日蘭辭典+

27 resultaten voor ‘zorgen voor’
日蘭辭典 (trefwoord)
mitori看護り
(看取り) zn. waken o.; verplegen o. ¶ 看取する waken; verplegen.
sewa世話
zn. (1) [援助] hulp v.; bijstand m.; steun m. (2) [斡旋] dienst m.; bemiddeling v. (3) [世俗] dagelijksche leven o. ¶ 世話する helpen; bijstaan; steunen; dienst bewijzen; bemiddeling verleenen; zorgen voor. ¶ 大層御世話になる veel verplichting hebben; veel te danken hebben; veel verschuldigd zijn.¶ 子供の世話をする voor de kinderen zorgen. ¶ 世話のやける lastig. ¶ 人に世話をやかす iemand veel last bezorgen. ¶ 世話に砕ける duidelijke taal spreken. ¶ 世話huiselijk tooneel. ¶ 世話huiselijk drama. ¶ 世話なしの gemakkelijk; eenvoudig. ¶ 世話commissie; hulpcomité; tusschenpersoon. ¶ 世話女房 goede huisvrouw. ¶ 世話commissie; provisie. ¶ 世話やき bemoeial. ¶ 世話好 bemoeizucht; bemoeial (人). ¶ いらぬお世話だ ik heb je hulp niet noodig; bemoei je er niet mee.
shikyū支給
zn. voorziening v.; verschaffing v. ¶ 支給する verschaffen; zorgen voor; voorzien van.
SUPPLEMENT (trefwoord)
yoroshikuよろしく、宜しく
bw. (1) goed; behoorlijk; geschikt; passend (2) [groeten overbrengen] ¶ ご家族によろしくお伝え下さいGokazoku ni yoroshiku otsutae kudasai. Doe alsjeblieft de groeten aan je gezin [familie]. ¶ お父さんによろしく。Otōsan ni yoroshiku. Doe de groeten aan je Pa. (3) [introducties, zorgen voor] ¶ こんにちは。は田中一郎です。よろしくお願いします。♂ Konnichi wa. Boku wa Tanaka Ichirō desu. Yoroshiku onegaishimasu. Hallo! Ik ben Ichiro Tanaka. Leuk jullie te ontmoeten (lett. [behandel] mij behoorlijk). ¶ 息子をよろしくお願いします。 Musuko wo yoroshiku onegaishimasu. Zorg alstublieft goed voor mijn zoon.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <zorgen voor>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
世話するsewasuru (1) zorgen voor; zorg dragen voor; omkijken naar; omzien naar; hoeden; onder zijn hoede nemen; behartigen; verzorgen; passen op; letten op; toezien op; zich ontfermen over; zich bekommeren om; zich bemoeien met; helpen; (2) iem. helpen aan; iem. ~ aan de hand doen; iem. ~ in handen spelen; iem. laten kennismaken met; een ~ voor iem. vinden
介抱するkaihousuru verplegen; verzorgen; zorgen voor
仕えるtsukaeru dienen bij; in dienst zijn van; bedienen; ten dienste staan; werken voor; bijstaan; verzorgen; zorgen voor
労るitawaru (1) rekening houden met; begrip tonen voor; zorgzaam zijn voor; zorgen voor; soigneren; letten op; zich bekommeren om; omzien naar; zich bekreunen om; zich ontfermen over; voorzichtig zijn met; ontzien; (2) appreciëren; naar waarde schatten; waarderen; zich erkentelijk tonen jegens
厭うitou (1) haten; verafschuwen; verfoeien; opzien tegen; niet houden van; niet leuk vinden; gruwen van; walgen van; een afkeer hebben van; een hekel hebben aan; een tegenzin hebben in; erop tegen zijn; onwillig zijn; verachten; (2) goed verzorgen; zorg dragen; zorgen voor; letten op; passen op; (3) [i.h.b.] [世を] intreden; priester; bonze; geestelijke worden
巻き起こすmakiokosu (1) [砂塵を] doen opwaaien; (2) veroorzaken; zorgen voor; creëren; baren
引き取るhikitoru (1) terugnemen; (terug) overnemen; (2) vorderen; opvorderen; terugvorderen; terugeisen; reclameren; aanspraak maken op; claimen; opvragen; (3) zich belasten met; verantwoordelijkheid opnemen voor; onder z'n hoede nemen; zorgen voor; instaan voor; [話を] beantwoorden; antwoorden op; (4) [息を] sterven; z'n laatste adem(tocht) uitblazen; de laatste snik geven; de geest geven; (5) weggaan; zich terugtrekken; zich verwijderen; heengaan; verlaten; vertrekken; (6) [mil.] zich terugtrekken; aftrekken; de aftocht blazen; afrukken
引き受ける ; 引受ける ; 引き請ける ; 引請けるhikiukeru (1) op zich nemen; aannemen; overnemen; ondernemen; ter hand nemen; aanvaarden; accepteren; voor zijn rekening nemen; tekenen voor; zich verplichten tot; zich belasten met; [i.h.b.] zorgen voor; (2) instaan voor; garanderen; waarborgen; borg staan voor
御世話する ; お世話するosewasuru (1) helpen; bijstaan; ondersteunen; een helpende hand bieden; (2) een dienst verlenen; een dienst bewijzen; bemiddelen; bemiddeling verlenen; interveniëren; (3) zorg dragen voor; zorgen voor; toezien op; moeite doen voor; onder zijn hoede hebben
心配するshinpaisuru (1) bezorgd zijn; zich bezorgd maken (over); zich ongerust maken (over); zich zorgen maken; [inform.] prakkeseren; zich bekommeren; bekommerd zijn; beduchten; erover inzitten; bang zijn (dat); (2) zorgen voor; behartigen; zich ontfermen over; zich bekommeren om
手掛けるtegakeru (1) aanpakken; de hand slaan aan; ondernemen; zich toeleggen op; behandelen; zich bezighouden met; ervaring hebben met; (2) grootbrengen; opvoeden; opbrengen; zorgen voor; zorg dragen voor
接するsessuru (1) grenzen (aan); aanliggen (tegen); palen (aan); liggen (aan); reiken tot aan; komen tegen; belendend; contigu; naburig zijn; (2) zich bezighouden met; behandelen; omgaan met; omspringen met; [m.b.t. clientèle] bedienen; dienen; zorgen voor; (3) in aanraking; contact komen met; te maken krijgen met; ontmoeten; ervaren; tegen het lijf lopen; stoten op; stuiten op; vinden; aantreffen; tegenkomen; betrokken raken bij; [een ongeval enz.] krijgen; [m.b.t. nieuws] vernemen; (4) [ook m.b.t. wisk.] raken (aan); aanraken; (5) in aanraking; contact brengen met; aanbrengen; zetten; plaatsen tegen
提供するteikyousuru aanbieden; bieden; leveren; verschaffen; voorzien van; zorgen voor; aanreiken; aanvoeren; aandragen; ter beschikking stellen; van dienst zijn met; ten dienste stellen van; [i.h.b.] doneren; [w.g.] fourneren
構うkamau (1) letten op; betrokken zijn; zorgen voor; bekommerd zijn om; te maken hebben met; (2) zich bemoeien met; storen; belemmeren; hinderen; raken; kunnen schelen; (3) zorgen voor [iemand]; onderhouden; steunen; (4) plagen; lastig vallen
気を遣うkiwotsukau zorgen voor; zorg dragen voor; aandacht besteden aan; passen op; letten op; zich bekommeren om; zich aantrekken; begaan zijn met; zich druk maken om
kyuu (a) toebedelen; uitdelen; (b) geven; (c) bezoldiging; (d) zorgen voor
育むhagukumu (1) bebroeden; broeden op; oppassen; zorgen voor; (2) grootbrengen; opvoeden; kweken; [niet alg.] opbrengen; (3) cultiveren; aankweken; koesteren
見る ; 看る ; 視る ; 観るmiru (1) zien; kijken (naar); [inform.] loeken; bekijken; bezien; aanzien; aankijken; gadeslaan; bezichtigen; beschouwen; [arch.] aanschouwen; [lit.t.] blikken; [Barg.] brillen; [Barg.] spannen; afgaande op …; getuige [het feit dat … enz.]; te oordelen naar …; uitgaande van …; (2) lezen; doorkijken; [新聞を] doorlopen; inzage nemen; inzien; naslaan [in een woordenboek e.d.]; raadplegen; consulteren; nazien; nagaan; checken; controleren; (3) ervaren; meemaken; ondervinden; beleven; (4) zorgen voor; verzorgen; passen op; letten op; toezien op; behartigen; waken over; toezien op; verplegen; [面倒を] zich aantrekken; (5) [iets bij wijze van proef doen]; (6) als je zou …; mocht je …; [gew.] moest je … [eindigend op de partikels ば of と]; (7) nu …; nou …; in de zich thans voordoende situatie dat … [eindigend op het partikel ば]; (8) wanneer …; toen … [eindigend op de partikels ば of と]; (9) ware … het geval
見立てるmitateru (1) uitkiezen; kiezen; een keuze maken; uitpikken; selecteren; (2) diagnosticeren; de diagnose stellen; diagnostisch vaststellen; constateren; (3) oordelen als; achten; keuren; (4) voorstellen als; vergelijken met; op een lijn stellen met; beschouwen als; houden voor; (5) uitgeleide doen; uitzwaaien; (6) letten op; zorgen voor
見返るmikaeru (1) omkijken; omblikken; omzien; (2) omkijken naar; zorgen voor; zich bekommeren om; zich bekreunen om; zich aantrekken; (3) herbekijken; heroverwegen; opnieuw bekijken; overwegen; zich bedenken; van idee veranderen
面倒を見るmendouwomiru zorgen voor; zorg dragen voor; verzorgen; letten op; passen op; omzien naar; omkijken naar; verantwoordelijk zijn voor; behartigen
預かるazukaru (1) bewaren; houden; in bewaring nemen; in deposito nemen; in depot nemen; zorgen voor; zorg dragen voor; verzorgen; onder z'n hoede nemen; passen op; oppassen; letten; verantwoordelijk zijn voor; opvangen; [子供を] in de kost nemen; (2) beheren; het beheer voeren over; leiden; voeren; toezicht hebben op; (3) [けんかを] bemiddelen; intermediëren; settelen; afwikkelen; (4) inhouden; voor zich houden; nog niet bekendmaken; achterwege laten; [コメントを] zich onthouden van; nalaten; wachten met; opschorten; ervan afzien; (5) [sumō-jargon] [勝負を] onbeslist laten; (6) niet terugtrakteren; (7) renteloos lenen; (8) huren; pachten; in pacht nemen
養うyashinau (1) grootbrengen; opvoeden; kweken; (2) onderhouden; in het onderhoud voorzien van; voorzien in de levensbehoeften van; zorgen voor; (3) voeden; voeding geven; te eten geven; voederen; voeren; (4) adopteren; aannemen; (5) [病を] herstellen van; genezen van; er weer bovenop komen; weer bijkomen; zich (goed) verzorgen; (6) cultiveren; vormen; ontwikkelen; aankweken; opbouwen; [fig.] veredelen
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.79 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 23 treffers (zoekopdracht: 'zorgen voor', strategie: exact). 
2005-2021