自由なる vrij; ongehinderd; onbelemmerd. ¶ 自由にする zijn eigen zin volgen. ¶ 人を自由にする iemand naar zijn hand zetten; iemand laten doen wat men wil; iemand om den vinger winden. ¶ 自由貿易 vrij handel; vrijhandel. ¶ 自由廢業 bevrijding uit blanke slavernij. ¶ 自由放任 laissez-faire (佛語); non-interventie. ¶ 自由意志 vrije wil. ¶ 自由權 recht der vrijheid. ¶ 自由戀愛 vrije liefde. ¶ 自由選擇 vrije keuze. ¶ 自由主義 liberalisme; vrijzinnigheid. ¶ どうぞ御自由になさい doe alsof je thuis was. ¶ 妻君の自由になって居る onder de pantoffel zitten. ¶ 蘭語を自由に操る de Hollandsche taal beheerschen; het Hollandsch meester zijn; goed Hollandsch spreken.
kare
vnw. hij (男) m.; zij (女) v. ¶ 彼の zijn; haar (彼女の).
SUPPLEMENT
kare
vnw. (1) hij; hem. ¶ 毎朝朝食をとっている間、彼の犬は彼をじっと見つめていた。 Iedere ochtend terwijl hij ontbijt had staarde zijn hond hem aan. [ttc] (2) znw. vriend; vriendje (d.w.z. de man of jongen waar een vrouw of meisje mee gaat; verkering mee heeft). vgl. 彼氏 kareshi. ¶ 私の前の彼はポルトガル育ちでした。Mijn vorige vriendje was opgegroeid in Portugal. [ttc]

NB In klassiek Japans betekent 彼 kare ‘die persoon’ of ‘dat ding’. In het begin van de Meiji periode (1868-1912) werd dit woord gekozen om als equivalent te dienen voor het Engels ‘he’ (‘hij’). Lange tijd bleef dit gebruik beperkt tot de schrijftaal, maar tegenwoordig (1980-2009) komt kare ook voor in informele spreektaal. Niet in beleefde spreektaal, en sowieso is het nog steeds gebruikelijker om naar mensen te verwijzen middels hun naam of titel. Zie ook 彼女 kanojo. [Miura:102]


VOORBEELDEN
南博『日本の心理』908-16-20-50
[T]
忍從精神を、徹底的に説いたこの修養書を、益軒は『樂訓』とよんだのである。ではどんな目にあっても「一體人間とはこんなものだと思い我慢して」、怒らないで居て、「樂を得る」心境に達するには、どうしたらいいのか。それはあまり書いてない。とにかく我慢していればよいことがあるという、一種の結果論であって、それ以外に理由はない。
Het lesboek waarin Ekiken de geest van onderwerping grondig uitlegt heet /Instructies voor gemak/. Echter, wat moet je doen om voor elkaar moet krijgen dat je onder alle omstandigheden ‘dingen verdraagt met de gedachte dat mensen nu eenmaal zijn zoals ze zijn’, en zonder je op te winden een gemoedstoestand van ‘gemak bereikt’? Dat schrijft hij niet echt. Hij zegt dat je iets goeds zult hebben wanneer je op een of andere manier volhoudt - een soort redenatie die uitgaat van de uitkomst, anders dan dat is er geen verklaring.