日蘭辭典+

10 resultaten voor ‘zus’
SUPPLEMENT (titelwoord)
zus, zuster

[de, zussen; zusters] (1.a.a) [oudere zus(ter); mijn [onze] zus(ter)] ane (beleefheid: geen of nederig; richting: geschikt voor benoemen van de eigen zuster tegen tweede persoon; over een derde persoons oudere zuster (niet erend, niet beleefd); over een oudere zuster in algemene zin). ¶ 回転いいAne wa atama no kaiten ga ii. Mijn zus is vlot van begrip. 料理先生にして習いました。 Ryōri wa ane wo sensei ni shite naraimashita. Mijn zus heeft me koken geleerd. (TTC) (1.a.b.) [oudere zus; jongedame; aanspreekvorm serveerster] 姉さん anesan (algemeen of neutraal beleefd).

(1.b) [oudere zus(ter), uw [hun] zus(ter); aanspreekvorm serveerster] 姉さん neesan; お姉さん oneesan (beleefdheid: erend of algemeen beleefd; richting: over tweede of derde persoons oudere zuster; binnen wij-groep over of naar de eigen oudere zuster; in algemene zin); おちゃん oneechan (idem, maar meer familiair of vertroetelend). NB met name onder en naar kinderen worden deze vormen ook gebruikt om in algemene zin naar oudere zussen te verwijzen. ¶ メアリーは遊園地で一人で泣いている男の子を見つけて、やさしくをかけた。「ねえぼくどうしたの? 迷子になっちゃったの? おちゃんが迷子センターに連れてってあげようか?」 Mearii wa yūenchi de hitori de naite iru otoko no ko wo mitsukete, yasashiku koe wo kaketa. ‘Nee, boku, dōshita no? Meigo ni nattyatta no? Oneechan ga meigo-sentā ni tsurete tte ageyō ka?’ In het pretpark vond Mary een huilend jongetje. Met zachte stem sprak ze: ‘Hee, jongetje, wat is er aan de hand? Ben je je ouders kwijt? Zal ik [lett. de oude zus] je naar de informatiebalie brengen [lett. zoekgeraakte-kinderen-afdeling]?’ (TTC)

(2.a) [jongere zusje/zuster, mijn [onze] zuster/zusje] imōto (beleefheid: geen of nederig; richting: geschikt voor benoemen van de eigen zuster tegen tweede persoon; over een derde persoons jongere zuster (niet erend, niet beleefd); over een jongere zuster in algemene zin). ¶ の咲子ですと年子で、受験生ですImōto no Sakiko desu. Boku to toshigo de, ima jukensei desu. Dit is mijn zusje Sakiko. Ze minder dan een jaar jonger dan ik en studeert nu voor haar toelatingsexamens. ¶ をパーティーに連れて行きます。 Imōto wo paatii ni tsurete ikimasu. Ik neem mijn zus mee naar het feestje. (TTC) NB in een wij-groep noemen oudere broers en zussen hun jongere zuster alleen bij naam (dit vloeit voort uit de hiërarchie), omgekeerd spreken jongere broers en zussen hun oudere zussen normaal gesproken als姉さん oneesan aan. (Miura)

(2.b) [jongere zusje/zus(ter), uw [hun] zusje/zus(ter)] さん imōtosan (beleefdheid: erend of algemeen beleefd; richting: over tweede of derde persoons jongere zuster, of in algemene zin). ¶ 今度さんを連れていらっしゃい。 Kondo wa imōtosan wo tsurete irasshai. Neem de volgende keer je zus mee. ¶ さんによろしくね。 Imōtosan ni yoroshiku ne. Doe de groetjes aan je zus. (TTC)

(3) [zusters, zussen, zusjes] shimai; [oudere zus en jongere broer] 姉弟 kyōdai;[oudere broer en jongere zus] 兄妹 kyōdai; [broer en zus] 兄姉 kyōdai; [broers of broer en zus] 兄弟 kyōdai.

(4) [verpleegster] 看護婦 kangofu; [verpleger m/v] 看護士 kangoshi.

(5) [non] 修道女 shūdōjo; 修道尼 shūdōni; 尼僧 nisō.

日蘭辭典 (trefwoord)
nēsan姉さん
zn. zuster v.; meisje o.; juffrouw v.
imōto
zn. (jongere) zuster v. ¶ 妹分 stiefzuster. ¶ 妹婿 zwager. ¶ 妹娘 jongere dochter.
SUPPLEMENT (trefwoord)
sanさん
[samentrekking van sama ] (1) drukt respect of beleefdheid uit wanneer toegevoegd aan de naam of het beroep van een persoon. ¶ 田中さん Tanaka-san Meneer Tanaka. 課長さん Kachō-san. Afdelingshoofd; Chef. (2) drukt affectie uit wanneer toegevoegd aan namen van dieren en dergelijke. ¶ お家の中には、猫さんにとってどんな危険があるのかを、リストアップしてみました。 o-uchi no naka ni wa, neko-san ni totte donna kiken ga aru no ka wo, risuto-appu-shite mimashita. Ik heb een lijst gemaakt van welke gevaren er zijn voor ‘meneer de kat’ in z’n huis. NB uitgesproken als chan (ちゃん) is het een woord dat expliciet affectie of familiariteit uitdrukt bij zowel mensen als dieren ¶ 春子ちゃん。 Haruko-chan. Haruko. ¶ お姉ちゃん onee-chan [oudere] zus; zusje. ¶ おじいちゃんに買ってもらったんだー! Ojii-chan ni katte morattan daa! Opa heeft het voor mij gekocht! (3) drukt repect of beleefdheid uit wanneer toegevoegd aan een (zelfstandige vorm van) een woord dat met de ander in verband kan worden gebracht. ¶ お世話さん Osewa-san. Uw hulp; Uw zorg. ¶ ご苦労さまです。Gokurō-sama desu. Dank u wel voor uw inspanningen.
sugoi凄い
(すごい、スゴイ) bn. (1) afschrikwekkend; benauwend; gruwelijk; huiveringwekkend. ¶ すごいにらむ sugoi me de niramu met een ijselijke blik aanstaren; met een schrikaanjagende blik aankijken. (2) ongewoon; verbazend; opmerkelijk; bewonderenswaardig; geweldig; excellent; fameus; fantastisch; ongelooflijk; ongehoord; verbluffend. ¶ すごい腕前 sugoi udemae opvallend bekwaam. ¶ はすごい知識を持ったです。すなわち、生き字引ですKare wa sugoi chishiki wo motta hito desu. Sunawachi, ikijibiki desu. Hij beschikt over ongelooflijke kennis. Hij is een levende encyclopedie. (TTC) ¶ 姉さんはすごい美人だ。 Kare no neesan wa sogoi bijin da. Zijn zus is een opmerkelijke schoonheid. (TTC) (tevens als uitroep van bewondering of emotie) ¶ へー、キーボード見ないで文字打てるんだ。スゴイわねー。♀ Hèè? kiiboodo minaide moji uterun da. Sugoi wa nèè. Hé, jij kunt tikken zonder te kijken naar het toetsenbord. Cool zeg! (TTC) (3) (zowel in negatieve als positieve zin) in ongewone mate; excessief; extreem; vreselijk; bovenmatig; ontstellend; ontzettend; uiterst; verdomd; zeer; erg; groot (aantal). 半時間ほどすごい土砂降りだった。Hanjikan hodo sugoi doshaburi datta. Een half uur lang hadden we een vreselijke stortregen; Het was een ontzettende stortbui van een half uur. (TTC) bw. ¶ 今日はすごく暑いKyō wa sugoku atsui. Het is vandaag vreselijk warm. (TTC) ¶ が光に対してすごく敏感なのですMe ga hikari ni taishite sugoku binkan na no desu. Mijn ogen zijn enorm gevoelig voor licht. (TTC)
unazuku頷く
(iw) (1) een bevestigende of instemmende knik met het hoofd geven; instemmen (met). (2) het hoofd laten hangen. (3) (frase) …のも頷ける ...no mo unazukeru het is begrijpelijk dat...; het is geen wonder dat. ¶ 寂しい子供時代を慰めてくれた存在が櫻子ちゃんだったのかな…と思うと、あれだけを溺愛するのも頷ける。Sabisii kodomo jidai wo nagusamete kureta sonzai ga Sakurako-chan datta no ka na ... to omou to, aredake imōto wo dekiaisuru no mo unazukeru. Als ik erover nadenk dat het Sakurako was die zijn eenzame kindertijd verzachtte... dan is het geen wonder dat hij zijn zus zo verafgoodde. (twitter)
SUPPLEMENT (trefwoord)
broer

[de, -s] (1.a) [oudere broer; mijn [onze] broer] ani (beleefdheid: geen of nederig; richting: geschikt voor benoemen van de eigen broer tegen tweede persoon; over een derde persoons oudere broer (niet erend, niet beleefd); over een oudere broer in algemene zin (met name door volwassenen). ¶ の夫には、2人います。(そうは三男の嫁ですWatashi no otto ni wa, ani ga futari imasu. (Sō, watashi wa sannan no yome desu) Mijn man heeft twee oudere broers. (Ja, ik ben getrouwd met een ‘derde zoon’) ¶ 彼女に勝るとも劣らぬくらい英語上手だ。 Kanojo wa ani ni masaru to mo otoranu kurai eigo ga jōzu. In haar beheersing van het Engels doet ze op geen enkele manier onder voor haar broer. (TTC) さん anisan (algemeen of neutraal beleefd).

(1.b) [oudere broer, uw [hun] broer] さん niisan; おさん oniisan (beleefdheid: erend of algemeen beleefd; richting: over tweede of derde persoons oudere broer; binnen wij-groep over of naar de eigen oudere broer, of in algemene zin). おちゃん oniichan (idem, maar meer familiair of vertroetelend, Nederlands ‘broertje’ zonder de betekenis van kleiner of jonger). NB deze vormen kunnen ook in algemene zin gebruikt worden over iemands oudere broer en is dan algemeen beleefd (maar met name volwassenen kunnen ook kiezen voor ani). ¶ ちゃんのおごり niichan no ogori Mijn broer trakteert (twitter) ¶ ママ〜!あのお姉ちゃんとおちゃん、お手手繋いで、すっごく仲良しさんだね〜! Mamaaa! Ano oneechan to oniichan, otete tsunaide, suggoku nakayoshi-san da nee! Mamma [mammie], dat meisje en die jongen houden handen vast, ze zijn zeker heel goede vrienden [vriendjes]? (TTC)

(2.a) [jongere broer, mijn [onze] broer] otōto (beleefheid: geen of nederig; richting: geschikt voor benoemen van de eigen broer tegen tweede persoon; over een derde persoons jongere broer (niet erend, niet beleefd); over een jongere broer in algemene zin) ¶ 弟がやっと東大に入りました。 Otōto ga yatto Tōdai ni hairimashita. Mijn broer is eindelijk toegelaten tot de Universiteit van Tōkyō. (Miura) NB in een wij-groep noemen oudere broers en zussen hun jongere broer(s) alleen bij naam (dit vloeit voort uit de hiërarchie), omgekeerd spreken jongere broers en zussen hun oudere broers normaal gesproken aan als おさん oniisan ‘oudere broer’. (Miura)

(2.b) [jongere broer, uw [hun] broer] 弟さん otōtosan (beleefdheid: erend of algemeen beleefd; richting: over tweede of derde persoons jongere broer, of in algemene zin) ¶ 弟さんが東大にお入りになったそうですね。 Otōtosan ga Tōdai ni o-hairi ni natta sō desu ne. Ik heb gehoord dat uw [je] broer is toegelaten tot de Universiteit van Tōkyō. (Miura)

(3) [broers, broers en zussen] 兄弟 kyōdai. NB Verschillend in de schrijftaal: 姉弟 kyōdai oudere zus en jongere broer; 兄妹 kyōdai oudere broer en jongere zus; 兄姉 kyōdai broer en zus.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <zus>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
konokami (1) oudste zoon; eerstgeboren zoon; (2) oudere broer; zus; (3) oudere; ouder iemand; (4) clanhoofd; (5) hoofd; aanvoerder; leider
兄弟 kyoudai broers en zussen; broer; zus
姉さん neesan (1) (grote) zus; (2) juffrouw; jongedame; meid; juffie; meis(je) [aanspreekvorm zonder naam]; (3) juffrouw [tegen serveerster, dienster e.d.]; (4) geisha; dienster enz. met hogere anciënniteit
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 0.36 sec. jiten.nl: 7 treffers, warandict: 3 treffers (zoekopdracht: 'zus', strategie: exact). 
2005-2019